Het rijke roomse leven in brabant 1900-1970

Naar de katholieke school

Herinneringen aan school

Bron: Prentenboek bij de eerste Katechismus
Bron: R.P. fr. H. Randag o.f.m. en br. Berthilo FIC, Prentenboek bij de eerste Katechismus, Maastricht / 's-Hertogenbosch 1949

 

Anoniem uit Roosendaal

Ik zat in de jaren dertig op de lagere school van de broeders van St. Louis in de Domineestraat. Iedere ochtend was er om half acht een mis in de Sint Jan. In de kerk zaten de jongens rechts en de meisjes links. Vooraan de laagste klassen en daarachter de hoogste. Om de twee klassen zat een broeder-onderwijzer en na de laatste klas zat een broeder met naast hem een kist kerkboeken. Iedere leerling die binnenkwam, kreeg een kerkboek met een kaartje met een cijfer. Was je op tijd, dan kreeg je een kaartje met een tien er op. Kwam je omstreeks het epistel dan kreeg je een acht en nog later dan ontving je een kaartje met het cijfer vier. Op het eind van het schooljaar was er een zogenaamd misfeestje in het patronaat. Daar trad dan een goochelaar op of men draaide een film. Op een tafel lagen allerlei cadeautjes, zoals kerkboekjes, rozenkransjes en prentjes. Degenen die in een schooljaar met het misbezoek de meeste punten hadden bemachtigd, mochten als eerste kiezen.

Lies Nieuwlaat uit Roosendaal

Ook op onze meisjesschool kregen we kaartjes als we naar de kerk gingen. Mijn moeder was niet zo iemand die om ons op tijd in de mis te krijgen, vroeg op stond met als gevolg dat ik in de klas heel vaak moest roepen: `vier’ juffrouw. Ik kon dan wel door de grond zakken van schaamte. Toch bleef ik gaan, want ik was wel van goede wil, maar mijn moeder vond het niet zo belangrijk.

"Een 7 voor kerkbezoek ondanks dat ik nooit naar de kerk ging." Het rapport van Jo van Deursen (zie reacties hieronder)
"Een 7 voor kerkbezoek ondanks dat ik nooit naar de kerk ging." Het rapport van Jo van Deursen (zie reacties hieronder)
Theo Mahu uit Kloosterzande

Als bij ons de bonnetjes voor het misbezoek op de school werden uitgedeeld, dan viel bij een aantal kinderen de ergernis van het gezicht af te lezen. Sommige kinderen van beter bedeelden gingen met hun schijnheilig gezicht naar de kerk, maar sommige jongeren van de gewone man moesten 's morgens voor het naar school gaan eerst nog mee werken. Ze hadden de gewone man ook maar bonnetjes moeten geven. Er is toch een gezegde 'bid en werk’? Nou wat blijft er van werk over? En ik heb ook weleens gezien dat kinderen voor de meester een appel of een peer mee namen. Die hadden meer bonnetjes en dus extra punten op hun rapport.

M. Verbraak-Van Eekelen uit Nispen

Wij moesten elke dag naar de kerk en we hebben deze verplichtingen nooit als naar ervaren. Integendeel. Wij genoten van alles wat we onderweg tegenkwamen. Wij plukten in alle vroegte bloemen, we waren als eerste bij de boer in de buurt om kastanjes en noten te zoeken. Als we in de kerk zaten, dan was het een halfuurtje serieus zijn, maar of we nou zo gemeend baden, betwijfel ik. Het was immers elke dag hetzelfde.

Wij kregen les van de zusters Franciscanessen. Die zaten altijd trouw aan de rechterkant in de kerk. Waarom weet ik niet precies, want dit was eigenlijk de mannenkant. Eén zuster zat aan de zijkant achter de kinderen en hield duidelijk een oogje in het zeil. We durfden amper om te kijken. Of al die kerkbezoeken ons goed hebben gedaan, weet ik niet, maar als ik terugkijk op mijn jeugd, hebben wij ondanks de nare oorlogsjaren toch een mooie tijd gehad.

Ria de Poorter-Vergouwen uit Clinge

Ik zat tijdens de lagereschooltijd op een nonnenschool in Terneuzen. Ik ben zeer katholiek opgevoed. Mijn vader was tamelijk streng en hamerde er voortdurend op dat we naar de zustertjes moesten luisteren en hen vooral moesten gehoorzamen.

Op een schap in de klas stonden verschillende heiligen uitgestald. Maria kreeg in mei een ereplaats in het midden van het schap. We moesten voor bloemetjes zorgen om haar te eren en zo toog ik op een oude, gammele fiets van mijn moeder naar de polder. Want daar wist ik de mooiste wilde margrieten uit de omgeving te staan. En mooie boterbloemetjes, korenbloemen en allerlei andere veldbloemen. Ik maakte er een prachtig boeket van, plukte nog wat kleine meibloempjes en fietste weer naar huis. De andere dag op school toonde ik vol trots mijn buit. Ik kreeg dan met een lachje te horen: 'Zoek in de gangkast maar een jampot en zet ze er maar bij’. De les begon en meteen werd er verteld wat voor prachtige boeketten sommige meisjes hadden meegebracht. Mooie rozen of anjers. Vinden jullie ze niet prachtig? En dat bleken dan gekochte bloemen van meisjes van de ‘betere burgers' te zijn. De bloemen van de andere meisjes werden niet genoemd en meestal waren die de andere dag verdwenen. Hoe klein en onervaren ik toen ook was, dat knaagde en deed veel pijn. Dat kan ik u verzekeren.

Anoniem uit Ulvenhout

Ik woonde destijds in een arbeiderswijk en dan moest je poetsen en boenen in de klas. Andere meisjes uit de rijkere gezinnen hoefden dat niet. Wij zaten ook achter in de klas en als de non wat op het bord had geschreven, dan kwam ze op ons tafeltje zitten met de rug naar ons toe, zodat wij niks konden zien.

Kleuterklas in Zeeland, 1952 (BHIC, Wim Keeris, fotonummer 1698-000298)
Kleuterklas in Zeeland, 1952 (BHIC, Wim Keeris, fotonummer 1698-000298)
Joke Luijsterburgh uit Roosendaal

Vanwege de viering van een jubileum werd gevraagd om een speciaal schrift aan te schaffen, waarin gekleurd, getekend en geschreven kon worden over de festiviteiten.

Dat schrift kostte een kwartje. Mijn moeder zei: Die nonnen hebben altijd wat anders. En ze wilde het niet betalen. Ik kwam dus op school zonder centen en ik kreeg geen schrift. De zuster werd heel boos. Ik kreeg een klap en ze voegde mij toe: 'communist’. Ik was de enige die geen schrift had en ik moest achter in klas sommen gaan zitten maken, terwijl mijn klasgenootjes in hun nieuwe schrift mochten werken.

Femia Smeekens uit Ulvenhout

Mijn zusje en ik woonden in die tijd in de Belcrum en moesten naar de school aan de Oranjesingel. Onderweg moesten we een keer wachten voor de overweg. Dus te laat op school, deur dicht en we moesten bellen. We kregen flink standjes. Mijn zus moest op haar knietjes op de houten vloer knielen met de handen omhoog. Na een poosje zakten haar handjes. De zuster zette haar vingers in haar nek. Zo kwam ze thuis met vijf blauwe plekjes.

Bron van deze herinneringen

Ad Rooms, Het Rijke Roomse Leven: Herinneringen met weemoed en weerzin, Raamsdonksveer 2002-2006

41

Reacties (41)

Johan van Hirtum Rosmalen zei op 13 oktober 2018 om 14:37 uur

Ook op de jongensschool in Rosmalen hanteerde men een het misbezoek. Thuis waren we m et 11 kinderen en voor mijn ouders was het een uitkomst de jeugd zo vroeg mogelijk weg te laten gaan, waardoor er zoveel te eerder met het werk begonnen kon worden. De vroegmis was due een prima oplossing, alleen de motivatie bij ons ontbrak hierdoor totaal, we werden alleen gedreven door het ontzag en de bijdrage aan de misbezoek competitie op de lagere school. Met hanteerde een systeem met vlaggetjes aan de buitenkant van het schoolraam, zodat iedereen vanaf het schoolplein er goed zicht op had. De vlaggetjes hadden een kleur, voor het meeste misbezoek groen en het de minste rood, Het opsteken van het vlaggetje was een dagelijks triomf of schande afhankelijk van de kleur. En iedereen wist ( o, schande) wie er NIET naar de kerk was geweest! Het misbezoek vaarde er wel bij!

Marilou NillesenBHIC zei op 13 oktober 2018 om 16:42 uur

Dat moet behoorlijk confronterend zijn geweest, dit 'vlaggetjessysteem', Johan. Jouw bijdrage geeft haarfijn aan hoe groot de greep van de kerk op iemands persoonlijk leven kon zijn.

Over welke jaren hebben we het hier (ongeveer)?

Johan Van Hirtum zei op 13 oktober 2018 om 19:15 uur

Dit gebeurde rond 1950.

Marilou NillesenBHIC zei op 14 oktober 2018 om 15:09 uur

Duidelijk, in de hoogtijdagen van het rijke roomse leven dus...
Dank voor je aanvulling, Johan!

Norah zei op 14 oktober 2018 om 16:30 uur

Het valt mij steeds weer op dat men in Brabant veel strenger in de leer was dan in Limburg.

Marilou NillesenBHIC zei op 15 oktober 2018 om 09:50 uur

O, dat weet ik eerlijk gezegd niet, Norah. Maar heb je dat mogelijk ervaren in je eigen (Limburgse) jeugd?

Norah zei op 15 oktober 2018 om 10:02 uur

Klopt Marilou, wij lieten ons wat minder de wet voorschrijven. Het katholieke leven zoals hierboven beschreven staat doet mij meer aan de tijd denken dat mijn ouders jong waren.

Marilou NillesenBHIC zei op 15 oktober 2018 om 11:02 uur

Ah duidelijk Norah, en de tijd dat je ouders jong waren: in welke periode kan ik dat plaatsen (ongeveer)?

Norah zei op 15 oktober 2018 om 11:34 uur

Ze waren van 1909 en 1915. Een Maastrichtse vader en een Bossche moeder.

Marilou NillesenBHIC zei op 15 oktober 2018 om 13:59 uur

Ah dank Norah, dan weten we in welke context we dit kunnen plaatsen. Van rond WOI; dat is inderdaad ver terug...

Norah zei op 15 oktober 2018 om 16:03 uur

Nou Marilou, ik begin me ineens een ontzettend oud mens te vinden...:) Zie hier WO1 staan, mijn ouders zijn pas na WOII getrouwd.
Maar goed, het verschil zou ook nog dit kunnen zijn dat wij in een grote stad zijn opgegroeid, en dat daar het geloof toch wel wat soepeler beleefd werd. Plus een andere mentaliteit.
Gr.

jo van deursen zei op 15 oktober 2018 om 16:59 uur

mijn eigen herinnering is dat ik een 7 voor kerkbezoek kreeg ondanks dat ik nooit naar de kerk ging maar anders misstond dat tussen de andere cijfers. dat was in 1946

Marilou NillesenBHIC zei op 15 oktober 2018 om 19:34 uur

Hahaha, dat was niet de bedoeling hoor Norah. Ik refereerde uiteraard aan hun geboortedata, maar eerlijk is eerlijk; dan duurt het nog héél lang voordat jij in zicht komt ;) Ik vind het overigens wel een heel interessant punt dat je hebt aangekaart; het verschil stad en dorp, Limburg en Brabant. Ik ben benieuwd of meer mensen dit zo hebben ervaren.

En Jo, dat is ook bijzonder! Dat klinkt toch wat soepeler dan dat we tot nu toe gewend zijn. Mag ik vragen in welke plaats dat was?

Jo van Deursen zei op 15 oktober 2018 om 20:21 uur

Jawel Marilou. Leende onder bovenmeester Karel de Win Ik zou u zomaar een copie van mijn laatste schoolrapport kunnen toesturen

Marilou NillesenBHIC zei op 16 oktober 2018 om 09:00 uur

O, dát zou leuk zijn, Jo. Mogen we die hier dan ook laten zien? Zeg het maar hoor.

Je mag het rapport mailen naar info@bhic.nl ovv 'Naar de katholieke school'.

Marilou NillesenBHIC zei op 22 oktober 2018 om 16:20 uur

Bedankt Jo, je mooie rapport siert nu ook het verhaal! Hartelijk dank voor het insturen!

jo van Deursen zei op 1 november 2018 om 11:14 uur

De bewaarschool van toen [1938-1939] koste 7 stuivers per maand extra en dat was voor veel mensen een probleem. Dus iedere maand kreeg je een briefje van de nonnen Een keer per jaar was de kindsheid optocht waar de rijke kinderen een heilige mochten uitbeelden maar de armere mee mochten lopen met een muts van krantenpapier. Er was een groot verschil ARM en RIJK

Lisette KuijperBHIC zei op 1 november 2018 om 13:24 uur

Wat jammer dat er zo'n groot verschil was tussen rijk en arm, Jo! Het moet vast een vervelende ervaring zijn geweest als kind om met een muts van krantenpapier te lopen, terwijl je rijkere klasgenootjes een mooie rol kregen in de optocht. Hebben anderen hier ook vergelijkbare ervaringen mee?

jo van Deursen zei op 1 november 2018 om 15:11 uur

Doordat die Fröbelschool school zo duur was liepen armere kinderen een grote achterstand op die voor sommige meermalige doublures opleverden. veel mensen hebben in die tijd, de lagere school niet volledig afgemaakt wat dan ook weer door de oorlog en ook bevrijding kwam

Lisette KuijperBHIC zei op 1 november 2018 om 15:15 uur

Treurig dat vele kinderen de lagere school door deze omstandigheden niet hebben kunnen afmaken. Bedankt voor de aanvulling, Jo!

Ton van Riet, Gemert zei op 30 december 2018 om 12:47 uur

Misschien had hij een nare droom gehad en was zo op het idee gekomen.
De priester die ons af en toe kwam toespreken op de Mulo, bij de fraters in Grave, deed wel heel erg “zijn best”. Hij had er dan ook voor gestudeerd. Hij maakte ons duidelijk hoe moeilijk het was om vergeving te verkrijgen voor een “begane” zonde. (Een zonde doe je niet zomaar; die “bega” je. Dat maakt het dus nog erger.) Zijn betoog: “Je zit in een vliegtuig met een krant, die scheur je doormidden, de stukken leg je op elkaar, scheurt dat weer doormidden, scheuren enz. enz.... tot kleine stukjes.) Dan gooi je alles uit het vliegtuig. Daarna moet je ALLES terug gaan zoeken. Zo moeilijk is het! De lol is er dan wel af! Ik dacht: “Wat is dat voor een rare snuiter? Is die wel goed bij zijn hoofd? Zou het nog ooit goed gekomen zijn met hem? Met mij wel dus. Het is een van die gebeurtenissen die mij aan het denken gezet hebben en dat was zijn bedoeling toch, of niet .....?

Mariët BruggemanBHIC zei op 2 januari 2019 om 20:43 uur

Het is je in ieder geval wel bijgebleven Ton, dat heeft deze priester toch maar mooi voor elkaar gekregen. :)

Ton van Riet, Gemert zei op 2 januari 2019 om 22:35 uur

Waarschijnlijk niet in de zin zoals hij het bedoelde. Dat kon hij achter mijn onschuldige uiterlijk ook niet vermoeden.
Dat nadenken zou er toch wel van gekomen zijn. Hij was een toevallige voorbijganger. Ik weet niet eens meer hoe hij eruit zag. Alleen de inhoud
van het gebeuren blijft hangen. De omstandigheden zijn vervaagd.

Rini de Groot zei op 2 januari 2019 om 23:22 uur

De geldelijke bijdrage nu jullie het d,r over hebben.
ik meen dat we misschien iedere maand een zakje omgehangen kregen om het de volgende dag met wat los geld terug brachten.

Hilde JansmaBHIC zei op 3 januari 2019 om 09:53 uur

Wat een bijzondere manier om het schoolgeld te innen. Of was de geldelijke bijdrage voor in het zakje ook nog ergens anders voor?

Gerrit van Heeswijk zei op 8 oktober 2019 om 14:42 uur

Bij het rapport van Jo van Deursen moet ik denken aan mijn eigen rapport van de lagere school. Kerkbezoek was een onderdeel daarvan en nadat er tweemaal 'matig' gestaan had moesten we voortaan elke ochtend naar de mis. Het volgende rapport had dan ook de uitslag 'goed'. Samen met mijn broer op de step naar de kerk, hij achterop en ik voorop. En na de mis stond die step nog gewoon -onafgesloten- voor de kerk op het plein!!

Rini de Groot zei op 9 oktober 2019 om 04:47 uur

Gerrit in welke plaats was dat ?

Gerrit van Heeswijk zei op 9 oktober 2019 om 14:07 uur

Sint Clemensschool in Baardwijk (Waalwijk).
En ik herinner me ook dat er een protestantse jongen in de klas zat: als de pastoor in de klas kwam mocht hij op de gang gaan tekenen!

Ton Krijnen zei op 26 oktober 2019 om 20:38 uur

De Winkel van Sinkel van Broeder Damascus.

Het moet het schooljaar 1950/1951 zjn geweest. Ik zat op de Aloysiusschool in Vught. De broeders van "Dongen" waren onze leerkrachten. Broeder Laetantius was het schoolhoofd. Inderdaad die van het Jeugdcentralekoor. Alle broeders staan me nog met naam en toenaam op het netvlies. Een broeder steekt er echter bovenuit. Dat was Broeder Damascus van het eerste leerjaar. Om ons te stimuleren dreef hij in de klas de Wnkel van Sinkel. Met oud geld, halve en twee en halve centen konden we oa. schriftjes, potloden, inktlappen etc. kopen. Wanneer je goed presteerde kreeg je, naar gelang je prestatie wat geld. Helaas kon ik niet veel gebruik maken van de winkel omdat ik als 'linkshandige' hardleers was en de overgang naar mijn rechterhand heel wat voeten in de aarde had.
Maar de inzichten van Broeder Damascus betreffende zijn Winkel van inkel' staat me nog steeds zeer goed bij.

Ton Krijnen zei op 26 oktober 2019 om 21:01 uur

Een kleine correctie op mijn verhaal over Broeder Damascus.
Het was het schooljaar 1955/56 dat ik in de eerste klas zat van de ST. Aloysiusschool te Vught.

Ad van Heeswijk zei op 28 oktober 2019 om 10:43 uur

Ton Krijnen, merkwaardig dat jij in 1955 als linkshandige nog rechts moest leren schrijven. Ik ben ook linkshandig en begon in september 1953 in de eerste klas van de St Clemensschool in Baardwijk. Daar werd met goedkeuring van de onderwijsinspectie besloten dat ik links mocht blijven schrijven, maar dat de inspecteur wel regelmatig zou komen controleren of dit goed afliep. Op mijn schoolrapporten van de eerste klas prijken voor schrijven de cijfers 7, 7, 7- en 7½, en ook in latere jaren schommelt het meestal tussen 7 en 8, dus blijkbaar liep het goed af. In de laatste twee jaren werd het wat minder, maar toen was 't te laat om mij nog te dwingen over te schakelen :-).

In mijn herinnering staat nog het beeld van die controlerende schoolinspecteur, met priemende blik over mij heen gebogen terwijl ik schreef, een klein manneke met een grote bril met zwaar donker montuur en donkere vettige (waarschijnlijk Brylcreem, erg populair die tijd) haren...

Ton Krijnen zei op 28 oktober 2019 om 10:57 uur

Beste Aad,
Waarschijnlijk waren julie leerkrachten wat vooruitstrevender die tijd, maar echt grote problemen heb ik niet gehad met de overgang naar rechtshandig schrijven. Wel is het een feit dat ik linkshandig bleef voetballen, ik teken en klus nog steeds linkshandig en eet soep linkshandig. Linkshandig schrijven lukt me niet meer zo best.
Ik kan me niet herinneren dat de broeders hardhandig waren, dus geen bamboestokje of lineaaltje.
Bedankt voor je reactie.

Rini de Groot. zei op 28 oktober 2019 om 11:11 uur

Beste Ton en Ad.
Hoe zat het met het probleem met het schrijven met de kroontjespen en de inktvlekken. Ik ben van 1937, altijd met de kroontjes geschreven.
Dagelijks ben ik in de Kasboeken van Vader op zoek naar informatie
met het duidelijk en sierlijk geschreven handschrift.

Ton Krijnen zei op 28 oktober 2019 om 11:37 uur

Beste Rini,

Mij is niet gehel duidelijk wat je bedoelt met het probleem met de kroontjespen.
Ik herinner me wel dat als je een nieuwe kroontjespen ging gebruiken, je de pen eerst in je mond moest doen. Waarschijnlijk zodat de inkt er dan niet afglijdt. Eenmaal in gebruik dant was het niet meer nodig.

Groeten,

Ton

Rini. zei op 28 oktober 2019 om 11:42 uur

Mij werd verteld dat je met de normale kroontjespen niet links kon schrijven.
En je ging met je hand over het natte geschrift waardoor inktvlekken ontstaan..

Ton Krijnen zei op 28 oktober 2019 om 11:53 uur

Ha Rini,

Ik kan me dat niet meer herinneren. Wel weet ik nog dat het resultaat van mijn schrijven bedroevend slecht was en het heel lang heeft geduurd voordat ik me het rechtshandig schrijven had aangeleerd. Raar maar waar, frustraties komen nu naar boven!!!!!!

Ton van Riet, Gemert zei op 28 oktober 2019 om 20:35 uur

Hallo allemaal.
Zelf ben ik gedeeltelijk zowel links als rechtshandig (ambidextrie), met een lichte
voorkeur voor links. Ik heb dat altijd als een voordeel ervaren. Schrijven doe ik evenwel rechts. Dat is me zo geleerd in de eerste klas (1943). Daarvan heb ik geen herinnering. Wel was ik altijd nogal een knoeipot. Dat je een kruisteken
moest maken met rechts was me al vroeg bijgebracht. Ik denk door de zuster
van de bewaarschool. Het argument van knoeien met een kroontjespen heb
ik wel eens gehoord. Vanaf 1960 was ik ca. 30 jaar lang onderwijzer meestal
van een eerste klas. In die tijd werd er nog met een kroontjespen geschreven. Enige dwang heb ik nooit uitgeoefend. Er waren er die in die tijd als argument
aanvoerden dat "het zo'n raar gezicht" was als je links schreef!!. Uit nieuwsgierigheid heb ik wel eens geprobeerd zelf links te schrijven. Met enige
moeite lukte me dat wel, maar dan in spiegelschrift (logischerwijs?).
Nog altijd zijn er dingen die ik vanzelf links doe (snijden met een mes, zagen,
hameren. Als ik moe word neem ik vaak over naar rechts. Gitaarspelen gaat
rechts. Overigens stem ik altijd links en op een vrouw, dat leer niet meer af.

Ton van Riet, Gemert zei op 28 oktober 2019 om 20:50 uur

Laatste zin, moet zijn: dat leer IK niet meer af. Een zekere slordigheid, mij eigen,
leer ik dus ook niet meer af, zoals U ziet.

Ad van Heeswijk zei op 29 oktober 2019 om 10:11 uur

Dag Ton en Rinie, 't zou inderdaad heel goed kunnen, zoals Ton gisteren suggereerde, dat meneer Thijssen, onze meester in de eerste klas, wat 'vooruitstrevender' was: hij kwam vers van de kweekschool en zal dus wellicht nieuwerwetse ideeën hebben meegebracht. Wij kregen geen kroontjespennen maar iets plattere, zilverkleurige pennen waarvan de punt ietsjes gerond was, waardoor er minder risico was voor krassen, blijven haken en vlekken. Je moest ze voor het eerste gebruik wel nog even in je mond steken, net als de kroontjespennen. Ik heb als linkshandige schrijver nooit problemen gehad met een hand of mouw die over het nog natte schrift slierde. Er waren rechterhandschrijvers (mooi scrabblewoord!) die een veel lelijker handschrift hadden dan ik!

Het maken van een kruisteken met je rechterhand werd van meet af aan zo aangeleerd door mijn ouders en de nonnen van de bewaarschool, en daar heb ik dus nooit 't gevoel bij gehad dat het 'natuurlijker' voor mij zou zijn om dat met de linkerhand te doen.

Paul_1 zei op 31 oktober 2019 om 09:35 uur

Op de jongensschool in Hintham hoefde ik in 1965 als linkshandige niet meer rechts te leren schrijven. Mijn broer (bijna 5 jaar ouder) nog wel. Ik kan me herinneren, dat de linkshandigen aanvankelijk met speciale penhouders voor de kroontjespennen werkten. Daar zat een verdikking in, waardoor je hem wat hoger vasthield en niet met je hand door de natte inkt ging. Maar die penhouders kregen we alleen in het begin en later - met de gewone penhouders - gebeurde dat dus wel. Een hoog punt voor schrijven heb ik nooit gehad. Vanaf de derde klas (meen ik) kregen we balpennen.

Ton Krijnen zei op 31 oktober 2019 om 09:42 uur

Paul,

Bedankt voor je aanvullingen. Helaas heb ik die herinneringen niet meer. Het geknoei, de vieze vingers en het gemopper van Broeder Damascus staan we nog wel op het netvlies.

Reactie toevoegen

Je e-mailadres is privé en zal niet openbaar worden gemaakt.

Platte tekst

  • Geen HTML toegestaan.
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.
  • Web- en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.