Het rijke roomse leven in brabant 1900-1970

De tuinclub op Sparrendaal

De tuinclub op Sparrendaal was een initiatief van Pater Coppens. Hij had de bijnaam 'Snuffeltje' of 'Salomon P. Snuffel', bekend uit tv-programma Coco en de vliegende knorrepot.


De eerste bijeenkomst van de tuinclub met v.l.n.r. Kees van Heijst, Pater Coppens, Jan Brock, Theo Aben en Cor van den Akker

De tuinclub is opgericht in maart 1963 en was een echte vereniging met een voorzitter, secretaris en penningmeester met als adviseur Pater Coppens. Er was een jaarlijkse ledenvergadering (zie foto’s).


De eerste algemene leider/voorzitter was Jan Rutten-Wijenberg, die werd opgevolgd door Jan Brock. Later ben ik nog voorzitter geweest. Hieronder de feestelijke aankondiging van de oprichting van de tuinclub uit de Wiek.

Na mij is ook Cor van den Akker nog voorzitter geweest. Kees van Heijst is een tijdlang penningmeester geweest van de club. Henk van der Poorten en John Aben zijn materiaalmeesters geweest. Zij beheerden de schoppen, harken en schoffels.

Er was jaarlijks ook een tuinwedstrijd voor wie het mooiste tuintje had.

De tuinclub had een aantal doelstellingen:

  • Plantjes kweken voor de borders op Sparrendaal; gekweekt vanuit zelf gewonnen zaad.
  • Het organiseren van een perceel met kleine tuintjes voor Sparrendalers.
  • De (zelfgebouwde) kas onderhouden.
  • Het onderhoud van de perken inclusief blad harken.
  • Leren in een vereniging te acteren.

De plantjes die we kweekten waren, voor zover ik me nog kan herinneren, salvia’s (rood) en ageratum (blauw). Zaaien, verspenen, uitpoten, onderhoud.

In de herfst was er op het terrein van Sparrendaal veel blad van de bomen op de grond. Dat werd bijeen geharkt en per kruiwagen vervoerd naar de humushoop in het bos. Deze humushoop moest met regelmatig worden 'omgezet' en voorzien worden van kalk om goede compost te krijgen. Een gezellige activiteit uitgevoerd door een aantal jongens, uitgerust met rieken.


Wat er in de tuintjes werd gekweekt staat me niet meer bij. Het zullen wel bloemen en plantjes zijn geweest, misschien ook aardbeien. Ik kan me nog herinneren dat ik met een paar maten een koker met informatie in de grond heb gestopt, zodat een (veel) latere generatie die zou vinden en kunnen lezen wat wij zoal uitspookten in 1965.

Hoe groot de tuinclub was is mij niet bijgebleven, maar uit het overzicht blijkt dat er flink veel jongens lid waren. De foto met Pater Coppens en rector Giezenaar is, denk ik, gemaakt bij het eerste lustrum van de tuinclub, maar ik kan me vergissen.

De bijdrage die ik al heb ontvangen, met echt heel leuke originele details, toont dat de tuinclub een flinke club was die strak was georganiseerd. Ik hoop dat nog een ander 'tuinclublid' extra informatie heeft of fouten uit bovenstaande kan corrigeren. Ik heb het bij de tuinclub best naar mijn zin gehad en een en ander geleerd.

Extra detail: ik ben later getrouwd met een leuke meid uit een kwekersfamilie uit Eindhoven, maar dat is puur toeval.

Auteur: Han Blonk, met aanvullingen van Kees van Heijst en Cor van den Akker.

Hieronder volgen wat foto’s van de tuinclub, een beschrijving van de tuintjes, een vergaderverslag en een verhaal van Jan Levels.




Klik op de afbeelding om deze te vergroten.



Cor van den Akker als voorzitter van de tuinclub

Hieronder het programma van de opening van de Tuinclub in maart 1963. Cor van den Akker (tweede foto hieronder) hield de openingstoespraak. Kees van Heijst had het slotwoord. De tuinclub bleef vermoedelijk bestaan tot 1968.


Het programma van de opening van de Tuinclub in maart 1963. Cor van den Akker hield de openingstoespraak. Kees van Heijst had het slotwoord. De tuinclub bleef vermoedelijk bestaan tot 1968.




De tuinclub had in 1965 haar eigen voetbalelftal.

Wat herinner ik me nog van de Tuinclub op Sparrendaal?

Door lid te zijn van deze tuinclub kreeg je inderdaad een tuintje toegewezen. Ik schat in dat dit een stukje grond was van 10 maximaal 15 vierkante meter. Als ik er op terugkijk dan besef ik dat dit tuintje me, naast het voetballen, zwemmen, hardlopen en de vele binnenactiviteiten - waaronder schaken, dammen, pingpongen en fotograferen - veel plezier bezorgd heeft. Zeker ook de vele kampioenschappen van al deze sporten. Ik weet me te herinneren dat ik regelmatig verse bloemen uit eigen tuin in een paar vaasjes op mijn kamertje had staan. Van thuis kreeg ik wat zaad mee van asters en anjers. Op Sparrendaal zelf waren het elk jaar dezelfde soorten die in de kas gekweekt werden. Inderdaad agratum en salvia’s maar zeker ook - en die waren er het meest, ha, ha, - afrikaantjes en betunia’s. Naar mijn weten werden er ook geen aardbeien gehouden. Ook nooit bij stil gestaan dat dit misschien wel kon, niemand deed het immers.

Het grappige is dat ik nu thuis in mijn voortuin direct naast de weg wel aardbeien heb staan. Dat doet verder niemand, wellicht bang dat men ze weghaalt. Vind ik overigens niet erg, deden wij vroeger toch ook! De jaarlijkse wedstrijd 'wie heeft de mooiste' zorgde er voor dat het tuintje er voor de jury piekfijn bijlag. Ik meen me te herinneren ook wel eens in de prijzen te zijn gevallen. Dat was goed nieuws voor het thuisfront, toch? Wat me is bijgebleven is dat mijn tuintje niets met vakantie van doen had. Telkens als ik terugkwam was het helemaal onderkomen, vol onkruid en alle bloemen schots en scheef door elkaar, zeker de betunia’s hingen alle kanten op. Als tuinliefhebber deed dat zeer. Op dat vlak hadden de paters of de broeders in mijn ogen extra punten kunnen scoren, niet?


Het tuinclublied 1966

Dat er sprake was van een strak georganiseerde club, daar heb ik niets van meegekregen. Ook de vermelde vergaderingen gingen in ieder geval mij volledig voorbij, had daar toen ook niets mee. Af en toe heb ik wel meegewerkt om de composthoop om te zetten. Van de andere werkzaamheden, conform de brede doelstelling, heb ik nooit iets meegekregen: ik moet dat in volledig vertrouwen aan andere tuinclubleden overgelaten hebben.

P.S.

Ik las wel nog ergens dat Willem Hendrikx, ook afkomstig uit Stramproy, in 1965 de algemene leider was van de tuintjesclub.

Jan Levels (op Sparrendaal 1965-1970)



Het informatieblad voor nieuwe leden
2

Reacties (2)

Giel van Hooff zei op 18 januari 2024 om 15:34 uur

Leuk, een aparte pagina voor de tuinclub. Het internaatsleven was nog niet zo slecht en pater Coppens was een van de meest benaderbare paters. Jaren zestig ging, denk ik, het klein seminarie, steeds meer op een gewoon internaat te lijken. Leuk om mijn naam terug te vinden als leider. Ook voor mij was de club een leuke afwisseling en een eerste kennismaking met tuinieren. Waar zouden al die kruiwagens, schoppen en schoffels gebleven zijn?

Marilou NillesenBHIC zei op 22 januari 2024 om 10:25 uur

Oh, goeie vraag, Giel. Ik heb geen idee maar mogelijk weet één van de lezers van dit verhaal meer? Wanneer ben je leider geweest, en wat is je het meest bijgebleven van die tijd?

Reactie toevoegen

Je e-mailadres is privé en zal niet openbaar worden gemaakt.

Platte tekst

  • Geen HTML toegestaan.
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.
  • Web- en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.