Het rijke roomse leven in brabant 1900-1970
Rooms prentenboek
Op ’n keer – het was nog vóór mijn eerste communie - liep ik met mijn oudste zus mee naar de communiebank en keek ik daar af wat de anderen deden. Toen ik ook een hostie kreeg, viel dat tegen, want de hostie bleek plakkerig te zijn en helemaal niet lekker.
Bron: Prentenboek bij de eerste Katechismus

Bron: R.P. fr. H. Randag o.f.m. en br. Berthilo FIC, Prentenboek bij de eerste Katechismus, Maastricht / 's-Hertogenbosch 1949

 

Foto: Carolus, 2006 (Wikimedia)
Kelk en hosties (foto: Carolus, 2006. Bron: Wikimedia. Creative Commons Attribution-Share Alike 2.5 Generic)

Ik spuugde hem uit op de jas van mijn zusje en de priester haastte zich om het restant van de hostie bijeen te vegen. Later begreep ik dat hij het moest deponeren op een plekje dat “heilig putje” werd genoemd, in een vertrekje dat grensde aan de sacristie.

Na mijn eerste communie accepteerde ik de niet zo prettige smaaksensatie van de hostie als iets onontkoombaars, iets wat erbij hoorde. Gelukkig veranderde de samenstelling van de hosties in de loop van de jaren ’60 wel enigszins.

Herinneringen aan de hostie

A. Verstraten-Lammens

Tegen een van de jongens die zijn communie moest doen, had iemand gezegd dat als je op de hostie zou bijten, dat je dan Jezus beet. Die schrok daar zo van dat hij zijn communie niet meer durfde te doen.

J. Neelen uit Stampersgat

'Tijdens een zondagse mis in een volle kerk ging pastoor De Wit de communie uitreiken. Hij kwam de trapjes van het altaar af en bijna beneden struikelde hij en viel pardoes met kelk en hosties tegen mij aan. De kelk viel uit zijn handen. Alle hosties lagen op de grond. Ik stond op en hielp de pastoor overeind en ging vervolgens weer op mijn knieën zitten. De pastoor moest zelf alles oprapen, want er mocht niemand aan de hosties komen. Tijdens het uitreiken van de communie werd ik opeens op mijn schouder getikt. Het was de schoolmeester. Hij zei dat ik moest blijven zitten, want er zat een hostie aan mijn schoenen geplakt en ik mocht mij niet bewegen. Toen moest die arme pastoor nog een keer op zijn knieën, om de hostie van mijn schoen te halen. Dit voorval is mij altijd bij gebleven.

Bron van deze herinneringen

Ad Rooms, Het Rijke Roomse Leven: Herinneringen met weemoed en weerzin, Raamsdonksveer 2002-2006

2

Reacties (2)

Jeroen van Dijk zei op 4 oktober 2018 om 20:07 uur

Uit bovenstaande verhalen blijkt dat een goede voorbereiding op de eerste H. Communie bitter noodzakelijkis.
Ik veronderstel dat menig ouder toestaat dat hun kind al voor de eerste H.Communie de hostie ontvangt.
Dan kan het dus gebeuren dat oneerbiedig met de hostie omgesprongen wordt.
Ik zat bij de fraters van Tilburg op school en die besteedden veel aandacht aan de voorbereiding op de H. Communie.
We vroegen de Frater het "hempt van zijn lijf".
Wat doe je als je kort na de Communie moet overgeven.
Antw: het hele boeltje in het vuur gooien en verbranden.
En als je perongeluk toch niet nuchter was?
Antw: Het bij de volgende biecht biechten.
En aanraken met je vingers of erop kouwen?
Over de attributen op het altaar werd uitgebreid ingegaan.
De Pateen dient ertoe eventuele kruimels van de hostie op te vangen. Die kruimels werden zorgvuldig in de kelk met het bloed
gedeponeerd.
Er was ook nog een klein gouden lepeltje om wat water bij het bloed te doen als herinnering aan Jezus bij wie op het kruis slechts water uit de wond in zijn zij kwam.
Het Kelkdoekje om na het nuttigen van het bloed van Christus en na het spoelen met water, de kelk intensief droog te wrijven.
De kelk mocht alléén door "gewijde" handen aangeraakt worden, maar ambtshalver ook de koster, na de mis.
Maar wat te doen om de altaardoeken te wassen?
Dat gebeurde in de Sakrestie en het waswater ging in het Heilig
putje.
Dat heilig putje zat niet op het riool aangesloten maar op het zand der aarde.
Als een kelk aan de eredienst onttrokken moest worden dan werd ie uit elkaar geschroefd om de consacratie op te heffen.
Meisjes mochten niet op het priesterkoor komen en al helemaal niet met de kelk rondsjouwen zoals dat tegenwoordig heel gewoon is.
Ook de wijn die gebruikt werd voor de Consacratie was aan stenge voorschriften onderhevig.
Moest 100 % "natuur" zijn, dus géén toegevoegde suiker bevatten.
De leverancier moest door de Bisschop goedgekeurd zijn.
De fles was versloten met een capsule waarop Petrus zijn sleutel
afgebeeld stond met het wapen van het Vaticaan.
Of ik misdienaar geweest ben? neen.
Maar ik heb wél "misdienaarskniën" overgehouden van het uuren lang knielen op knielbankje.
De goede Katholiek is te kennen aan een bult nét onder de knieschijf. Zonder die bult géén toegang tot de hemel.

Marilou NillesenBHIC zei op 6 oktober 2018 om 21:09 uur
Dank Jeroen, voor deze bijdrage. Uit alles blijkt dat alle 'protocollen' rond de eerste communie diepe indruk hebben gemaakt. Bijzonder om dit op deze manier terug te lezen, net zoals je vertelt over de andere sporen die het kerkbezoek bij je hebben achtergelaten. Dank daarvoor.

Reactie toevoegen

Je e-mailadres is privé en zal niet openbaar worden gemaakt.

Platte tekst

  • Geen HTML toegestaan.
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.
  • Web- en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.