Het rijke roomse leven in brabant 1900-1970
Internaten

Mariahof aan de Bredaseweg was een juvenaat van de Broeders Penitenten van Huize Padua (Boekel), een congregatie die zich toelegde op de zwakzinnigenzorg. Op deze kostschool konden jongens de eerste fase in de opleiding tot broeder doorlopen. Deze opleiding werd vervolgd op het noviciaat van de broeders in Boekel.

De keuken voor heel Piusoord, dus voor patiënten, broeders, juvenisten en lekenverplegers, 1940 (foto: Fotografisch atelier J. Duppen, Gemert, collectie Erfgoedcentrum Nederlands Kloosterleven nr. 220057)

Juvenaat Mariahof in Tilburg maakte deel uit van een veel groter, gelijknamig kloostercomplex. Dat klooster was in 1938 ingewijd. De leerlingen van het juvenaat, de "juvenisten", woonden daar uiteraard niet. Zij werden gehuisvest in een nabijgelegen pand, in dezelfde bosrijke omgeving.

Oudere generaties mannen die op dit internaat hebben gezeten, zullen zich ook nog wel Sanatorium De Klokkenberg herinneren, dat van 1945 tot in 1953 op het terrein gevestigd was. In dat sanatorium werden tuberculosepatiënten verzorgd door de zusters Franciscanessen van Veghel. In 1953 verhuisde De Klokkenberg naar de Galderseweg in Breda, waar de instelling als Medisch Centrum werd voortgezet.

Maar met deze verhuizing was het nog niet gedaan met de zorgbestemming van klooster Mariahof in Tilburg. In 1954 opende op hetzelfde landgoed namelijk Huize Piusoord de deuren. Deze instelling was bedoeld voor de opvang en de verzorging van verstandelijk beperkte jongens. De zorg voor deze doelgroep is waar de Broeders Penitenten immers om bekend stonden.

Schaatsen op de vijver bij Mariahof, ca. 1965 (foto: collectie Erfgoedcentrum Nederlands Kloosterleven nr. 220067)
Leerlingen en docenten van Mariahof, 1964 / 1965. Achterste rij, geheel links, staat pater Blasius (kapucijn en rector van het juvenaat), vervolgens kapucijn, pater Mamertus en daarnaast broeder Daniël. Helemaal rechts staat broeder Robertus of Norbertus (leraar Juvenaat en regisseur van het jaarlijkse toneel) en daarnaast broeder Aloysius (surveillant). In het midden, achterste rij, staat broeder Patricius (directeur Juvenaat) en een stukje links daarvan staat nog een broeder die surveillant was. Namen van leerlingen van de groep: Theo Pluk, Gerritsen (twee broers), v.d. Ven, Arts, van Hest, van Gorp (van het waterleidingbedrijf achter Puisoord) en een zoon van de buurman die boer was. De laatste twee waren twee externe leerlingen. (Foto: collectie Erfgoedcentrum Nederlands Kloosterleven nr. 220029)

In de loop der tijd ontwikkelde Huize Piusoord zich tot een moderne en uitgebreide zorginstelling voor verstandelijk gehandicapten. In 1990 werd deze modernisering voortgezet onder toezicht van "Amarant".

Waarschijnlijk was het gebouw van Piusoord voor de internen van Mariahof verboden terrein, maar zij zullen het zich vast nog wel herinneren. Bovendien zullen er onder de juvenisten van Mariahof vast jongens zijn geweest, die later als broeder aan de slag gingen op dit "zwakzinnigeninstituut" - zoals de instelling vroeger wel werd genoemd. De meesten zullen echter, zoals ook bij andere broeder- en priesteropleidingen het geval was, tóch voor een lekenbestaan hebben gekozen.

Hoe heb jij internaat Mariahof ervaren? Reageer hieronder, deel je herinneringen en vul deze pagina aan! Foto's zijn ook van welkom en kunnen worden verzonden naar internaten@bhic.nl. Wij voegen ze dan hier toe.

Bronnen

Website Wiki Midden-Brabant, lemma's Huize Piusoord en Amarant

Reacties van oud-leerlingen (zie hieronder).

______________________

Terug naar Startpagina Mariahof

Terug naar Internatenkaart

______________________

Jan Witlox stuurde ons deze foto's:


1. Recreatiezaal van het Juvenaat Mariahof, Bredaseweg 568 Tilburg, jaartal onbekend

2. Broeder Theobaldus was directeur toen ik op het juvenaat kwam. Hij bezocht met zijn Renaultje aspirant-juvenisten. En wellicht ook hun pastoor om wat achtergrond te weten. Mijn vader werkte als tuinman bij de zusters in berkel. Daar informeerde hij ook naar mij.

3. Van 1954 tot juli 1958 was het juvenaat gevestigd in het hoofdgebouw van Piusoord, Bredaseweg 570 Tilburg.
Voorkant hoofdgebouw van Piusoord, Bredaseweg 570 Tilburg. De rechtervleugel was in gebruik door het Juvenaat Mariahof. Beneden recreatiezaal en refter. Boven slaapzalen en klaslokalen. Op de eerste verdieping aan de voorkant was de kapel, die naast de juvenisten ook gebruikt werd door de broeders, patiënten enz.

4. Achterkant van de zijgevel (links) en van de achterkant van het hoofdgebouw van Piusoord, Bredaseweg 570, Tilburg.  Rechts onder was de refter voor de broeders.

5. In september 1958 werd de nieuwbouw van het Juvenaat Mariahof op Bredaseweg 568 in gebruik genomen. Hier de voorkant.

6. De achterkant van het Juvenaat Mariahof, Bredaseweg 568 Tilburg met de kapel (boven) en gym- en toneelzaal (onder). De nieuwbouw was blijkbaar nog niet helemaal klaar. Een bouwvakker zit op het dak van de sacristie in de dakgoot te schaften. 

7. De kapel van Juvenaat Mariahof, Bredaseweg 568 Tilburg.

8. Bij de opening van het nieuwe Juvenaat Mariahof, Bredaseweg 568 Tilburg werd namens de (ouders van) de juvenisten het woord gevoerd door Jan Witlox, mijn vader. 

 

 

 

Jo van Ras stuurde deze klassenfoto met namenlijst uit 1960:

Jac Duis stuurde ons deze foto uit 1955:


Jac Duis staat rechts met vlinderdas
50

Reacties (50)

Jan Witlox zei op 12 maart 2019 om 10:34 uur

In 1957 ging ik naar Mariahof. Toen nog ondergebracht in het hoofdgebouw van Huize Piusoord (Bredaseweg 570, Tilburg). In die tijd werd het (nieuwe) juvenaat "Mariahof" gebouwd (Bredaseweg 568, Tilburg). Tijdens de wandelingen gingen we regelmatig kijken naar de "nieuwbouw". In 1958 werd het juvenaat "Mariahof" betrokken. Er werd veel gesport op het juvenaat. Wat op de foto als vijver wordt betiteld, was een geasfalteerd gedeelte waar normaal gesproken een aantal volleybalvelden waren. En 's-winters werd het opgespoten tot ijsbaan.
Als je de roeping volgde vertrok je na vier jaar vanuit het juvenaat naar het postulaat en noviciaat in Huize Padua in Boekel. In mijn tijd werd er op het juvenaat door de broeders zelf les gegeven: VGLO of Mulo. Broeder Robertus, rechts op de groepsfoto gaf o.a. Frans en Nederlands.

Marilou NillesenBHIC zei op 12 maart 2019 om 12:38 uur

Hartelijk dank voor je reactie, Jan. Was er voor jouw gevoel veel verschil tussen de oud- en de nieuwbouw? Heb je goede herinneringen aan die periode?

Jan Witlox zei op 12 maart 2019 om 13:45 uur

Ja, In de oudbouw was een gedeelte van het hoofdgebouw bestemd voor het juvenaat. Verder war er een gedeelte voor de broeders. Maar ook de broodkamer en keuken voor de hele instelling zaten in het hoofgebouw. Ik herinner me dat de vloeren van refter en recreatiezaal van linoleum waren. Als juvenisten deden we al het huishoudelijk onderhoud zelf. Op zaterdag was het "groot onderhoud". Met een aantal naast elkaar op de knieën met staalwol en boenwas proberen de zwaarte strepen van de rubberen schoenzolen te verwijderen. Als de boenwas droog genoeg was, dan met de boenblok aan de gang. Tenslotte met een stukje oude deken onder de boenblok de glans er op brengen.
In de nieuwbouw was alles veel ruimer, moderner. En met eigen sportvelden en zo.

Ik heb erg moeten wennen van een beschutte woonomgeving naar het dag en nacht in een grote groep leven. En je kwam in drie vakantie thuis. Naast de ouderdag waren er eigenlijk geen fysieke contacten met thuis.
Maar op den duur leerde je je weg wel vinden.

Nicasius zei op 15 maart 2019 om 18:35 uur

Waar geen melding van gemaakt wordt is dat tijdens de ontwikkeling cq. nieuwbouw van het Juvenaat te Tilburg, Juvenaat Mariahof te Breda was gevestigd op Wolfslaardreef 102. Hier heb ik 3 jaar in voorbereiding van het Noviciaat te Boekel m'n opleiding gehad.
Nicasius.

Christian van der VenBHIC zei op 16 maart 2019 om 09:02 uur

@Jan: Dat laatste, dat kan ik me voorstellen. Het is wel een heftige verandering natuurlijk, die een flink aanpassingsvermogen bij jonge mensen veronderstelt. Alsof je in een soort vrijwel afgesloten mini-maatschappij komt te leven. Dank voor je aanvullende informatie trouwens.

@Nicasius: We gaan eens zien of we dit verhaal nu nog iets kunnen uitbreiden. Inmiddels zijn er via de reacties al veel extra gegevens aangedragen. Dank voor jouw aanvulling!

Nicasius zei op 16 maart 2019 om 15:04 uur

Mijn 1e inzending werd niet in de rij van inzendingen geplaatst.
Wat is de reden hiervan ?
Nicasius.

Christian van der VenBHIC zei op 17 maart 2019 om 12:27 uur

@Nicasius: Oei, geen idee. Bij dit verhaal staan geen andere reacties van je opgeslagen dan welke online staan. Soms wil er nog wel eens eentje offline staan, bijvoorbeeld als die (ten onrechte) als 'spam' aangemerkt zou zijn. Maar ook dat is hier niet het geval. Ik vermoed dus dat er bij je eerdere reactie iets fout is gegaan.

De enige andere reactie die ik zo snel van je terug kan vinden, is bij dit verhaal: https://www.bhic.nl/ontdekken/verhalen/onzedigheid-loert-overal

Thijs de LeeuwBHIC zei op 18 maart 2019 om 08:47 uur

@ Nicasius: bedankt voor je reactie! Aan de hand van jouw opmerkingen zal het verhaal de komende tijd nog worden aangevuld.

Nicasius zei op 18 maart 2019 om 11:28 uur

In de jaren '50, de WO2 lag inmiddels 5 jaar achter ons, werd het economische leven gunstiger en werd er meer verdiend. In ons gezin van 11 personen kwam er dus meer geld binnen. In deze jaren bloeide het Roomse leven rijkelijk en dat was voor mijn ouders aanleiding om een zoon en/of dochter naar het klooster te laten gaan. Hiermee werd het aanzien bij de heren Geestelijkheid in onze dorpsparochie aanzienlijk opgevijzeld ! In ons gezin was ik bijna de jongste en werd ik als "vrijwilliger"aangewezen voor het kloosterleven. Het werd Juvenaat Mariahof te Breda waar ik 3 jaar de opleiding volgde voor het Noviciaat van de Broeders Penitenten te Boekel. Het studiegeld was 300.= gulden per jaar . Met het koffertje in de hand maakte ik als knaapje van 14 jaar de lange reis alleen naar Breda Juvenaat Mariahof, Wolfslaardreef 102. 3 Jaar lang en 300 dagen , 24 uren per dag weg van huis tegen mijn eigen wil.
Aansluitend hierop ging ik naar het Noviciaat Padua te Boekel. Wederom in opdracht van thuis. Maar na een jaar werd ik hier 18 jaar en verkoos ik de vrijheid. Thuis aangekomen werd ik niet vriendelijk ontvangen en ben nog dezelfde dag vertrokken om er niet meer terug te keren. Nú nog op 82 jarige leeftijd word ik nagenoeg dagelijks geconfronteerd met de traumatische ervaring in deze jaren opgedaan. Zie hier: Oorzaak en desastreus gevolg.

Jan Witlox zei op 19 maart 2019 om 11:34 uur

Gezien de ervaringen van "Nicasius" wil ik graag nog iets aan mijn reactie toevoegen. In mijn situatie was er zeker geen sprake van enige druk vanuit mijn ouders of omgeving. Zowel mijn keuze om naar het juvenaat te gaan en later naar het postulaat/noviciaat heb ik zelf gemaakt. Mijn ouders hebben meerder malen uitdrukkelijk gevraagd of ik het wel zeker wist en aan de consequenties had gedacht.
Achteraf kun je je hoogstens afvragen in welke mate je deze beslissingen op 12/16 jarige leeftijd kon overzien. Je stapte in een trein, die weliswaar bij meerderstations stopte, maar je ging voor de eindbestemming. En onderweg uitstappen deed je niet zomaar, daar kwam nog wel wat bij kijken.

Marilou NillesenBHIC zei op 19 maart 2019 om 12:40 uur

Bedankt Nicasius, voor je aangrijpende berichtje. Indrukwekkend om te lezen hoe een veertienjarige jongen er zo alleen voor stond, en die weg in zijn eentje heeft moeten gaan. Krachtig dat je als 18-jarige een andere keuze durfde te maken, ondanks de verstrekkende gevolgen hiervan. En dapper dat je na al die jaren hier je verhaal doet, dank daarvoor.

Beste Jan, ook veel dank voor het delen van jouw ervaring. Goed te lezen dat er ook ouders waren die daar heel anders in stonden, en wel open stonden voor de mening van hun kind. Mooie metafoor van de trein; je maakt in één keer duidelijk hoe de situatie in de praktijk eigenlijk was.

Nicasius zei op 20 maart 2019 om 16:22 uur

Het leven in 'detail ' tijdens het driejarig verblijf in het juvenaat Mariahof te Breda geeft , en aansluitend één jaar Noviciaat in Padua te Boekel , een beeld te zien van eenzaamheid en verlatenheid. Zoals op vele scholen de pesterijen onderling tussen leerlingen ook hier mijn deel werd. Vaak dat ik uitzag naar de bedtijd om in de nachtelijke uren de rust weer te vinden. Door de grote luide bel werd deze rust afgebroken en met tegenzin dat de dag weer werd aangevangen. De dagen welke nog te gaan waren naar de vakantie werden geteld. Hoe intens blij weer naar huis te mogen maar hoe hard was de opdracht van vader: "Als ik vanavond van het werk thuis kom, dan ben jij weer terug naar Breda !". Spijbelen kon niet want waar moest ik heen ? De leiding op het Juvenaat heeft niets onderkend en weer werd een trimester aangevangen , in stille eenzaamheid en heimwee. Zo zal ik toch vader's opdracht invulling geven en 3 jaar volmaken.
Maar na een vakantie van een maand wederom de opdracht van vader en reisde ik weer af, nú naar Huize Padua te Boekel naar het Noviciaat.
Wéér was ik alleen en weer geen uitgeleide gedaan door mijn ouders.
Opgeteld de totale 4 jaar zijn mijn ouders nóóít op bezoek geweest of enige betrokkenheid getoond. Tegen het einde tijdens de verblijfsduur in het Noviciaat ben ik 's-morgens in de Kapel ingestort. Het zal 3 dagen duren voordat ik weer aanspreekbaar was. Broeder Magister vertelde mij dat ik de duivel op bezoek had gehad !
Weer hersteld naderde ik m'n 18e verjaardag en het besluit stond toen vast - wat de gevolgen ook zullen worden - ik moest daar weg !
De kloosternaam Nicasius welke mij was toebedeeld, heb ik achter mogen laten en kreeg ik weer m'n eigen naam terug: Chris Rongen.

Marilou NillesenBHIC zei op 21 maart 2019 om 10:27 uur

Beste Chris, ongelooflijk dapper dat je je verhaal vertelt, zeker onder je eigen naam. De intense eenzaamheid uit je relaas klinkt als een oorverdovende stilte door je woorden heen. Ik denk dat het niet is voor te stellen hoe dat moet zijn geweest, als je het niet zelf hebt meegemaakt.

Het getuigt van een enorme veerkracht dat je hier dan je openhartige verhaal uit de doeken doet. Hopelijk geeft het kracht aan anderen die vergelijkbare situaties hebben moeten doorstaan. Veel dank voor je reactie.

Jac Duis zei op 25 maart 2019 om 14:55 uur

Beste Marilou Nillesen
Ik heb ongeveer 1 jaar geleden mijn relaas toegezonden. Kan vermeld worden onder de naam van toen; broeder Thomas.
MVG Jac Duis

Marilou NillesenBHIC zei op 26 maart 2019 om 12:36 uur

Dank voor je berichtje, Jac. Even voor de zekerheid; staat dat verhaal al online? Op onze site? Dan maak ik graag een verwijzing hiernaar.

Of begrijp ik je opmerking niet goed?

Chr.Rongen ( nicasius ) zei op 27 maart 2019 om 11:50 uur

t.a.v. Thijs de Leeuw,
Mijn beide ingezonden reacties welke ogenschijnlijk zoek waren,
zijn ' boven water !' en geplaatst door Marilou Nillissen onder Wierook etc. Ik zocht tevergeefs bij BHIC. Probleem opgelost, nietwaar !
MVG.
Nicasius.

Thijs de LeeuwBHIC zei op 27 maart 2019 om 12:08 uur

@Nicasius: ah, gelukkig maar! Ik zal ze eens bekijken. Hartelijke groet,

Jan Baselmans zei op 3 april 2019 om 17:13 uur

In de jaren 1958/1960 was ik er aanwezig!
Was lid van het koor en heb hierbij goede herinneringen aan broeder Robertus, de dirigent. Als ik een Gregoriaanse mis hoor, zing ik dikwijls nog mee! Ook aan broeder Bonefatius die onze begeleider was en onze coach in de vrije tijd heb ik nog dikwijls gedacht.
In het begin had ik heimwee, wat me goed is bijgebleven.
Toen ik weer thuis was, moest ik weer wennen om een plaatsje te vinden in een gezin van tien in een klein huisje en om nieuwe vrienden te maken. Dit was moeilijker dan ik dacht. Alles is goed gekomen en ik kijk er positief op terug! De enkele foto's die ik er van had zijn volgens mij door mijn familieleden geleend en die nog in mijn bezit zijn heb ik dikwijls met een goed gevoel bekeken.

Thijs de LeeuwBHIC zei op 4 april 2019 om 10:07 uur

Leuk dat je onze site bezoekt, Jan! Wel apart zeg, dat je na thuiskomst van het internaat weer zo moet wennen aan je ouderlijk huis. In veel verhalen gaat het over de moeilijke overgang van het ouderlijk huis naar het internaat, maar inderdaad, het omgekeerde zal voor veel leerlingen óók waar zijn geweest. Het moet wel een vreemde ervaring zijn geweest, om zo plotseling weer buiten de poort te staan en die hele kostschoolwereld achter je te laten om nooit meer terug te keren. Goed om te horen trouwens dat je zo positief terugkijkt op je verblijf op Mariahof. Hield je nog wel contact met vrienden van het internaat?

Jac Duis zei op 4 april 2019 om 11:54 uur

Aan Marilou: Mijn relaas staat niet in deze opstelling. Kan daarin een plaats krijgen.

Jan Baselmans.......komt mij bekend voor. Mijn moeder heette Trees Baselmans uit Bladel.
MVG Jac Duis

Marilou NillesenBHIC zei op 4 april 2019 om 13:34 uur

Bedankt Jac, volgens mij heb ik het gevonden. Ik neem aan dat je aan deze reacties refereert?

https://www.bhic.nl/ontdekken/verhalen/de-broeders-penitenten-cfpsf

Jo van Ras zei op 14 april 2019 om 17:10 uur

Na het lezen van een artikel van Tom Tacken in het Brabants Dagblad van zaterdag 13 april 2019 heb de site “wierookwijwaterenworstenbrood” aangeklikt en tot mijn verrassing wordt ook het Juvenaat Mariahof als kostschool genoemd! Ik heb daar mogen toeven van 1957 tot 1961, als klasgenoot van Jan Witlox. Het rijke roomse leven was toen kennelijk al op zijn retour! We deden in 1961 MULO-examen. Slagingspercentage: 100%. (Aantal kandidaten:3!) Een van de voor mij plezierige bijkomstigheden was, dat ik na een “test” opgenomen werd in het koor van Broeder Robertus. Het Gregoriaans voerde toen nog duidelijk de boventoon. Het werd al tijdens de lagere school-periode met de paplepel ingegeven. Toen mijn stem brak mocht ik een jaar niet meezingen. Nadien hebben we meerdere malen meegemaakt dat de KRO-radio rechtstreeks vanuit de kapel een mis op zondag uitzond. Na weken van extra repetities werd een week voor de betreffende uitzending een extern dirigent (Remi Schelstraete) uit Nijmegen ingehuurd om de puntjes op de “i” te zetten. Ik herinner me nog dat hij vanuit Nijmegen op de motor naar Tilburg kwam en dat hij er dan een week logeerde. Ik denk er graag aan terug. Vanaf 2000 zing ik weer in een Gregoriaans Koor, aanvankelijk in Moergestel, en na onze verhuizing naar Heesch ben ik lid geworden van Les Chanteurs Gregoriens in Uden. (www.leschanteursgregoriens.nl) Tot mijn aangename verrassing kom ik daar twee oud-juvenisten tegen!

Ja, ik denk met een warm hart terug aan mijn juvenaatsperiode. Na driekwart jaar postulaat/noviciaat hield ik het voor gezien! Dat was wel even wennen! Ik merkte dat mijn leeftijdsgenoten heel wat “levenswijzer” waren dan ik. Ik vond een baan als jongste bediende op een kantoor (ook een mannengemeenschap) waardoor er snel verandering kwam in mijn ietwat wereldvreemde achtergrond!

Hartelijke groet,

Jo van Ras

Jan Witlox zei op 15 april 2019 om 15:46 uur

Ja Jo,
ik keek weer even terug naar de foto van onze "eindexamenklas" van 3 personen, waarvan wij tweeën met nog twee anderen doorgingen naar Boekel. We hebben in het verleden al persoonlijk herinneringen opgehaald.
Ik zou vanaf deze plaats aan Jan Baselmans willen vragen of hij op het juvenaat meespeelde met het stuk voor ouderdag "de Kinderkruistocht"? Dan heb ik nog wel enkele foto's voor hem. Geen geweldige kwaliteit, maar herkenbaar.
En voor Chris Rongen (Nicasius) het volgende: Het was gebruikelijk dat bij aanvang van het postulaat je een kloosternaam kreeg. Je verjaardag werd dan niet meer gevierd, maar je naamdag (van de heilige wiens naam je had). Men had graag, dat kloosternamen die niet meer ingevuld waren, door overlijden of vertrek, als eerste weer gekozen werden. Of je moest een goede reden hebben voor een persoonlijke voorkeur.
Zo kreeg iemand van onze "lichting" de naam Nicasius. Was wel even wennen de eerste dagen. Deze medebroeder vroeg me dan ook: Hoe heet ik alweer? Om de een of andere reden kon ik dat wel onthouden.

Jan Baselmans zei op 15 april 2019 om 18:10 uur

Ja Jan,
Daarin speelde ik mee.
Ik was de ridder die stierf op het podium!
Mail adres is: j.baselmans9@upcmail.nl
Alvast Bedankt.
Vriendelijke groeten,
Jan Baselmans

Piet van Vliet zei op 25 oktober 2019 om 16:39 uur

Dag Tijs, bij toeval kom ik op je website. Ook ik ben leerling geweest van het juvenaat. Van 1962-1963-1964. Het was niet mijn roeping om broeder te worden dus ik ben er vanaf gegaan om in Den Haag verder te gaan met studeren. Ik zal nadenken wat ik nog verder deel. Fijne tijd gehad, veel geleerd en zeker mijn zelfstandigheid heeft mijn toekomst bepaalt. 'Tot later' om maar eens een uitdrukking te gebruiken:-)

Thijs de LeeuwBHIC zei op 28 oktober 2019 om 10:11 uur

Hallo Piet, welkom op de website en bedankt voor je reactie. Je stipt eigenlijk al verschillende interessante dingen aan om verder over te vertellen. Dat het toch niet je roeping bleek om broeder te worden bijvoorbeeld, begin jaren zestig, tijd van grote culturele veranderingen... Dat moet toch veel oud-internen nog heel bekend in de oren klinken. Toen begon toch een beetje die vrije val in het aantal roepingen. Merkte je dat ook niet bij veel andere internen of viel dat wel mee? Met hoeveel internen waren jullie toen nog eigenlijk?

Jo van Ras zei op 30 oktober 2019 om 22:33 uur

De foto van de juvenisten en docenten nog eens bekeken. Er staat als jaartal 1985! Dat moet waarschijnlijk 1965 zijn! In 1985 was het juvenaat al lang opgeheven!

Thijs de LeeuwBHIC zei op 31 oktober 2019 om 07:57 uur

@Jo: dat lijkt inderdaad wel erg laat hè... De foto is afkomstig uit de beeldbank van het Erfgoedcentrum Nederlands Kloosterleven en daar staat "ca. 1985" vermeld. Ik ga uitzoeken hoe het zit, bedankt voor je oplettendheid!

Jac Duis zei op 1 november 2019 om 00:30 uur

Heel veel herkenbare reacties.......

De correspondentie die op een andere site staat kan hier op worden geplaatst.
Kom nog wel eens met nog meer info.....

Thijs de LeeuwBHIC zei op 4 november 2019 om 08:57 uur

Hallo Jac en welkom op de site. Goed om te lezen dat je nog zo veel herkent. En natuurlijk heel fijn dat je nog meer wilt gaan bijdragen. Top!
Over die correspondentie zal ik je zo mailen - gaan we regelen.

Jac Duis zei op 4 november 2019 om 11:53 uur

Ben op 12 jarige leeftijd in 1953 naar Wolfslaar gekomen in juvenaat Mariahof. Het was een kasteel met een koetshuis dat lag aan de Wolfslaardreef te Breda. Het was een tijdelijk onderkomen voor juvenisten. Ben daar geweest vanaf augustus 1953 tot kerstmis 1953. In het nieuwe jaar gingen we naar Piusoord, Bredasebaan te Tilburg dat toen klaar was als juvenaat c.q. psychiatrische inrichting. (Is geruime tijd een sanatorium geweest).

Kan me noch goed herinneren dat ik dusdanig heimwee had in Wolfslaar dat ik er lichamelijk geruime tijd zwaar ziek werd. Woog iets van 35 kilo en lag geruime tijd op een ziekenkamer. Niets of niemand van mijn "eigen thuis" heb ik toen gezien. Een oudere juvenist moest mij verzorgen en deed dat prima. Tegen kerstmis was ik weer op de been en mocht ik voor het eerst naar huis.

Toen ik begin 1954 weer terug moest, maar nu naar Tilburg, had ik een week van tevoren al buikpijn.......... We hadden thuis een boerderij, en alles draaide om het bedrijf. Weinig liefde en omdat ik de jongste van acht kinderen en fysiek "minnetjes" was werd ik hierbij minimaal ingezet. Voelde me buiten gesloten. Dat was de reden dat ik over de grenzen keek en via een schoolvriendje in het juvenaat belandde. Dacht, dan wordt ik tenminste iets. Maar dat viel vies tegen.

Heb met hangen en wurgen het juvenaat in Tilburg afgemaakt. Strenge discipline en had het gevoel dat ik geen kant op kon. Ben na 4 jaar ingetreden als postulant in Huize Padua in Boekel. Kreeg toen al een pij aan. Ik was wel iemand die voor zichzelf opkwam en dat leidde nogal eens tot problemen, maar daar liet ik me niet door beïnvloeden. In Boekel was het nog veel strenger en waren we overgeleverd aan regels en voorschriften. Ik was vaak zo moe, zeker na het heel vroeg opstaan, dat ik 's-middags een "slaapje" moest maken. Daarna was ik vaak niet te genieten.
We sliepen op strozakken. We moesten o.a. op zolder beddenmatrassen repareren en de inhoud daarvan (kapok) in een mangelmachine weer "bruikbaar" maken. Je mocht vaak niet met elkaar praten, op straffe van.....

Later, toen ik novice werd ging ik werken op de klasafdeling van psychiatrische patiënten. Daar verbleven nogal veel priesters waar een vlekje op zat. Ik was er niet tegen opgewassen en nog steeds een fysiek "achterblijvertje". Ik werd ook regelmatig ziek om wat dan ook. Ben toen ook nog opgenomen en onderzocht in het ziekenhuis in Deurne. Konden niets vinden. Mocht nadien gaan werken op de administratieafdeling van Huize Padua. Mijn ouders mochten 1 maal per kwartaal op bezoek komen. Je kwam nooit in de echte wereld.

Wil het even hierbij laten. (Het gaat goed met me hoor, maar ik ben wel erg hard geworden, merk ik soms). Ik schrijf nogal veel, maar dit is openbaar en ben daarom een beetje voorzichtig.....

Henk Arts zei op 2 februari 2020 om 13:59 uur

Ik heb 4 jaar met Sjaak Duis op het juvenaat gezeten. Niet in dezelfde klas. Ik ben ook in Breda begonnen in 1953. 5 Jaar geleden ben met mijn vrouw daar nog eens gaan kijken. We kregen van een van de kelners een mooie rondleiding. Echt heel erg mooi. In 1954 ben ik ook naar Mariahof gegaan. Heb daar mooie herinneringen aan. Vriendschappen waren daar verboden. Maar Sjaak weet ook wel dat dat moeilijk was. Samen bevriend met Theo Wouters. Was wel mooi. Ik heb daar de ULO gedaan en ben in 1957naar BOEKEL gegaan met als kloosternaam Raymundus. Is het mogelijk om het adres van Sjaak Ruis ste krijgen of zijn e mail.?

Marilou NillesenBHIC zei op 3 februari 2020 om 09:29 uur

Hallo Henk, ik zal je mailadres naar Jac Duis sturen, dan kan hij zelf contact met jou opnemen. Hopelijk wordt het dan zo vervolgd.

Nicasius zei op 10 februari 2020 om 16:00 uur

Vervolg gevende aan de reeds ingezonden/geplaatste berichten, heb ik tot 2x toe een aanvullend bericht ingezonden in de verwachting dat ook dit geplaatst zou worden. Helaas en zeer tot m'n spijt is dit niet zo gegaan/ geplaatst.
Géén account zal de oorzaak zijn ?

Thijs de LeeuwBHIC zei op 10 februari 2020 om 16:04 uur

@Nicasius: wat enorm vervelend dat dit weer fout is gegaan. Ik kan het me nog goed herinneren, dat we er toen naar hebben gekeken, maar helaas geen duidelijke oorzaak konden vinden.

Feit is dat dit zo niet kan/hoort. Dus ik stel het volgende voor. Mail mij je reacties, dan plaats ik ze waar jij maar wilt.

Je kunt je reacties mailen naar dit adres: info@bhic.nl
Onder vermelding van "juvenaat Mariahof Tilburg"

Nogmaals excuses. Hopelijk komen we er zo uit.
Hartelijke groeten,

j Baeten zei op 18 februari 2020 om 16:47 uur

De onderste foto van de groep dateert uit +/- 1964 / 1965. Dit weet ik omdat ik er zelf opsta. Ik heb hier eerder over bericht maar er heeft destijds geen aanpassing plaatsgevonden.

Thijs de LeeuwBHIC zei op 19 februari 2020 om 07:40 uur

@J Beaten: bedankt nog voor het dateren van deze foto, ik heb het bijschrift erop aangepast!

Waar op de foto sta jij trouwens? Alle extra info over deze foto is welkom.

J. Baeten zei op 20 februari 2020 om 10:31 uur

Geheel links, achterste rij op de groepsfoto staat pater Blasius (kapucijn en rector van het juvenaat), vervolgens kapucijn, pater Mamertus en daarnaast broeder Daniël. Links op de foto broeder Robertus of Norbertus (leraar Juvenaat en regisseur van het jaarlijkse toneel. Daarnaast broeder Aloysius (surveillant) In het midden op de foto in de achterste rij staat broeder Patricius (directeur Juvenaat) eneen stukje links daarvan staat nog een broeder die surveillant was. Namen van leerlingen van de groep: Theo Pluk, Gerritsen ( 2 broers), v.d. Ven, Arts, van Hest, van Gorp (van het waterleidingbedrijf achter Puisoord) en een zoon van de buurman die boer was. De laatste twee waren twee externe leerlingen.

Thijs de LeeuwBHIC zei op 20 februari 2020 om 10:40 uur

@J. Beaten: Dank voor deze aanvulling! Ik ga het toevoegen.

Joop Swaans zei op 12 maart 2020 om 14:32 uur

Van 1962 tot 1965 heb ik als 'extern' op het Juvenaat Mariahof mijn ULO-opleiding afgemaakt nadat ik in de Theresia-parochie in Tilburg was gestraald met een cijferlijst van louter 2-en en 3-en. Dat eerste jaar van mijn Middelbare School-tijd had me in een soort 'emotioneel coma' gestort omdat ik de voormalige veiligheid van de Lagere School daar erg miste. Mijn vader had -met een vooruitziende blik- een plekje voor mij geregeld op het Juvenaat dat juist in die tijd de deuren opende voor die 'externen' vanwege het teruglopende aantal roepingen.
In een 3 jaar durende stoomcursus doorliep ik alsnog met goed gevolg de oorspronkelijk 4 jaar durende ULO. Ik fietste vanuit Tilburg dagelijks heen en weer naar het Juvenaat, samen met een zestal andere externen waarmee ik spoedig goed bevriend raakte. Mijn verblijf op Mariahof vormde een totale ommekeer in mijn deplorabele gemoedstoestand, niet in de laatste plaats door de sympatieke begeleiding van de broeders die er werkzaam waren. Met name de milde gestrengheid van directeur Patricius, de lucide overgave in de Nederlandse taal-lessen van pater Mamertus en de jolige bourgondische stijl van Norbertus hebben veel voor mij betekend in mijn ontwikkeling. Met Patricius en Mamertus heb ik later nog contact gehad. Pater Mamertus, een van de twee Jezuïeten op het instituut en tevens mijn belangrijkste mentor uit die tijd, heb ik nog vaak bezocht in zijn kamer op Mariahof toen dat al een rusthuis was geworden. Daar ging ik mee door totdat hij begon te dementeren en hij mij niet meer herkende, maar dan was het evengoed nog een belevenis om hem te spreken..

Ik heb in die mooie tijd wel het een en ander meegekregen van de traumatische ervaringen van sommige 'internen' die daar hun dagen moesten slijten en maar een keer of drie in het jaar naar huis konden. Als ze na zo'n intermezzo weer op school terug kwamen was het her en der huilen geblazen. De diverse verslagen hierboven van de ervaringsdeskundigen zijn erg ontroerend. Vooral als het gaat over de hardvochtige bejegening waar ze bij hen thuis aan overgeleverd waren.
Daar was destijds al wel iets van te merken. Al waren die juvenisten niet altijd even mededeelzaam, d'r zaten er toch wel een paar bij waar ik goed mee kon praten. Ook op het vlak van de geestelijke discipline en de voormalige kuisheids-regels die er ooit heersten kreeg ik wel eens wat mee. Ouderejaars leerlingen vertelden me dat ik van geluk mocht spreken dat ik nu net in dat progressieve tijdsgewricht daar aangeland was. Zij hadden de tijd nog meegemaakt dat ze bij het douchen een soort rubberen kazuifels moesten dragen waarin aan de zijkanten openingen zaten waar je een borstel aan een steel doorheen kon steken zodat ze zichzelf niet 'onzedig' zouden betasten. Daar werd door de toenmalige surveillanten nauwlettend op toegezien en wee je gebeente als je je daar niet aan hield..
Totale gekte die nog maar net tot het verleden behoorde op het moment dat ik daar mijn opwachting maakte. Ik droom nog wel eens van zulke anecdotes en ik prijs me gelukkig dat ik niets van dien aard aan den lijve meegekregen heb. Dankzij die hele omwenteling in de 60-er jaren waarbij de kloosters langzaam leegliepen en al die aspirant-broedertjes gelukkig ook weer gewoon naar hun reguliere bestaan terug konden keren.

Ik ben nu 69, gepensioneerd en sinds vier jaar weduwnaar. Ik ben blij dat ik dit platform gevonden heb omdat het me momenteel nogal bezig houdt, de hier genoemde episode uit mijn jonge jaren. Ik hoop op reacties en eventueel een hernieuwde kennismaking met mijn klasgenoten uit die tijd die ik volledig uit het oog verloren ben. Ik zal er enkele noemen: Anton van Raak, Joost van Alphen, Andre Straathof en nog 'n paar waarvan ik de namen helaas vergeten ben.

Jan Witlox zei op 12 maart 2020 om 15:35 uur

Beste Joop,
Een kleinigheid in je verhaal. Ik herinner me Pater Mamertus als een Pater Capucijn, geen Jezuïet. De OFM Cap hadden bruine habijten, net als de Franciscanen en de broeders Penitenten. Alleen hadden de Penitenten geen capuchon. De Jezuïten hadden zwarte kledij.
Bij de broeders Penitenten kon je aan de kleding en attributen (koord, rozenkrans, scapulier ook zien of je te maken had met een postulant, novice, tijdelijk geprofeste of eeuwig geprofeste.

Joop Swaans zei op 14 maart 2020 om 18:31 uur

Jij weet er wat van Jan! Ik begin nu te begrijpen waarom ik Mamertus voor een Jezuïet aanzag. Hij heeft me d'r ooit iets over verteld, over de Jezuïeten en hun intellectuele capaciteiten. Omdat ik hem en Rector Blasius (beiden kapucijn, dus) beschouwde als het intellectuele hart van het Juvenaat, heb ik hen in mijn kinderlijke onschuld tot Jezuïeten bevorderd. Misschien leken ze voor mij hiërarchisch wat hoger in rang te staan dan de broeders penitenten. Ik zeg niet dat het zo is, maar dat gevoel had ik een beetje. Broeder Patricius had veel respect voor hen beiden en ik had het idee dat hij de nodige 'voeding' van dit tweetal betrok.
Mamertus zelf was de beste leraar die ik ooit in mijn leven gehad heb. Hij haalde de cultuur erbij in zijn taal-lessen. Ik noem hem in mijn eerste stukje 'lucide' maar dat was hij ook echt. Toen hij voor de klas een verhaal over Vincent van Gogh vertelde (over hoe die met zijn ezel en zijn doeken door het boerenland struinde) sprong hij op zijn bureau en demonstreerde hij en plein public hoe dat er aan toeging, zo'n kunstenaar met zijn bepakking. Sensationeel! Toen begreep ik ineens precies wie Van Gogh was. Zo heb ik nog wat saillante herinneringen aan hem, maar dat is voor een volgende keer..

Elmy Weijtmans zei op 11 juni 2020 om 08:44 uur

Ik heb met veel interesse deze stukjes gelezen. Graag zou ik willen weten of men ook op Huize Assisië kwam tijdens de periode op Mariaoord. En degene die toch naar Boekel zijn gegaan. Hebben jullie ook op Assisië in Biezenmortel (gemeente Udenhout) gewerkt als broeder? Ik werk daar nu en ook in het historisch archief van Assisië. Ben zeer benieuwd of ik reacties ga krijgen.

Jan Witlox zei op 13 juni 2020 om 11:02 uur

Elmy,
Wel in Boekel en Tilburg. Op het Juvenaat maakten we in de vakantie een "Ronde van Nederland". We startten in Tilburg, vandaar naar Heemstede (de Hartenkamp) . Volgens mij bleven we daar een dag. Dan naar Apeldoorn (Sint Joseph-stichting) ('s avonds naar een park dat helemaal verlicht was).
Vanuit Apeldoorn ook nog een uitstapje naar Wilp (de Lathmer).
Dan weer naar het zuiden. naar Boekel (Huize Padua) . Volgens mij waren we een week onderweg. Assisië was te dicht bij Piusoord/Mariahof.

Michel verhoeven zei op 23 juli 2020 om 17:52 uur

Dag beste mensen,
Ik heb een paar reacties gezien van mensen die in dezelfde tijd op Mariahof zaten als ik, namelijk 1962-1965. Toch kan ik mij hen niet herinneren. Toen mijn moeder enkele jaren geleden was overleden vond ik tussen haar spulletjes nog enkele foto's van mijn tijd daar. De jongens die daar op staan herken ik wel maar kan er hun namen niet meer opplakken.
Ik heb er een leuke tijd gehad en veel geleerd. Na iedere vakantie had ik wel een weekje last van heimwee, maar dan was het wel over. Het was er wel erg gedisciplineerd met alles op tijd en orde. Huishoudelijk werk was er heel normaal en kwam dagelijks terug want de boel moest wel netjes en schoon blijven. Er waren verschillende groepen die elk een deel van het gebouw bijhielden en regelmatig wisselde je dan van groep zodat je niet steeds het zelfde moest doen. Bijvoorbeeld het afwasteam werd iedere week door anderen bemand. De week voor iedere vakantie (3x per jaar) was het de poetsweek. We werden verdeeld in diverse werkploegen waar oudere studenten de leiding hadden. Dan werd er grondig gepoetst, zoals iemand hier al schreef met staalwol onder de borstel het linoleum schrobben om de was eraf te krijgen en daarna een nieuwe waslaag erop zetten. De slaapzalen bijvoorbeeld, werden dan helemaal leeg gemaakt om die vloer te kunnen doen. Je had mazzel als je in de zomer in de buitenploeg zat, want ook de omgeving van het gebouw moest er netjes bijliggen.
Er werd ook veel gesport. Vooral voetbal. Er lagen enkele voetbalvelden bij het gebouw en jaarlijks werden er wedstrijden gespeeld van het schoolvoetbal. Daar deden ook teams van ons aan mee. We speelden het hele jaar door tegen allerlei ploegen. Ik was de keeper van het eerste team. Als er dan op al die velden werd gevoetbald kwamen enkele patiënten van Piusoord thee en water brengen voor in de rust. En het schaatsen in de winter was erg populair. Zoals al eerder is verteld werden de betonnen volleybalvelden onder water gezet zodat het kon bevriezen. Als er dan 's-nachts sneeuw op was gevallen werd er met man macht gewerkt om het ijs weer vrij te maken.
Ik werd door mijn medestudenten "Kennedy" genoemd. Kennelijk zagen zij enige gelijkenis tussen mij en de toenmalige president van de USA.
Ik herinner mij pater Mamertus nog heel goed. Hij was leraar Nederlands ergens op een gymnasium, ik dacht in Oosterhout, maar hij zat in een burn-out en was daarom tijdelijk bij ons gestald. Hij had een kamer naast die van rector pater Blasius. Vóór Blasius was er een andere rector. Een gemoedelijke man, tonnetjerond met een stevige kapucijnerbaard. Hij werd aalmoezenier bij de landmacht en moest toen worden vervangen. Op een zaterdagavond heeft Mamertus ons eens flink geamuseerd met een lezing over "de koe". Toen liet hij zien wat een taalvirtuoos hij was. Hij noemde ons tussen neus en lippen door en zonder blikken of blozen, geen toehoorders maar koehoorders. Er waren er genoeg die het niet echt opmerkten. Van hem heb ik de passie voor schrijven meegekregen.
Van de broeders kan ik mij o.a. Patricius (directeur en leraar Engels), Mauritius (leraar Duits), Robertus (leraar Frans en muziek). Ik herinner mij als surveillant broeder Bonaventura en later kwam in zijn plaats een jongere, maar daar ben ik de naam van kwijt.
Dit is wat ik me nu zo kan herinneren. Mochten er nog meer dingen opborrelen, meld ik me wel weer.
Zal ik die foto's naar Joost sturen met enige toelichting of moet ik dat anders doen?
Hartelijke groeten, Michel.

Jan Witlox zei op 24 juli 2020 om 10:39 uur

Michel, De naam van de surveillant na broeder Bonaventura zal wel broeder Aloysius zijn geweest.
Nog even over Pater Mamertus. Ik was er ook bij toen hij de lezing gaf. Broeders van de buren (Piusoord) werden soms wel uitgenodigd voor zulke bijeenkomsten.
De lezing van Mamertus was amusant, beschaafd en gevat. De titel herinner ik me ook nog : "Vaccalogische beschouwingen". Vacca is het Latijnse woord voor koe. De vaccalogische beschouwingen die nu rond gaan op de media zijn overigens van geheel andere aard.

Geert Daamen zei op 22 september 2020 om 21:47 uur

Ook ik heb op het Juvenaat in Tilburg gezeten .Enkele namen kan ik mij nog herinneren . Loosbroek uit St Anthonis -Verstegen uit Uden - Duis uit Bladel . De fietstocht door Nederland blijft ook mij nog altijd bij , en dat op zo,n klein fietsje . Geert Daamen Nuenen

Mick van GerwenBHIC zei op 23 september 2020 om 16:39 uur

Hallo Geert, Welkom op onze site en bedankt voor je bericht. Ik ben benieuwd naar die fietstocht door Nederland. Kan je daar meer over vertellen?

Jo van Ras zei op 24 september 2020 om 23:54 uur

Ik kreeg onlangs een foto uit 1960/1961 van alle juvenisten met de Broeders Theobaldus en Bonaventura met de volledige namenijst op de achterzijde.

Iets voor publicatie op deze site?

Mick van GerwenBHIC zei op 28 september 2020 om 08:53 uur

Hallo Jo, Die zouden we zeker op deze pagina kunnen publiceren. Kan je de foto sturen naar internaten@bhic.nl? Dan zorg ik dat hij hier terecht komt.

Reactie toevoegen

Je e-mailadres is privé en zal niet openbaar worden gemaakt.

Platte tekst

  • Geen HTML toegestaan.
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.
  • Web- en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.