Het rijke roomse leven in brabant 1900-1970

De Antonius-Abtkerk in Bergen op Zoom

RK kerken

In een periode van ruim een eeuw hebben er maar liefst drie kerken op deze plaats gestaan.

Foto: BHIC, Collectie Provincie Noord-Brabant

Toen Nieuw Borgvliet in 1864 een eigen parochie kreeg, kwam er eerst een noodkerk. De ‘echte’ kerk werd in 1865 ingewijd. Daarna werd in 1929 een nieuwe gebouwd omdat de oude te klein was geworden. Een anonieme gulle gever schonk de parochie een fraai tabernakel, dat sindsdien echter is verdwenen.  In 1944 werd deze tijdens de bevrijding van Bergen op Zoom verwoest en in 1951 werd het huidige gebouw ingewijd.

Tot rond 1960 kwamen de boeren met hun varkens naar de kerk van de H. Antonius Abt in de wijk Nieuw Borgvliet. Deze Antonius beschermde namelijk de varkens tegen ziektes. Een beetje merkwaardig omdat hij eigenlijk helemaal niets met varkens had: de duivel had hem namelijk in de gestalte van een varken proberen te verleiden om afscheid te nemen van zijn voorbeeldige leven als monnik in de woestijn. Vandaar dat hij altijd met een varken wordt afgebeeld en waarschijnlijk is men daarom gaan denken dat hij deze beesten beschermde.

(het verhaal gaat verder onder dit krantenartikel uit het Limburgsch Dagblad)


Met dank aan Willem Kruf voor de verwijzing naar bovenstaand krantenartikel

De bedevaart bestaat niet meer, maar het kerkgebouw nog wel, al is het sinds 2000 niet meer in gebruik voor de eredienst. Tegenwoordig zijn er een kinderdagverblijf en een wijkcentrum in gevestigd.

Reageer hieronder en deel je herinneringen aan de kerk, het leven in de parochie en de geestelijken van vroeger. Zoals aan pastoor V.A.M. Kuijpers, geboren in 1881 en een priester die tot op hoge leeftijd de parochie Antonius-Abt heeft bediend. In de jaren vijftig kreeg hij daarbij hulp van de kapelaans J.C.A. Oomen en M.C.M. Hout. In 1959 werd de priester C.J.P. Graauw als pastoor in de parochie ingehaald.

Pastoor Kuijpers
Pastoor Kuijpers en het zangkoor Nieuw-Borgvliet in 1950. V.l.n.r. voorste rij: P. Oerlemans, W. de Rooij, J. van Loon, Pastoor Kuijpers, Janus Dekkers (koster en organist). Daarachter: ?, Heijmans, ?, Bas Veraart, ?. Achteraan: ?, ?, Toon de Waal, Toon verbraak, Frie Hooijdonk, ?, ?, Willem Rens, Vriens, ?, Jan Hultermans, Heijmans. (Foto: collectie West-Brabants Archief RMUK032)

Onder dit verhaal vind je reacties van Willem Kruf, Jan de Crom en Toon Maes.Toon Maes stuurde deze foto in, daaronder foto's van Jan de Crom (met dank heren!)


Leerkrachten van St. Vincentiusschool met pastoor Kuijpers, hoofdonderwijzer Nuijten, kapelaan de Graauw?, juffrouw Weijts, meester Piet van Eekelen, Bas Veraart, A.F.J. Maes (rechts hurkend). De persoon links weet ik niet. Periode voor oktober 1944



1960: langs de zijgevel van ons huis wordt een geul gegraven voor de riolering van de nieuw te bouwen wijk.
Foto genomen met mijn eerste fototoestel (heb ik nog) een Agfa Clack met een rolletje voor 8 foto’s.

In de winter van 1962 was zoveel sneeuw gevallen dat je op de platgereden sneeuw op de kinderkopjes
van de Antwerpsestraatweg kon schaatsen (ach wat maakte die Agfa Clack mooie foto’s).

1960: Sperziebonen plukken in de Augustapolder. Bij mijn oom Ko Musters.
Mijn moeder is de derde van links en ik ben de vierde van links.
Op de achtergrond zie je dat het koren nog in schoven gezet werd.

Zo’n typisch groot katholiek gezin. Deze foto is van de gouden bruiloft van de fam. Verraes, die
tussen ons en Willem de Jong woonden. Ik tel 12 kinderen, maar er zijn er 15 geweest.

De tweelingzussen Isa en Coba de Crom voor hun ouderlijk huis na hun Tweede Communie in 1949. Hun 5-jarige broertje Jan de Crom staat er tussen in met een mandje in zijn handen. In het mandje zaten bloemblaadjes die hij mocht uitstrooien toen zijn zussen thuis kwamen uit de Antonius Abt kerk.



Met daaronder deze “statiefoto” van Jan de Crom in 1956 t.g.v. zijn Tweede Communie. Bij fotograaf Wosyka op het Fort. Met glacé handschoenen, het eerste echte missaal en Robinsonschoenen (want die versleet je niet). En naar de mode van die tijd een drollenvanger.

Als het elastiek van de drollenvanger te slap was, liep je de hele dag je broekspijpen op te trekken. Het pak was duidelijk “op de groei” gekocht.

De Tweede Communie was een groot feest met familie die op de grote dag op bezoek kwam. Maar wat belangrijker was voor de communicant zelf was dat je je nieuwe kleding ging showen bij de buren. Je werd dan bewonderd en kreeg geld of snoep.



De 1ste klas Sint Vincentiusschool 1950-1951. Juffrouw Weijts was de onderwijzeres.

Van Willem Kruf ontvingen we de volgende mooie illustraties:


Pastoor Kuijpers: geboren 1881, overleden 1962, pastoor op Borgvliet 1920 tot emeritaat in 1959


De tekst van deze bijdrage is uitgebreid op 19 juni 2020. Redactie

188

Reacties (188)

Hiske zei op 9 maart 2017 om 17:51 uur

Kunt U in engels vertalen? Ik heb een verOek van een familie in Canada wiens grootvader betrokken was bij de bevreiding van Berhen op Zoom. Zij hebben een vaandek van de Katholieke Jongeren Vereninging Rood met Wit bruis en erop
Par. H. Antonius Abt en eronder K.J.V. Met een kruis. Zij willen meer te weten komen over hun familie geschiedenis en hebben mij benaderd te helpen.
Maria Hiske Gerding Binnendijk
Het zou fijn zijn als er een engelse tekst was omdat het erg veel is dit allemaal te vertalen. Deze familie uit Canada heeft Deense voorvaderen en de vlag deed hen aan Denemark denken maar ik legde uit dat er kerk vereeiniging vaandels waren, gebruikt in processies, die mogelijk door deze " bevrijder" aantrekkelijk werd gevonden en aan hem gegeven was. Hartelijk dank.

Mariët BruggemanBHIC zei op 10 maart 2017 om 14:39 uur

Beste Hiske,

bedoel je of we de bovenstaande tekst in het Engels kunnen vertalen ?
Je kunt dit trouwens heel gemakkelijk doen door via google een vertalingswebsite uit te zoeken en de tekst te kopiëren en te plakken.
Een voorbeeld van zo'n website is:
http://www.vertaaltool.nl

Veel succes en met vriendelijke groeten,
Mariët Bruggeman

M.h.gerding zei op 10 maart 2017 om 14:53 uur

Hartelijk dank.ik heb de tekst al lezend vertaald en de
1944 bevrijding was inderdaad deel van het leven van hun canadese grootvader. Met mijn verontschuldiging good eerdere spelfouten. De iPad verandert alle worsen ongewild in iets engels

Willem Kruf zei op 22 december 2019 om 21:25 uur

In aanvulling op de passage “Tot rond 1960 kwamen de boeren met hun varkens naar de kerk”.
In november 1908 werd opgericht het Varkensfonds van de parochie H. Antonius Abt te Nieuw Borgvliet. Het reglement werd goedgekeurd door de bisschop van Breda. Het fonds was een onderlinge verzekering voor parochianen die een of meer varkens hadden. Het fonds ging ter ziele in juli 1978. Dus het fonds was net geen 80 jaar.
Aan de hand van kas- en notulenboeken wordt de geschiedenis uitgewerkt.

Marilou NillesenBHIC zei op 23 december 2019 om 10:30 uur

Bijzonder Willem, dat Varkensfonds; goed dat je hier melding van maakt! We kijken uit naar de geschiedenis, die nu wordt opgetekend - als ik het goed begrijp?

Willem Kruf zei op 23 december 2019 om 12:52 uur

Goed begrepen. Overigens 1908-1978 is geen 80 maar 70 jaar

Jan de Crom zei op 9 juni 2020 om 22:54 uur

Ken nog een verhaal van pastoor Kuijpers. De socialistische schrijver A.M. de Jong (van Bulletje en Bonestaak; van Marijntje Gijsen) was komen wonen in het witte huis vlak bij de Langeweg (In de jaren 60-70 heeft de fam. Nijpels in het huis gewoond). Terwijl de Jong nog aan het uitpakken was, was pastoor Kuijpers via de keuken binnen gekomen. Briesend, dat de Jong allemaal slechte boeken had. de Jong heeft hem de deur uit gewerkt met de opmerking: "ik wist niet dat ik u uitgenodigd had."

Marilou NillesenBHIC zei op 10 juni 2020 om 09:45 uur

Mooie en typerende anekdote, Jan, wat goed dat je dat hier meldt. Het zegt veel over de pastoor en over A.M. de Jong ;)

Wllem Kruf zei op 10 juni 2020 om 09:56 uur

Het verhaal van Jan de Crom kan zomaar kloppen.
Vincent Kuijpers was in 1920 pastoor geworden op Borgvliet. A.M. de Jong die vanuit Nieuw Vossemeer naar Delft en Amsterdam was getrokken, werd, aldus een krant in die tijd, door de socialisten met nog een bekende naam als voortrekkers naar het Zuiden gezonden. De Jong woonde op Borgvliet tussen 1925 en 1930. Hier schreef hij zijn Merijntje Gijzen - boeken. Hij verdiende toen al een goede boterham. Hij had een auto en een paard en dat op het niet rijke Borgvliet. Kortom de actie van de pastoor illustreert mooi de spanning tussen socialisten en katholieken. In dit kader is dan ook frappant dat een krant in 1927 bericht dat pastoor Kuijpers in de maand mei in Rome zal verblijven.
Helaas kende het leven van schrijver De Jong een ander verloop dan van pastoor Kuijpers. Op 18 oktober 1943 werd De Jong in zijn woonhuis te Blaricum, waar hij sedert 1930 woonde, doodgeschoten. Dit in het kader van de reeks zogenaamde Silbertannen-moorden. Pastoor Kuijpers overleed in april 1962, terwijl hij in 1931 al zou zijn voorzien van het Heilig Oliesel, het sacrament der stervenden. Wel heeft hij op Borgvliet vier keer een kerkgebouw laten bouwen. Eerst een noodkerk in de jaren 1920 ter vervanging van de te klein geworden kerk van 1864. De nieuwe kerk op de plek van gesloopte oude kerk werd ingewijd in 1930. Deze kerk werd in oktober 1944 door de bezetter opgeblazen. Vincent bouwde een tweede noodkerk. En de nieuwe kerk werd ingewijd in 1950.
Mogelijk heeft familie van Jan de Crom ook met de pastoor te maken gehad. Een De Crom was (mede)oprichter van harmonie Concordia en een De Crom was bestuurslid van het Varkensfonds Antonius Abt. De pastoor was geestelijk adviseur van beide verenigingen. Ook komt de naam De Crom voor in het verhaal "Ook de Augustapolder ontkwam niet aan het water in 1953" op deze website.
Tot slot de verteller dezes stond met andere welpen (nu scouting) naast de doodskist van pastoor Kuijpers vooraan in de kerk op Borgvliet in 1962.

Jan de Crom zei op 10 juni 2020 om 10:12 uur

Het noodkerkje van rond 1950 kan ik me herinneren. Vanaf de Antwerpsestraatweg liep je langs Ons Tuus naar het huis van wethouder de Moor. Daar begon het kerkepaadje, dat langs de tuin van de pastorie naar de Rembrandtstraat liep.
Het noodkerkje was halverwege achter de St. Vincentiusschool (toen nog een jongensschool). Wat me op het netvlies gebrand staat, was het altaar. Dat was geschilderd in "kermismarmer". Het deed mij als zesjarige al pijn aan de ogen.

Willem Kruf zei op 10 juni 2020 om 10:44 uur

In dat noodkerkje begonnen Kees en Klaas Nijpels hun meubelfabriek.

Willem Kruf zei op 10 juni 2020 om 11:24 uur

Nog ter aanvulling
Kuijpers ging met emeritaat op 1 april 1959.
Na bijna 55 jaar priesterschap.
En Kuijpers en De Jong waren leeftijdsgenoten, geboren 1881 en 1882.

Jan de Crom zei op 10 juni 2020 om 18:49 uur

De vraag over de Crom in verenigingsverband kan kort beantwoord worden. Mijn vader had als buschauffeur van de BBA onregelmatige diensten. Niet zo best om dan in een vereniging te zitten.
Ik heb nog wel iets anders dat het katholicisme vroeger typeerde. Mijn vader is in 1904 geboren in zo'n typisch groot gezin op de Heimolen. Dat is gemeente Woensdrecht. Maar men ging ter kerke in Nieuw Borgvliet want dat was dichterbij dan de Blasiuskerk in Woensdrecht. Mijn ouders zijn in 1932 getrouwd o.a. in de Antonius Abt op Borgvliet. Ik heb de twee trouwboekjes nog. Het boekje van de gemeente Bergen op Zoom is ambtelijk. Het boekje van de katholieke kerk begint met adviezen voor een goed huwelijk. Om vervolgens bijna alles in de gebiedende wijs te beschrijven. Dat de vrouw gewillig moet zijn voor de behoeftes van haar man...alla daar kan ik als man geen bezwaar tegen hebben. Maar er staat ook een regel in die ik met verbazing gelezen heb. "De vrouw moet haar maandelijkse stonde nakijken of er geen blaasjes in zit. Als dat zo is, dan moet de vrouw voorzichtig proberen het blaasje te openen en het met water dopen. Vervolgens mag het blaasje begraven worden."
Toegegeven: de katholieke kerk dacht aan alles.

Willem Kruf zei op 10 juni 2020 om 19:31 uur

Wat die laatste zin betreft : de pastoor dacht ook aan een huisbezoek bij een parochiaan tegen etenstijd.
Aangaande de zin over het kerk gaan. Voor de komst van de Onze Lieve Vrouwe van Lourdes parochie behoorde het gebied tussen de brouwerij van Asselbergs (later B3 van Becht) aan de spoorlijn Bergen op Zoom - Zeeland in het noorden tot en met het buurtschap De Duintjes aan de Oosterschelde in het zuiden tot de parochie Borgvliet. Dus het tussenliggende buurtschap de Heimolen behoorde ook tot die parochie ondanks dat het buurtschap viel onder de gemeente Woensdrecht en men ging kerk in de eigen parochie.
Wat betreft buschauffeur De Crom : volgens mij woonde die in een huis naast garage Van Kaam, nu schilderswinkel Dietvorst.

Willem Kruf zei op 10 juni 2020 om 20:01 uur

In de ledenlijst van het Varkenfonds Antonius Abt jaar 1922-1923 staan vermeld:
H. de Crom Heimolen 50 en C. de Crom Heimolen 46

Jan de Crom zei op 10 juni 2020 om 22:32 uur

Buschauffeur Piet de Crom en Kaat Franken (jawel van een hoveniersfamilie) hebben in 1932 een huis laten bouwen wat nu Antwerpsestraatweg 495 is. Dat is een eindje van garage van Kaam. Maar vlak bij het voetbalveld "De Brombeer". In mijn jeugd was dat het laatste huis aldaar. Pas in de jaren '60 zijn ze ons enorme speelterrein gaan volbouwen met huizen.
Waar de pastoor aan etenstijd dacht, daar liet kapelaan Oomen het nooit na om de borst van een zogende moeder op de borst te zegenen met een kruisteken.

Jan de Crom zei op 10 juni 2020 om 22:56 uur

Ja, dat is waar. De enige kinderen, die op de fiets naar de Vincentiusschool mochten komen, kwamen inderdaad van de Duintjes.
Nou we het toch over de Vincentius hebben: hierboven is een foto van het mannenkoor uit de tijd van pastoor Kuijpers. Er wordt een Bas Veraart genoemd. Veraart was onderwijzer van de vijfde klas op de Vincentius. Ik heb nog gezongen in het jongenskoor dat hij leidde. Ze zeiden altijd, dat zingen dubbel bidden was. Wat in ieder geval klopt, is dat de mis sneller ging als je iets te doen had.
Wat niet zo snel ging, was de ochtend van de eerste vrijdag van de maand. Dan moesten de hoogste klassen naar de kerk en dan liep meester Veraart in het middenpad alle zonden op te lezen uit een boekje. Pas als hij klaar was, ging je te biechten. Want in de mis op de eerste zaterdag van de maand moest je met een schoon hartje ter communie gaan.

Willem Kruf zei op 11 juni 2020 om 08:16 uur

Genoemde Piet de Crom was ook lid van het Varkensfonds. Hij zal lid zijn geworden op 20 maart 1949.
Wat betreft de pastoor : de reglementen van postduivenvereniging Nooit Gedacht op Borgvliet, opgericht in mei 1928, kennen geen geestelijk adviseur. Het zou zo maar kunnen dat de pastoor niet blij was met duivenmelkers. In de heilige mis zaten zij op de achterste bank in de kerk en wanneer zij dachten dat de duiven thuis konden komen verlieten zij vroegtijdig de kerkdienst.

Jan de Crom zei op 11 juni 2020 om 09:54 uur

Wij hebben thuis tot pakweg 1960 altijd een varken gehad. Daarna werden de hygiëneregels zo streng dat het niet meer loonde. Het geboortehuis van mijn vader op de Heimolen was schuin tegenover de PNEM. Zou zomaar nummer 46 geweest kunnen zijn. Maar mijn opa heette Adrianus. Als de H. en de C. afkortingen zijn van doopnamen dan zie ik in de H Hendricus en dat zou Riekus de oudste broer van mijn vader kunnen zijn. In de C lees ik dan Cornelis. Dat zou ome Kees kunnen zijn, die net boven mijn vader was.
Van het dorp Varik, waar ik nu woon, weet ik dat daar vroeger ook een varkensfonds geweest is. Maar binnen mijn familie kan ik me niks herinneren. Wel ken ik oorlogsverhalen, bijvoorbeeld over het illegaal kopen van een big.
Vertel mij wat over duivenmelkers. De jongste zus van mijn vader woonde twee deuren verder op 493. Zij was getrouwd met een duivenmelker en dat heeft ons menig katten gekost.

Willem Kruf zei op 11 juni 2020 om 11:01 uur

Hee die zus van jouw vader was die getrouwd met Willem de Jong met o.a. zonen Piet en Adriaan??

Jan de Crom zei op 11 juni 2020 om 11:32 uur

Ja, dat was tante Jo. Ik speelde altijd met Joke en Pietje. Mijn broer Ad was bevriend met Adriaan. Van mijn broer heb ik gehoord, dat ome Willem niet zachtzinnig was als een van de kinderen zich niet gedroeg tijdens het bidden van het rozenhoedje. Van die familie heb ik het woord "karwats" geleerd. Tsja, dat waren opvoedmanieren, die tegenwoordig ondenkbaar zijn.

Willem Kruf zei op 11 juni 2020 om 11:59 uur

Geinig de familie De Jong was nauw verbonden met de voetbalclub Borgvliet Harry, leider dames, Piet aanvaller 1e en 2e elftal en Adriaan, supporter. Zie ook deze website Merijntje Gijzen als voetballer bij Nieuw Borgvliet.

Jan de Crom zei op 11 juni 2020 om 14:12 uur

Het was trouwens tante Dien. En ome Willem was terreinwerker bij de voetbalclub.
Het was in de tijd, dat de kinderen het beter moesten krijgen dan de ouders. Dus ik ging naar de middelbare school. Maar dat was niet aan ome Willem besteed. "Praktijk mot je hebbe" was zijn standaarduitdrukking. Dus toen ik op het voetbalterrein ook een spa wilde pakken, werd dat door ome Willem afgewezen, want mijn handjes waren daar niet voor gemaakt.

Willem Kruf zei op 11 juni 2020 om 15:16 uur

Hoi Jan,
mijn vader had ook varkens achter in de moestuin tegen de Augustapolder.
1 voor de slacht en 7 voor de verkoop. Ook dit eindigde rond 1960.
Volgens mij heb jij ook de vernieuwing tevens verbreding van de Antwerpsestraatweg meegemaakt. De weg waarlangs tot 1974/75, toen de autoweg A58 in gebruik werd genomen, alle mensen naar Zeeland reden.
Rond 1961/62 werd de smalle klinkerweg met smal fietspad vervangen door een tweebaans betonweg met daarnaast betegeld fietspad en trottoir. Buiten de bebouwde kom werd het een gescheiden fietspad van beton.
De beton werd volgens mij gemaakt in tijdelijke betoncentrale op het terrein naar jullie huis. Overigens werd van de gelegenheid gebruik gemaakt de huizen aan te sluiten op de dan aangelegde gemeente-riolering, waardoor een einde kwam aan de beer- en sterfput achter de huizen. Overigens werd toen wel onze voortuin (op nummer 382) met zo'n 4 strekkende meter verkleind ten behoeve van de verbreding. Maar ondanks de verbreding bleven de urenlange files richting Zeeland in de vakantietijd.
Het was ook de tijd dat als je in Zeeland was eenvoudig kon duiden waar je woonde in Bergen op Zoom. Bij fritestent Laantjes of cafe de Raayberg, op beide adressen stopten veel Zeeuwen als ze naar huis reden.

Kijk maar eens mee naar deze foto's, afkomstig uit de collectie van het West-Brabants Archief:

Willem Kruf zei op 11 juni 2020 om 17:30 uur

Ter toelichting op de twee bovenstaande foto's:
Op de bovenste foto staat de woning van Piet de Crom. Destijds aan het einde van de bebouwing aan de Antwerpsestraatweg na de verbreding van de weg in 1961/62. De onderste is een ongeval in november 1975 bij het benzinestation van Van Kaam aan de rechterzijde van de Antwerpsestraatweg rijdend van de Raayberg naar Laantjes en vervolgens Zeeland. De ondergrond van het station vormt nu de kruising Antwerpsestraatweg, Markiezaatsweg en Olympialaan.

Beppie Konings-Veraart zei op 11 juni 2020 om 18:44 uur

Wat ontzettend leuk, dat mijn vader, Bas Veraart, vernoemd wordt,
Hij heeft bijna 15 jaar onderwijzer geweest op de Vincentiusschool. Het hoofd was de heer Nuyten. Mijn vader heeft jaren naast een mannenkoor ook een jongenskoor gehad. Later kwam ook een dameskoor wat hij niet leuk vond!!!!

Jan de Crom zei op 11 juni 2020 om 20:56 uur

Dag Beppie,
Natuurlijk ben ik jouw vader niet vergeten. Hij was een ontzettend goede verteller. En - belangrijker - hij heeft me de liefde voor Gregoriaanse muziek bijgebracht.
Ik heb wel een vraagje: Is jouw vader op eigen initiatief met die kerkkoren begonnen ? Of was er wat 'pressie' van de pastoor ?
Verklaring. Normaliter was in die tijd de pastoor de voorzitter van een katholiek schoolbestuur. Op de kweekschool in Oudenbosch werden wij gewaarschuwd voor dergelijke schoolbesturen. Want als je niet goed oplette, dan stond er in je akte van benoeming dat je naast onderwijzer ook dirigent van het koor was. Of koster. En eenmaal de akte getekend zat je er aan vast.
Groeten aan Bonnie.

Jan de Crom zei op 12 juni 2020 om 09:48 uur

Hierboven werd ergens gevraagd naar het contact met pastoor Kuijpers. Als kind in de jaren '50 kan ik me een paar dingen herinneren.
Het scapulier, dat eigenlijk gedragen werd door kloosterlingen, kwam ook in de mode bij leken. In een simpele vorm: twee lapjes aan een koordje en tussen de lapjes zat een medaille met Maria afbeelding of een kruisje. Het werd gedragen tussen het hemd en de borstrok. Als je een nieuwe kreeg van je moeder dan ging je met het scapulier naar de pastoor om het te laten zegenen.
Dat zegenen vroeg je ook aan de pastoor als je een nieuwe rozenkrans had.
En daarna gebeurde wat des kinderen is. Wie had de mooiste medaille van Maria; wie had het mooiste kruisje. En als je een rozenkrans had van rozenhout dan was je helemaal het mannetje of vrouwtje.

Beppie zei op 12 juni 2020 om 19:18 uur

Ik weet niet of mijn vader onder druk dirigent geworden is van het zangkoor.
Hij was erg trots op zijn jongenskoor. Ik herinner me nog dat wij mee mochten naar de Waranda in Oosterhout met het uitje van zijn koor. Bovendien was hij jaren lid van het Bergse Laus Deo. Zingen was zijn lust en leven.
Onze Loes heeft dat van mijn vader . Zij was dirigente van het smartlappenkoor :
de Bittere tranen. Meer dan 70 leden!!!
Groeten van Bonni terug Jan

Willem Kruf zei op 12 juni 2020 om 20:08 uur

Van het schoolleven op Borgvliet heb ik weinig meegekregen. Ons gezin kwam in 1950 vanuit de binnenstad via twee jaar "t Fort naar Borgvliet. Mijn vier broers waren naar de Canisiusschool gegaan. Dus na de kleuterschool met de zusters Norberta en Lamberta moest ik ook maar naar die lagere school.
Zes dagen in de week op en neer naar de stad. Omdat scholen onderdeel waren van een parochie, werd Communie en H. Vormsel gedaan bij de betreffende parochie. In mijn geval gaf dat wrijving. De Joseph parochie waartoe de Canisiusschool behoorde zei je bent geen parochiaan en de parochie Antonius Abt zei je zit hier niet op school en je moet deelnemen aan de paar dagen retraite op Molenzicht, nu manege Daartoe gaf de Canisius dan wel vrijaf.
Op Borgvliet zat ik wel bij de welpen. Huisvesting de zolder van de meisjesschaal. De leiding was in handen van akela Tax en de gezusters Van den Berg. Ook hier een katholieke inslag : in mei en oktober naar het lof en op de fiets naar de Onze Lieve Vrouw kapel in Zegge en te voet naar de Blasius kerk in Woensdrecht. Daar kreeg je twee kaarsen tegen je nek om je keel te beschermen. Maar ook vakantieweken waren aan de orde. Een keer op boerderij Weltevreden bij Oostkapelle en een keer boerderij De Vlieger in Vrouwenpolder. De reis ging met de trein en bus. Kortom hele gebeurtenissen.

Jan de Crom zei op 13 juni 2020 om 15:02 uur

Ik kan me een uitje van het jongenskoor herinneren naar Vossemeer en Oudenbosch. Het zal wel te maken gehad hebben met Sint Caecilia, maar ik kan me niet indenken dat dat op haar naamdag 22 november was. Van tevoren was ons al iets verteld over een Zeeuwse bolus. Nou wist ik wel wat een bolus op z'n Berregs was. Dus het was reuze spannend wat een Zeeuwse bolus was. Nou, die was zo lekker, dat als ik in Zeeland ben altijd probeer een bolus te scoren.
Maar met die eerste bolus is het bijna verkeerd afgelopen. Na Vossemeer gingen we naar Oudenbosch. Daar mochten we op een smal strookje een rondje lopen om de koepel van de basiliek. Het heeft weinig gescheeld of ik had daar op die koepel m'n eerste Zeeuwse bolus vroegtijdig veranderd in een Bergse bolus.

Willem Kruf zei op 14 juni 2020 om 08:38 uur

Over koek en gelijk maar brood gesproken op Borgvliet waren er ook bakkers Janus de Weert, Toon Moerland en Toon de Nijs aan de Antwerpsestraatweg, Piet Nagelkerke en gebroeders en zus De Nijs in de Oude Huijbergsebaan, Van Loenhout - waar later brood uit de broodfabriek van Leijdekkers werd verkocht - en Meerbach. Slagers waren er maar twee Bart Bruijs en Piet Dingemans. Op de Heimolen zat slager Koevoets. Dit zal kijkende naar het ledental van het Varkensfonds mogelijk zijn geweest omdat veel inwoners van het dorp cq de parochie een eigen varken hadden dat in november werd geslacht voor eigen gebruik. Bij ons thuis ging dat een keer verkeerd. De slager had een touw om de nek van het varken gedaan. Dit touw werd met een stok aangedraaid om het varken te laten stikken. Helaas brak het touw en het varken er krijsend tussenuit.

Jan de Crom zei op 14 juni 2020 om 10:11 uur

Dat de kerk en de school twee handen op één buik waren, blijkt uit de kaft van mijn rapportboekje St. Vincentiusschool 1950-1956. Achterin staat op de kaft:
Ouders, wij vragen U, in het belang van Uw kinderen:
1. Waak er voor, dat zij trouw en met eerbied het morgen- en avondgebed bidden.
2. Stuur hen zo veel mogelijk 's morgens naar de H. Mis.
3. Zorgt, dat zij thuis de catechismus leren.
4. Verbiedt hun te roken, geef nooit bier, kweek geen snoepers.
5. Toont dikwijls Uw belangstelling voor het onderwijs.
Als de belangrijkste regels bovenaan staan, dan is de zaak duidelijk.

Jan van Loon zei op 14 juni 2020 om 14:26 uur

Met dit verhaal ben ik heel blij mee.
Ik heb natuurlijk de Vincentiusschool in Borgvliet van klas 1 t/m 6 doorlopen.
In de 4e klas bij Bervaes (was voorzitter van de voetbalvereniging), in de 5e klas bij Bas Veraart en in de 6e meneer Nuijten (hoofd van de school).
In het begin moesten wij te voet naar school van de Duintjes door de " holleweg" (vossenweg) naar Borgvliet.
Mijn opa staat op de foto van het koor, naast pastoor Kuipers.
Van pastoor Kuipers kregen wij godsdienstles. We moesten de cathechismus helemaal van buiten kennen.
Toon Suijkerbuijk, gehuwd met "Koosje" haalde de contributie op bij de leden van het varkensfonds.
In de kerk is het Mariakapelletje nog "kerk". De dames van den Berg weten hier alles van !
Zelf heb ik bij de ingebruikname van het wijkcentrum en kinderdagverblijf van Gerard Kamp (oud directeur van Wonen West Brabant) een beeldje van Anthonius Abt gekregen voor mijn inspanningen.
Pastoor Kuipers kwam regelmatig bij ons thuis op de Duintjes.

Jan de Crom zei op 14 juni 2020 om 15:18 uur

Ha Jan,
En ? Was het leren van de catechismus zo succesvol dat je bij de tweede communie een boek over het Heilige Land kreeg ? Ik heb het wel gekregen, maar dat lag niet aan mijn studiezin of aan de uitleg van pastoor Kuijpers. Ik heb gewoon de mazzel gehad, dat de moeilijke regels altijd aan een ander gevraagd werden. En nog weet ik alleen maar de eerste vraag: "Waartoe zijn wij op aarde?"

Jan van Loon zei op 15 juni 2020 om 18:46 uur

In mijn verhaaltje moet ik een correctie aanbrengen, sorry.
Koosje was gehuwd met Janus Consemulder.
De cathechismes moesten wij inderdaad helemaal van buiten kennen. Ik kreeg een schriftje en een gom. De Duintjes, waar ik geboren ben, was parochie Borgvliet en behoort, nog steeds, bij de gemeente Woensdrecht.
Meneer Nuijten, hoofd van de Vincentiusschool, was de oprichter van de voetbalvereniging,
RKvv Nieuw Borgvliet. Opgericht in 1922.
Borgvliet heeft een Harmonie "Concordia". Mijn vader Jac van Loon speelde klarinet. Hij zat ook in het bestuur, ook de pastoor en meneer Nuiten.
In de Anthonius Abt kerk ben ik in 1945 gedoopt. Mijn vader is op het kerkhof achter de Kerk in 1968 begraven.

Willem Kruf zei op 15 juni 2020 om 20:54 uur

Jac. van Loon had een varkensboerderij. Ik heb er nog zakgeld verdiend op zaterdagen en in een vakantie. Helaas verdween de boerderij evenals de boerderij van Vermunt nabij de Blaffert en de eeuwenoude boerderij eerder herberg Schaliehoef in het Molenbeekdal. De oorzaak was de aanleg van leidingstraat Rotterdam - Antwerpen in 1973. Om een indruk te geven waar de boerderij van Jac. van Loon stond op de Duintjes. De grote electriciteitsmast staat midden in de uitloop van de varkens. Het woonhuis en de stallen stonden rechts daarvan.
De foto van de familie Verraes roept het volgende op. Piet, Dook en Jan en hun zwager Wim Gevers waren straatmaker bij de gemeente. In die ploeg was tussen 1948 en 1960 mijn vader Willem Kruf opperman-straatmaker. "Opoe" Rinus Verboven werkte ook in die ploeg. Ik heb die mannen bezig gezien met grote kinderkoppen en granieten trottoirbanden van naar mijn idee zeker wel dik
60 kilogram. Hoezo, ARBO-normen. In die tijd werkte ook Sjef van Dongen, die nog stalknecht van de schrijver A.M. de Jong was. Toen de directeur aan het personeel zijn promotie naar leidinggevende bekend maakte zei hij : "Chef" blijft "Sjef".

Toon Maes zei op 17 juni 2020 om 14:59 uur

Mijn vader A.F.J. (Jan) Maes, is in de jaren dertig onderwijzer geweest op de Vincentiusschool samen met juffrouw Weijts, Piet van Eekelen. Hij heeft ook de bouw van de nieuwe school begeleid. Toen Bergen op Zoom op 27 oktober 1944 bevrijd werd, heeft hij op de daarop volgende dag zijn ontslag ingediend om als zelfstandig ondernemer(makelaar) zijn reeds bestaande bedrijf zelf te runnen. Zijn opvolger was meen ik de heer Tax. Hoofdonderwijzer Nuijten is nog jaren klant van hem geweest.

Willem Kruf zei op 17 juni 2020 om 15:35 uur

Dag Toon, een mooie reactie. Er van uitgaande dat het huidige Maes (hoek Antwerpsestraat-Van Dedemstraat) ook de vestigingsplaats van jouw vader is heb ik nog een anecdote. Die hoek grensde ooit aan de grond van de eigenaar van Antwerpsestraat 9. De zoon van deze eigenaar, Cornelis Monu, werd in 1911 benoemd tot hoofd van de school op Borgvliet. Deze Cornelis gaf zelfs nog bijles aan Marie Louise, de dochter van Cuypers van Mattemburg.
Voor meer details zie deze site Johannes Monu, een veelzijdige smid uit Woensdrecht.

Toon Maes zei op 17 juni 2020 om 18:47 uur

Dat hoekpand is in 1892 gebouwd onder architectuur van van Genk. Het zijn drie panden: Van Dedemstraat 196,198 en Antwerpsestraat 13. Mijn ouders zijn daar in 1944 komen wonen. Zij bewoonden toen de benedenverdieping met het kantoor achterin. Boven woonde en mevrouw alleen. De weduwe Stam. Toen zij vertrok kregen we de beschikking over de hele woning. Ik ben daar geboren.
Toen mijn vader nog op Borgvliet stond, woonde hij met mijn moeder en zus op de Antwerpsestraatweg 298 (door hen gebouwd) tegenover de Raayberg op de hoek naast het toenmalige polderbaantje. Aan de andere kant daarvan woonde de kunstschilder J. Baartmans. Zoals bekend op tragische wijze om het leven gekomen. Achter dit huis hadden mijn ouders een hele grote tuin met veel fruitbomen en vruchten struiken. Ook asperges hadden ze daar. Deze tuin was feitelijk eigendom van boer Hazen. De huizen aan de Antwerpsestraatweg vanaf 298 richting Borgvliet zijn allemaal op grond van Hazen gebouwd. Daar woonde ook meester van Eekelen. Die is later naar Tilburg verhuisd.

Willem Kruf zei op 17 juni 2020 om 19:58 uur

De geschetste grondsituatie bij Antwerpsestraatweg 298 liep door tot de fritestent Laantjes, nu cafetaria De Blok, op de hoek van de Langeweg. Begin de jaren 1930 verkocht Hazen perceeltjes grond om een huis en schuurtje op de bouwen. De grond erachter verhuurde hij aan de eigenaren van de huizen en werd als moestuin c.a. gebruikt. Voor de huizen tussen autobedrijf van Laarhoven en cafetaria De Blok was dit de grond tot de boskant die de grens vormde van de nog aanwezige steilrand van de Brabantse Wal. Begin de jaren 1970 verkocht Hazen de grond aan de gemeente voor de realisatie van bouwplan Langeweg. Maar ook de huiseigenaren aan de Antwerpsestraatweg, dus ook mijn ouders op nummer 382 konden een stukje kopen.

Toon Maes zei op 17 juni 2020 om 20:18 uur

Inderdaad. Het staat mij bij dat er achter het huis van jou ouders een pad lag naar de Langeweg wat nog lang eigendom van Hazen was.

Willem Kruf zei op 17 juni 2020 om 20:52 uur

Dat baantje begon rechts van het tankstation van Van Kaam (zie hiervoor) maar je kon ook links ervan maar dan reed je achterom de ommuurde LPG-tank van het tankstation. Het pad liep langs de boskant tot de hoogte van fietsenmaker Piet Lodewijkx nu Tweewieler Besters (3e en inmiddels ook 4e generatie).
Zo kon je met de auto achter komen. Slager Piet Dingemans en kapper Koolen hadden er zelfs een garage staan. Aan het paadje begon ook Ad Hertogs met zijn garagebedrijf. Later vestigde hij zich in de Oude Huijbergsebaan. Tussen hoek Mondafseweg en hoek Rembrandtstraat bij cafe Den Ronden. In de bocht achter het tankstation was in natte tijden wel veel blubber. Mijn zwager bouwde in onze tuin een boot en die werd door de bekende Ko Groffen met zijn trekker langs het paadje naar de slikken van de Schelde vervoerd en daar te water gelaten.

Gijs Asselbergs zei op 18 juni 2020 om 09:39 uur

In december 1930 heeft een gulle gever een tabernakeldeur, gemaakt door de Bergse zilversmid Ant. Andriessen, aan deze kerk geschonken Op de bovenstaande krantenfoto van 28 januari 1935 is het niet goed te zien. Wie weet waar dit kleinood is gebleven. De Stichting Bergen op Zilver is op zoek naar deze deur. Een afbeelding kan ik per e-mail sturen.

Jan de Crom zei op 18 juni 2020 om 10:29 uur

Hoi Gijs,
Ik weet niks van het tabernakel. Maar ik heb wel een vraag over het HEILIGE PUTJE achter het hoofdaltaar. Ons werd op de lagere school wijs gemaakt dat als een hostie op de grond gevallen was, die niet meer gebruikt mocht worden. Die ging in het heilige putje achter het hoofdaltaar. Dus nou is mijn vraag of dat heilige putje gevonden is toen de Antonius Abt aan de eredienst onttrokken werd. Nou ik op bejaarde leeftijd daar op terug kijk, denk ik dat dat putje toch regelmatig leeggemaakt moest worden omdat je anders een janboel krijgt in zo'n ding. Dus: waar bleven die afgedankte hosties als het putje schoon gemaakt moest worden.
Of zullen we maar zeggen, dat Gods wegen ondoorgrondelijk zijn ?

Gijs Asselbergs zei op 18 juni 2020 om 10:41 uur

Helaas Jan, daar weet ik niets van. Ik kom niet uit Borgvliet. Al jullie verhalen zijn schitterend, maar het zegt mij niets.

Jan de Crom zei op 18 juni 2020 om 10:49 uur

Nog een keer, Hoi Gijs,
Je weet het waarschijnlijk zelf ook wel. Er is een RK stichting, die inventariseert welke zaken er bewaard moeten blijven van een kerkgebouw dat aan de eredienst onttrokken wordt. Het museum Catharijne Convent in Utrecht zal ongetwijfeld weten welke stichting ik bedoel.

Willem Kruf zei op 18 juni 2020 om 11:06 uur

Kan het ook niet zo zijn dat er bij het opblazen van de kerk(toren) in oktober 1944 wat zaken zijn meegenomen?????

Jan de Crom zei op 18 juni 2020 om 11:47 uur

Ik weet niet of de Duitsers ook zo'n stichting voor overtollige kunstschatten hebben. De fiets van mijn vader hebben ze in ieder geval niet meegenomen, want ze zagen hem 's nachts in zijn BBA uniform aan voor een politieagent.

Jan de Crom zei op 18 juni 2020 om 11:47 uur

Ik weet niet of de Duitsers ook zo'n stichting voor overtollige kunstschatten hebben. De fiets van mijn vader hebben ze in ieder geval niet meegenomen, want ze zagen hem 's nachts in zijn BBA uniform aan voor een politieagent.

Jan de Crom zei op 18 juni 2020 om 14:03 uur

Gijs Asselbergs,
Ik heb het nog eens nagekeken. Maar de tabernakeldeur was veel te jong om een prooi te worden voor de Antwerpse verzamelaar Fritz Mayer van den Bergh. In het boek over zijn leven en zijn verzameling vond ik wel het volgende:
Rond 1900 vonden veel pastoors die ouwe Gotische dingen in hun kerk ouderwets. Er moest vernieuwd worden.
Zo vind ik in het boek dat hij een Metsys triptiek - na bisschoppelijke toestemming - gekocht heeft van het kerkbestuur van de H. Maagd Maria in Bergen op Zoom. Wat er voor terugkwam in de kerken was gips en andere futloze kunst. Aldus het boek.

Louis Raaijmakers zei op 18 juni 2020 om 18:20 uur

Wat bijzonder leuk om reacties te lezen van mensen met wie ik op Nieuw Borgvliet heb gewoond en/of die veel mij bekende mensen hebben gekend. Wij woonden tussen de kerk en het café (eigenaar Janus Dekkers, later Toos Dekkers en Eugène Kieboom). Uit die spagaat ben ik kerkelijk niet goed uitgekomen, ondanks het feit dat mijn moeder drie broers had die een priesterroeping hadden. Zij kwamen ook regelmatig op bezoek bij ons, zeker in de periode dat onze grootouders bij ons inwoonden. Met een van die broers is iets bijzonders aan de hand. In 2015 kwamen we er achter dat hij een belangrijke heldenrol had gespeeld in de tweede Wereldoorlog als priester in Rome. Hij zat daar in een verzetsbeweging die veel burgers en krijgsgevangenen uit de handen van de nazi’s heeft weten te houden. Om zijn werk daar is hij opgepakt, verhoord door de nazi’s en gemarteld en uiteindelijk op transport gesteld naar Duitsland. Op die route is hij ontsnapt en teruggekeerd naar Rome. Hij heeft de martelingen weerstaan en zijn mond gehouden; veel verzetswerkers daar behoed voor arrestatie. Er is een website over deze ome Toon, Anselmus Musters: https://anselmus-musters.jouwweb.nl/het-verhaal-van-anselmus
De situatie in ons gezin was door deze priesters bijzonder. Pastoor Kuipers kwam graag langs, net als kapelaan Van den Hout en kapelaan Oomen. Die konden er nog wel bij in dat kleine huis met ons vader en moeder, wij, de drie kinderen, opa en oma, drie heerooms en dan de geestelijkheid. Leven genoeg in de brouwerij. Ik wil een boekje gaan schrijven over deze Anselmus Musters en ga natuurlijk Borgvliet daarbij niet vergeten. Ik ben daarom ook benieuwd hoe het voor buitenstaanders/dorpsbewoners is geweest om deze mensen mee te maken en om te zien dat dat er een auto in de Rembrandtstraat stond als Anselmus bij ons op bezoek was. Een priester met een auto; dat was toch wel gek. Er waren ook niet veel auto’s in het dorp.

Ineke van Tienen zei op 18 juni 2020 om 18:26 uur

Wat leuk om zoveel Borgvlietse verhalen te horen. Ik heb hier gewoond van mijn 3e tot mijn 10e jaar in de Achillesstraat. Ik ging naar de Gerardus Mariellaschool.
Daarna verhuisden we naar Bergen op Zoom warande. Mijn ouders zijn nog altijd betrokken geweest bij het verenigingsleven van Borgvliet ( Ons toneel, Vincentiusvereniging enz) Maar ik had nog jaren daarna heimwee naar Borgvliet, mijn straat, mijn school, de KMG (Katholieke Meisjesgilde in de noodkerk). Ook nu nog loop ik regelmatig door de dorpsstraten van weleer vol herinneringen.
De verhalen die ik hiervoor las komen mij ook bekend voor. Zijn er ook nog meisjes die in hier in de jaren 50-60 woonden? Leuk om herinneringen op te halen.

Jan de Crom zei op 18 juni 2020 om 20:13 uur

Hubkesdag.
3 november: de naamdag van Sint Hubertus. Op school kregen wij twee verhalen te horen. Het eerste verhaal gaat over Hubertus, die - hoe stout - op Goede Vrijdag ging jagen en toen hij een hert wilde schieten verscheen er een kruis tussen het gewei van het beest. Zo werd hij de patroonheilige van de jagers.
Het tweede verhaal ging over Hubertus, die een man van de hondsdolheid genas. Op school kregen we de meest vreselijke verhalen over hondsdolheid te horen. En dat was een voorbereiding op 3 november Hubkesdag.
Ik heb onlangs aan twee katholieke boven-moerdijkers gevraagd naar hubkesdag en ze wisten het niet. Wikipedia zegt, dat de dag typisch voor West Brabant en een klein stukje van België is. Hebben wij ook eens wat om mee te pronken.
Hubkes zijn kleine vierkante broodjes (5x5), die op 3 november door de plaatselijke bakkers gebakken werden. Om vervolgens in de kerk gewijd te worden. Daarna konden de gelovigen de broodjes kopen. Om ze vervolgens naturel te eten. Bij ons thuis kregen zelfs de kat, de hond, de kippen, het varken en...de goudvis en stukje hubke te eten. Na het eten was je weer een jaar beschermd tegen de hondsdolheid.
Bijgeloof ?? Nou, ik ben nou 76 en ik heb nog nooit hondsdolheid gehad !!
Ook op de speelplaats van school werd Hubkesdag gevierd. Een kind dat niet oplette, kreeg een knie onder z'n kont en de dader riep dan "hubkesdag !"

Gijs Asselbergs zei op 18 juni 2020 om 20:27 uur

Ja, dat is bekend Jan. Het Bisdom Breda heeft ook zo'n afdeling. De H. Hartkerk aan de Kastagnelaan in Bergen op Zoom is het diocesaan depot voor kerkelijke kunst.

Willem Kruf zei op 18 juni 2020 om 20:51 uur

Hee leuk een Van Tienen die gereageerd. Haar broer Mark, ook een Borgvlieter, is een van de stuwende krachten achter het A.M. de Jongmuseum te Nieuw Vossemeer. Zie website A.M.de Jongmuseum over het leven en werk van A.M. de Jong en zijn tijdgenoten.

Willem Kruf zei op 18 juni 2020 om 21:23 uur

Dan Jan met zijn Hubkes. Ofwel Sint Hubertusbrood. In het Soerabaijasch handelsblad van 9 februari 1935 (website Delpher kranten) schrijft D.J. van der Ven een uitgebreid artikel onder de kop St.Antoniusviering in Nerderland. De feestdag is 17 januari. De viering op Borgvliet krijgt veel aandacht. Voor Borgvliet werd die feestdag zelfs met zondag gelijkgesteld. Maar het artikel legt ook een verband met Sint Hubertus. "Naast het vleeschoffer vraagt ook het deegoffer in de vorm St. Antoniusbrood op 17 januari, om onze aandacht. In het bedevaartsoord 'Les Trois epines' bij Turkheim boven Kolmar in den Elzas vindt men een offerbus met het inschrift: 'Tronc pour le pain de Saint Antoine'. Deze appelgroote witte broodjes worden daar op den 17den januari gebakken en vinden gretig afnemers daar zij , evenals het Sint Hubertusbrood, ziekten en gevaren bij het vee kunnen afwenden.

Willem Kruf zei op 19 juni 2020 om 14:11 uur

Nieuwsgierig hoe de eerdergenoemde verdwenen tabernakeldeur er uit zag. Zie op deze website het verhaal onder de titel Verdwenen tabernakeldeur
van Gijs Asselbergs.

Louis Raaijmakers zei op 19 juni 2020 om 16:48 uur

In de kerk in zijn huidige vorm zat een tabernakeldeur op het altaar. In elk geval in de vijftiger jaren. Ik was misdienaar toen de geestelijke nog met zijn rug naar het volk de mis opdroeg. Maar of dat de deur was die Gijs bedoelt weet ik niet. Ik heb die deur destijds niet geinspecteerd.

Jan de Crom zei op 19 juni 2020 om 17:02 uur

Ha Louis,
Was jij die misdienaar, die op z'n donder kreeg van de pastoor omdat je moeite had het misboek van de evangeliekant (trappetje af) naar de epistelkant (trappetje op) te dragen ?

Jan de Crom zei op 19 juni 2020 om 17:02 uur

Ha Louis,
Was jij die misdienaar, die op z'n donder kreeg van de pastoor omdat je moeite had het misboek van de evangeliekant (trappetje af) naar de epistelkant (trappetje op) te dragen ?

Louis Raaijmakers zei op 19 juni 2020 om 17:55 uur

Ja Jan, ik ben een keer naar beneden gedonderd met dat zware misboek toen ik het het via de trapjes van het altaar naar de andere kant moest brengen. Ik was maar een vuist groot en struikelde over die lange toog. Het was gelukkig geen drukke mis, maar ik kreeg wel te horen dat ik iets verkeerd had gedaan. Niet zo van... heb je je bezeerd. Ik weet niet meer wie die mis deed maar hij heeft het mij wel in volle genade VERGEVEN.

Toon Maes zei op 19 juni 2020 om 19:23 uur

Ik heb een leuke foto van de onderwijzers van Borgvliet.
Hoe plaats ik die?

Jan de Crom zei op 19 juni 2020 om 22:59 uur

De aanzegger.
Zoals de onderlinge varkensverzekering was er ook een onderlinge begrafenisverzekering in Nieuw Borgvliet. De verzekering had een man in dienst, die waarschijnlijk per "klus" betaald werd. Dat was de aanzegger. Hij regelde de uitvaartdienst en het graf met de pastoor. En hij deed aangifte bij de gemeente.
In de buurt van de overledene ging hij, gekleed in het zwart het hoge hoed, van deur tot deur om mede te delen wie er overleden was. Daarna werd er bij alle huizen voor het straatraam een wit laken gehangen. Dat laken bleef er een week hangen. Ik heb de aanzegger één keer gezien toen ik nog een klein kulleke was.
Tegenwoordig veert iedereen op als er een ziekenwagen met zwaailicht door de straat komt. In de jaren '50 wist je dat er iets ernstigs aan de hand was als je een priester met een stola om en met het heilig oliesel in zijn hand snel door de straat zag lopen. Het ging dan als een lopend vuurtje door de straat waar iemand op sterven lag.

Jan de Crom zei op 19 juni 2020 om 22:59 uur

De aanzegger.
Zoals de onderlinge varkensverzekering was er ook een onderlinge begrafenisverzekering in Nieuw Borgvliet. De verzekering had een man in dienst, die waarschijnlijk per "klus" betaald werd. Dat was de aanzegger. Hij regelde de uitvaartdienst en het graf met de pastoor. En hij deed aangifte bij de gemeente.
In de buurt van de overledene ging hij, gekleed in het zwart het hoge hoed, van deur tot deur om mede te delen wie er overleden was. Daarna werd er bij alle huizen voor het straatraam een wit laken gehangen. Dat laken bleef er een week hangen. Ik heb de aanzegger één keer gezien toen ik nog een klein kulleke was.
Tegenwoordig veert iedereen op als er een ziekenwagen met zwaailicht door de straat komt. In de jaren '50 wist je dat er iets ernstigs aan de hand was als je een priester met een stola om en met het heilig oliesel in zijn hand snel door de straat zag lopen. Het ging dan als een lopend vuurtje door de straat waar iemand op sterven lag.

Marilou NillesenBHIC zei op 20 juni 2020 om 06:34 uur

Bedankt voor alle prachtige anekdotes, heren, het blijft iedere keer weer genieten.

En aan Toon Maes: mail je foto naar info@bhic.nl ovv De Antonius-Abtkerk en dan plaatsen we die hierbij. Dank alvast!

Louis Raaijmakers zei op 20 juni 2020 om 08:03 uur

Gijs,
Ik heb zojuist de foto gezien van de tabernakeldeur. Ik herken die deur. Die was er in de jaren vijftig.

Willem Kruf zei op 20 juni 2020 om 08:14 uur

Gijs,
ik zal oud-kerkbestuurders Gerard Kamp en Ton de Rooij eens vragen.

Jan de Crom zei op 20 juni 2020 om 10:06 uur

Er is een oude mop over een sterfbed. Misschien flauw, maar het geeft de verhoudingen aardig weer.
Janus ligt op zijn sterfbed en de pastoor heeft het sacrament der stervenden toegediend. Samen met Marie, de vrouw van Janus, wacht de pastoor op het onvermijdelijke.
Zegt de pastoor: "Nou Marie, hij is gegaan."
Zegt Marie: "Nee hoor, ik zie hem nog ademen."
Waarop Janus zegt: "Marie, hou je mond. De pastoor heeft altijd gelijk."

Jan de Crom zei op 20 juni 2020 om 10:06 uur

Er is een oude mop over een sterfbed. Misschien flauw, maar het geeft de verhoudingen aardig weer.
Janus ligt op zijn sterfbed en de pastoor heeft het sacrament der stervenden toegediend. Samen met Marie, de vrouw van Janus, wacht de pastoor op het onvermijdelijke.
Zegt de pastoor: "Nou Marie, hij is gegaan."
Zegt Marie: "Nee hoor, ik zie hem nog ademen."
Waarop Janus zegt: "Marie, hou je mond. De pastoor heeft altijd gelijk."

Willem Kruf zei op 20 juni 2020 om 20:08 uur

Naast het varkensfonds en begrafenisfonds is er ook nog de Onderlinge Ziekte-Ondersteuningsfonds Vereniging "Sint. Antonius-Abt". Het fonds is opgericht
12 april 1936. Het reglement is door de Algemene ledenvergadering vastgesteld op die dag en herzien en vastgesteld op 20 juli 1952.
Het doel van het fonds is : aan de leden bij ziekte, lichamelijke ongelukken of verwondingen, geldelijke steun te verlenen.
Leden kunnen zijn, alle neringdoenden, land- en tuinbouwers en overigens op zich zelf staande ondernemenden. Verzekerden kunnen zijn, (onderstreept: ) ook niet-katholieken, van de Parochie Nieuw Borgvliet, mits zijnde van onbesproken, goed zedelijk gedrag. Leden en verzekerden behoren te zijn, inwoners van de Parochie N. Borgvliet; zij moeten den leeftijd van 16 jaren hebben bereikt en het 56e levensjaar nog niet zijn ingetreden.
Buiten de Parochie N. Borgvliet kunnen diegenen lid zijn, waar controle op mogelijk is, enzovoort.
In het reglement komt geen geestelijk adviseur voor. Bij ontbinding van de vereniging gaan resterende gelden echter wel naar Katholieke liefdadige instellingen te Nieuw-Borgvliet.
Ingeval van uitkering is de lijder gehouden, wanneer hem door den behandelenden geneesheer is vergund te mogen wandelen, zich na 8 uur des avonds niet op straat te begeven en zich niet in cafe's of dergelijke inrichtingen op te houden.

Jan de Crom zei op 20 juni 2020 om 20:36 uur

Jammer, dat deze vorm van saamhorigheid door de grote verzekeraars is weg geconcurreerd.

Jan de Crom zei op 21 juni 2020 om 13:46 uur

Halloween
Ik weet niet hoe het in Brabant is, maar boven de Moerdijk maken ze op 31 oktober nogal veel drukte rond Halloween. De sukkels weten niet, dat wij op Borgvliet in de jaren '50 al Halloween hadden. Dat zit zo.
Niet alleen in mei, maar ook in oktober was het Mariamaand. Dan werd je geacht iedere avond naar het Lof te gaan in de kerk.
Oktober was ook de tijd van de suikerbietencampagne. Van de vrachtwagens die vanuit Zeeland naar Dinteloord reden, wilde nog wel eens een suikerbiet afvallen. En als ze er niet uit zichzelf af wilden vallen, kon een baksteen nog wel eens helpen. Maar dat was gevaarlijk. De gevallen suikerbieten raapte je op voor de konijnen en het varken. Je kon ze ook uithollen en er een gezicht op maken.
Als je naar het lof ging in oktober verstopte je die uitgeholde suikerbiet in het kerkepaadje. Na het lof zorgde je dat je zo snel mogelijk in het kerkepaadje was. Dan verstopte je jezelf in de beukenhaag van de pastorietuin en hield je een brandend kaarsje in de suikerbiet. Dat moest de mensen aan het schrikken maken. Ik weet niet hoe wij het noemden, maar een verschrikkelijke naam als Halloween had het zeker niet.

Willem Kruf zei op 21 juni 2020 om 14:01 uur

Hee Jan,
een bekende van mij zei dat de vrachtwagens moeite hadden de toen nog echte bult in de Antwerpsestraatweg bij De Brombeer op te komen. Dus langzaam reden waardoor ook aan de vrachtwagen kon worden gehangen. En die koppen heb ik ook nog gemaakt, maar dan ook wel met bieten van boer Hazen, die achter onze moestuin stonden.

Jan de Crom zei op 21 juni 2020 om 16:08 uur

Devotie.
Mijn moeder heeft haar leven lang een klein metalen kokertje in haar portemonnee gehad. Daarin zat een beeldje van hooguit 2 cm. Het stelde de H. Theresia van Lisieux voor.
Als we op zondagavond gingen kaarten en het ging niet goed, dan haalde mijn moeder de heilige uit haar portemonnee en stopte haar onder de speelcenten.
Ze klopte dan op de centen en zei: "Trees, je zorgt wel goed voor mijn centen, hé". Jammer, maar het heeft lang niet altijd geholpen. Ook jammer is dat ik niet weet waar Trees van mijn moeder gebleven is. Ook ben ik jarenlang op verzamelbeurzen geweest en daar ben ik die kokertjes ook nooit meer tegengekomen.

Jan van Loon zei op 21 juni 2020 om 19:01 uur

Jan. Dat is toevallig. Mijn vrouw heeft zo'n metalen kokertje altijd in haar portemonnee. Daarin zit een Mariabeeldje met inscriptie "Sta Theresia de Jesu infante". Zij heeft dat bij het overlijden van haar moeder gekregen. Haar moeder droeg dit ook altijd bij zich. In de voormalige tuin van de broeders in Huijbergen stond in een nis het beeldje van deze Theresia. Of het er nog staat weet ik niet. Ik ga een keer kijken. Mijn schoonmoeder vertelde dat deze Theresia de patroonheilige van de armen en wezen was. Zij was de dochter van de koning (prinses = infante). Elke nacht ging zij stiekem op pad met broden voor de armen en wezen. Toen een keer de soldaten haar aanhielden vroegen ze wat zij onder haar mantel had. Toen ze haar mantel open deed waren de broden veranderd in Rozen. Toen lieten ze haar doorgaan. Omdat zij het klooster in wilde, heeft haar vader haar opgesloten in het kasteel. Daar is zij op zeer jonge leeftijd overleden.

Jan de Crom zei op 21 juni 2020 om 19:16 uur

Hallo Jan
Ik denk dat "de Jesu Infante" "van het Kind Jezus" betekent. Maakt niet uit. Het is al dramatisch genoeg om te lezen hoe die heiligen aan hun eind gekomen zijn. En welke wonderen ze verricht hebben (anders word je niet heilig verklaard).

Jan de Crom zei op 21 juni 2020 om 19:23 uur

Jan van Loon
Krijg nou wat. De Theresia van mijn moeder is dezelfde als die van jouw vrouw. Volgens Wikipedia werd zij Theresia van het Kind Jezus genoemd om haar te onderscheiden van de H. Theresia van Avila.

Jan de Crom zei op 22 juni 2020 om 10:31 uur

Grote gezinnen
Hier boven staat een foto van zo'n typisch groot katholiek gezin in Borgvliet.
Er is een boek vol te schrijven over hoe de katholieken na de Reformatie langzaamaan weer gelijke rechten kregen.
Voor na de Tweede Wereldoorlog houd ik het als verklaring voor de grote gezinnen bij twee dingen:
1. De katholieke kerk was zeer streng in het afwijzen van voorbehoedsmiddelen. Zelfs "voor het zingen de kerk uit" was verboden.
2. Hoe meer katholieken hoe sterker je stond in politiek Den Haag.
Als de pastoor op huisbezoek kwam, werd er gegarandeerd gevraagd of de volgende al op komst was. Dat leverde voor diepgelovige vrouwen met een medische indicatie een enorm gewetensprobleem op.
Hoe star in de leer pastoor Kuijpers op Borgvliet was en welke schrijnende gevolgen dat had, kun je lezen op de persoonlijke internetsite van Louis Raaijmakers.

Norah zei op 22 juni 2020 om 11:23 uur

Dat gold niet overal dat de pastoor dit vroeg.

Jan de Crom zei op 22 juni 2020 om 12:10 uur

Dag Norah,
Jouw reactie roept vragen op.
Voor nu kan ik me voorstellen, dat de pastoor het niet vroeg bij ongetrouwde dames en bij weduwen.

Jan de Crom zei op 22 juni 2020 om 12:10 uur

Dag Norah,
Jouw reactie roept vragen op.
Voor nu kan ik me voorstellen, dat de pastoor het niet vroeg bij ongetrouwde dames en bij weduwen.

Norah zei op 22 juni 2020 om 16:38 uur

Dag Jan,
Vanzelfsprekend heb ik het niet over ongetrouwde vrouwen enz., maar over een echtpaar. Dit is hier al vaker aan de orde geweest, maar mijn eigen vader zou "mijnheer pastoor" de deur hebben gewezen als hij met zulke impertinente vragen was gekomen. Niet in alle plaatsen in het kath. zuiden kwam dit soort gesprekken voor.
Mvg.

Jan de Crom zei op 22 juni 2020 om 17:04 uur

Hallo Norah,
Je hebt gelijk dat er ook mensen waren, die de pastoor durfden tegen te spreken.
Maar die mondigheid was helaas niet voor iedereen weggelegd.
Pastoors, nonnen, e.d. waren toen in mijn ogen zo heilig, dat ik er pas veel later achter gekomen ben, dat ze ook gewoon naar de wc moesten.

Jan de Crom zei op 22 juni 2020 om 22:18 uur

Als vervolg op het verhaal van Norah.
Toen het misbruik binnen de katholieke kerk bekend werd, zag je op de TV mensen verklaren dat ze op hun donder kregen als ze met een verhaal thuis kwamen over het handelen van een priester, kloosterling, enz. Want dat zei je niet van die mensen. Toch werd niet alles gepikt.
In Borgvliet was er op zondag de Maria Congregatie voor meisjes. Een soort zondagschool. Toen mijn oudste zussen thuis vertelden welke vreemde spelletjes de kapelaan speelde tegen het eind van een bijeenkomst, werden ze door mijn moeder meteen van de Maria Congregatie gehaald. Maar daar bleef het bij.

Jan de Crom zei op 23 juni 2020 om 09:54 uur

Nog even over het kleine beeldje in de portemonnee van de vrouw van Jan van Loon en mijn moeder.
Mijn overbuurvrouw zoekt ook zo'n beeldje. Dus ben ik eens op het internet gaan zoeken. Daar ontdekte ik dat die beeldjes een naam hebben: ZAKHEILIGEN.
Er is een site waarop de verzameling van iemand te zien is. En daaruit kun je concluderen, dat het al een heel oud gebruik is.
Er was een heilige die je op een penning met je meedroeg of die je plakte op het dashboard van een auto. Dat was Sint Christoffel, de beschermheilige van het verkeer en nog een hele rits. Nou waren er in mijn kinderjaren op Borgvliet weinig auto's . Maar eind jaren '60 en daarna heb ik die penningen wel gezien.
Anderhalf jaar geleden heb ik op 25 juli - Sint Christoffel dag - in Slovenië nog de zegening van auto's gezien. Ik weet alleen niet of dat vroeger ook op Borgvliet gebeurde.
Gebruiken zijn hardnekkig want Rome heeft in 1969 Sint Christoffel van de officiële heiligenkalender gehaald.

Willem Kruf zei op 23 juni 2020 om 10:19 uur

Een autozegening weet ik niet. Maar ik zal eens rondvragen. Wel hadden we de Potjeskermis met een draaimolen op het kleine pleintje voor de winkel van Bertus Leus en de rondrit van Sinterklaas over het dorp. En de Sinterklaasmiddag met film van de vakbond in de zaal van cafe Kieboom Dekkers, later Den Ronden. Zegt jou dat iets??

Jan de Crom zei op 23 juni 2020 om 10:38 uur

Hoi Willem
Was Potjeskermis niet op het Fort ?
Voor Sinterklaas gingen we altijd naar het hoofdkantoor van de BBA in Breda.
Sinterklaas werd bij ons thuis altijd ingeleid op Sint Maarten (Sintermèèrten), 11 november. Dan kwam mijn vader met de hondenketting aan zijn been door de gang gerammeld, bonsde op de kamerdeur en strooide dan snoepgoed. Het vervelende was, dat de hond allang gehoord had wie er door de gang liep. Dus die had de helft van het snoepgoed al op voor wij bijgekomen waren van de schrik.

Ineke van Tienen zei op 23 juni 2020 om 11:13 uur

Die potjeskermis voor de kerk herinner ik me ook wel. En natuurlijk ook Sinterklaas bij Kieboom-dekkers. Met film in de zaal erachter. Zal wel de dikke en de dunne en de boefjes geweest zijn.
Ook heb ik nog vage beelden van een processie die op het plein voor de kerk begon. Meisjes liepen dan als bruidje in hun communiejurk mee.

Willem Kruf zei op 23 juni 2020 om 11:42 uur

Ja Jan,
even terugkomend op jouw Halloween en Sint Maarten, die ook bij ons langs kwam. Hoe we onze identiteit verliezen voor Amerikaanse gebruiken. Maar ja, er zijn meer volken die hun identiteit (moeten) inleveren. Wel triest.
en Ineke en Jan,
Potjeskermis was in ieder geval op het Fort en ook wel bij Stalenbrug denk ik.
Maar ik ben blij (mijn geheugen laat mij nog niet in de steek) dat Ineke ook de herinnering van de kermis op Borgvliet heeft.

Willem Kruf zei op 23 juni 2020 om 11:44 uur

Beste Toon,
biedt jij jouw foto nog voor plaatsing aan??

Ineke van Tienen zei op 23 juni 2020 om 11:59 uur

Potjeskermis was volgens mij op het Emmaplein.
Kan het zijn dat op Borgvliet alleen maar een draaimolen stond of was er nog meer?

Willem Kruf zei op 23 juni 2020 om 12:12 uur

Borgvliet was maar 2 of 3 attracties.
En Emmaplein zou kunnen of het oudere Lourdesplein???

Jan de Crom zei op 23 juni 2020 om 12:16 uur

Ineke,
Die vage herinneringen aan een processie kloppen. Ik moest ook meelopen omdat ik op het jongenskoor zat. Als ik het me goed herinner, was de processie met Allerzielen (2 november). Hij ging rechtsom door de Rembrandtstraat langs Kieboom, dan linksom naar de nonnenschool en via dat stuk van de Rembrandtstraat weer terug naar de kerk. Was niet echt mijn ding, die processie.

Jan van Loon zei op 23 juni 2020 om 12:30 uur

Potjeskermis was er ook op Borgvliet. Er stond een mallemolen vlak voor de winkel van Leus. Sinterklaas was in het zaaltje van Kieboom-Dekkers. Ik was altijd een beetje bang van zwarte Piet. Die was heel streng en had een grote roe. Ook is er een paar jaar een wielerronde op Borgvliet geweest. De route ging door de Rembrandtstraat, linksaf Oude Huijbergsebaan, Achillesstraat, Polluxstraat en weer Rembrandtstraat met de finish voor de Kerk.

Louis Raaijmakers zei op 23 juni 2020 om 13:08 uur

Mijn eerste reactie mislukte, geloof ik. Die wielerronde, Jan, is volgens mij een keer gewonnen door Jan Smeijers. Zijn ouders woonden bij de molen. Er was ook een eerdere ronde. Buitenom. Huybergsebaan af en via de Mondafseweg weer naar het dorp. Ik herinner me dat nog omdat Renee Pijnen zich bij ons omkleedde. Zijn moeder was een nichtje van mijn moeder. Het stonk toen wel in huis naar de massage-olie.
Die zwarte Piet was Co de Waal van de antwerpsestraatweg. Heel grote felle ogen; hij keek dwars door je heen. In het zaaltje van Dekkers liep hij met de sint van het podium naar achteren en ik was altijd blij als hij mij voorbij was.
Over de kermis. het klopt, er was alleen een draaimolen en een kraampje voor suikerspnnen, geloof ik. er was ook niet veel plaats daar.

Ineke van Tienen zei op 23 juni 2020 om 13:23 uur

Na de mis gingen mijn ouders nog heel lang napraten voor de kerk. Ik liep dan de muurtjes op en af. Sommige mannen gingen daarna naar cafe Kieboom Dekkers. Mijn vader ging ook af en toe en ik mocht dan ook mee. Was een gezellige boel!

Willem Kruf zei op 23 juni 2020 om 13:39 uur

Inderdaad Kieboom Dekkers later Den Ronden, daar is heel wat melk vuil gemaakt zoals we altijd zeiden en zeggen. Maar als we daar op de zaterdagmiddag aan het biljarten waren en Piet Snepvangers en Jan Belden kwamen binnen om te biljarten, was het automatisme dat we stopten of we vroegen of ze gemaats wilden spelen. Piet rookte altijd een dikke bolknak (= sigaar).
Wat betreft de wielerronde die ging ook een aantal jaar door de nieuwe wijk denk ik.
Het was de 1e, 2e of 3e ronde van het wielerseizoen in maart. Omdat er entree werd geheven waren er toegangsposten. Sommige jaren was het, en dat weet ik zeker omdat ik ook een post bemande, een dag "blauwbekken" van de koude.

Jan de Crom zei op 23 juni 2020 om 13:40 uur

Willem,
Je zegt dat wij onze tradities verliezen door Amerikaanse invloeden. Maar tradities zijn geen vaststaande dingen. Ze veranderen, vervagen of verdwijnen in de loop der tijd. Felle aanhangers van Zwarte Piet vertel ik wat Louis zo mooi beschrijft: je was als de dood voor Zwarte Piet. Hij strafte met de roe als je stout geweest was; je moest mee in de zak naar Spanje als je heel stout geweest was. Tegenwoordig is Zwarte Piet een harlekijn waar je om moet lachen. En weigert Sinterklaas de briefjes van ouders die vinden dat de goede Sint het kind bestraffend moet toespreken.
In de jaren '70 was er boven de Moerdijk een discussie om Sinterklaas helemaal af te schaffen: want je vertelt jarenlang leugens tegen je kind.

Toon Maes zei op 23 juni 2020 om 13:48 uur

Willem, ik heb de foto doorgestuurd naar info@bhic.nl

Willem Kruf zei op 23 juni 2020 om 13:52 uur

In Bergen op Zoom voeren Sint en zijn Pieten een show op. Voor toegangskaartjes heb ik nog in een lange rij gestaan. Dit tot ik de kaartjes kon regelen bij een collega op het werk. Hij was de Sint.

Louis Raaijmakers zei op 23 juni 2020 om 13:54 uur

Ik heb Co de Waal wel iemand een pak rammel zien geven. Ik weet niet meer wie het was, maar hij was niet echt onder de indruk. Zal wel afgesproken zijn, maar ik was des te meer onder de indruk.
Over het biljarten. Na de hoogmis was er altijd een vaste club mannen die de tafel had. Jan Belden, Janus Consemulder. Piet snepvangers, Gerard Snepvangers later ook. Maar als je het vroeg mocht je altijd meedoen

Willem Kruf zei op 23 juni 2020 om 13:55 uur

Toon, top!! Weer een aanleiding voor reacties.

Willem Kruf zei op 23 juni 2020 om 14:04 uur

Maar ja zwart wit gezegd en geen studie educatie gevolgd hebbende : misschien vervulde Sint wel de opvoedende rol in die een aantal ouders nu niet op zich nemen.

Jan de Crom zei op 23 juni 2020 om 14:36 uur

Ho, ho, Willem,
Misschien zegt de moderne Sinterklaas en Zwarte Piet: wij doen niet wat jullie als ouders horen te doen.
In de jaren '70 zeiden wij al: niet de kinderen maar de ouders moeten opgevoed worden. Dus wat dat betreft heb je gelijk.

Jan van Loon zei op 23 juni 2020 om 15:59 uur

Ik wil het gebouw achter de Kerk eens belichten. Het gemeenschapshuis Eigen Haard. Dit is ontstaan door een vrijwilligersaktie van enige borgvlieters. Ondermeer Ludo Veraart en Ad Demmers organiseerden activiteiten voor een gemeenschapshuis voor Borgvliet.
Zo werd er langs het voetbalterrein van de voetbalvereniging RKvv. Nieuw-Borgvliet op de Brombeer bij het afsluiten van het seizoen jaarlijks in een grote tent een bier en wijnfeest georganiseerd. De opbrengst was geheel voor het gemeenschapshuis. Zij hebben veel geld bij elkaar gekregen. De rijksoverheid heeft hier een fiks bedrag aan toegevoegd, zodat het gemeenschapshuis kon worden gebouwd. Het bestaat nu nog, achter het Kerkhof. Het werd aanvankelijk jarenlang beheerd door genoemde vrijwilligers. Het beheer is overgegaan naar de mensen van het Sint Sebastiaans Gilde.

Jan van Loon zei op 23 juni 2020 om 16:30 uur

Het schuttersgilde St.Sebastiaan Bergen op Zoom en Borgvliet is heropgericht op 20 januari 1985. Bouwen aan een traditie die in 1465 en 1618 is gestart met de keuren van de Bergse en Borgvlietse St.Sebastiaansgilden. Het gilde steunt de dienstbaarheid aan de gemeenschap. Dit uit zich ondermeer in deelname aan de eigen tradities zoals de Maria Ommegang en Koningsdag. De disciplines binnen het gilde zijn handboogschieten, vendelzwaaien, trommen en bazuinblazen. Zij geven aan veel festiviteiten een extra historische en kleurrijke dimensie. Het gilde is gevestigd in Eigen Haard.

Louis Raaijmakers zei op 23 juni 2020 om 18:17 uur

Over Nieuw Borgvliet gesproken en toeval. Mijn grootouders van moeders kant, Musters, waren in 1907 naar Duitsland vertrokken om daar te gaan werken. Ze kwamen terecht bij de Rheinische Sandwerke in Noord Rijn Westfalen. Daar is mijn moeder ook geboren. Met het uitbreken van de eerste wereldoorlog is het gezin Musters in 1915 teruggekeerd en via een repatriëringsprocedure aangekomen op station Bergen op Zoom en tijdelijk ondergebracht op, jawel… Nieuw Borgvliet in het klooster aan de Huybergsebaan. Slechts enkele meters verwijderd van de plek waar ik 32 jaar later werd geboren. Vandaaruit zijn zij naar Ossendrecht gegaan. Die repatriëringsprocedure had te maken met de vele Belgische mensen die hun land ontvluchtten en voor wie in de grensplaatsen een onderkomen werd gezocht. En gevonden !!!!
Voor de liefhebbers: https://www.louisraaijmakers.nl/2-uncategorised/199-duitsland

Willem Kruf zei op 23 juni 2020 om 19:26 uur

Het schuttersgilde van Borgvliet zal vermoedelijk opgericht zijn op het huidige Oud Borgvliet. Waarom? Mijn bedovergrootvader Jo(h)annes Kruf, schoenmaker van beroep , verhuisde van de Rijkebuurtstraat, naar de Dubbelstraat en dan naar Borgvliet. Borgvliet werd bij zijn inschrijving als milicien in 1825 als woonplek geduid. Dus twijfel is dit nu Oud-of Nieuw Borgvliet. Aan de hand van de kaarten op de website Toporeis het volgende. Tot jaartal 1896 in de tijdsbalk van Toporeis staat er op de kaart Borgvliet en het Nieuwe Dorp; vanaf 1896 is de vermelding Oud-Borgvliet en het Nieuwe Dorp of Nieuw-Borgvliet. Op de kadasterkaart van 1880 wordt Oud- Borgvliet nog geduid als Borgvliet gehucht.
Nu Oud-Borgvliet vol met woningen staat is gemeenschapshuis Eigen Haard op Nieuw-Borgvliet een historisch verantwoorde thuishaven.
Overigens Jo(h)annes trok naar Halsteren in 1857 eerst Noordgeest daarna Lepelstraat.

Marilou NillesenBHIC zei op 23 juni 2020 om 20:25 uur

De foto van Toon Maes was abusievelijk op het verkeerde bureau beland maar staat nu ook bij het verhaal. Met dank, Toon, ook weer een prachtig plaatje!

Willem Kruf zei op 23 juni 2020 om 21:02 uur

Op 10 en 12 juli 1877 melden twee kranten een felle brand. De ene krant op de buitenplaats van den heer W. A. Roosen, gelegen onder Nieuw-Borgvliet, 1/4 uur van Bergen-op-Zoom, en de andere krant op het buitenverblijf Rozenoord nabij Borgvliet. Mogelijk is de naam Nieuw-Borgvliet na het gaan functioneren na instelling van de parochie. Op 8 mei 1865 schrijft het Algemeen Handelsblad nog "Door het kerkbestuur der R.K. parochie van Borgvliet, gemeente Bergen-op-Zoom (extra muros), is in het openbaar aanbesteed het bouwen eener kerk met torentje."

Willem Kruf zei op 23 juni 2020 om 21:22 uur

In mijn vorige reactie is de goede zin ""Mogelijk is de naam Nieuw-Borgvliet in gebruik gekomen na het ontstaan van de parochie in 1865.". Deze veronderstelling wordt bevestigd door een oproep in De Tijd : godsdienstig-staatkundig dagblad van 5 april 1870:
Het Gemeentebestuur van Bergen op Zoom vraagt een Hoofdonderwijzer voor eene gemeenschappelijke school met Woensdrecht van gewoon lager onderwijs te Nieuw-Borgvliet, gemeente Bergen-op-Zoom.

Jan de Crom zei op 24 juni 2020 om 10:10 uur

Onderwijzers Vincentiusschool
Misschien staat achter de pastoor meester Bervaes van de 4de klas. De priester met de bril kan niet de Graauw zijn, want dat was eind jaren '50 de opvolger van pastoor Kuijpers. Misschien is de priester met de bril kapelaan Oomen.

Jan de Crom zei op 24 juni 2020 om 10:10 uur

Onderwijzers Vincentiusschool
Misschien staat achter de pastoor meester Bervaes van de 4de klas. De priester met de bril kan niet de Graauw zijn, want dat was eind jaren '50 de opvolger van pastoor Kuijpers. Misschien is de priester met de bril kapelaan Oomen.

Jan de Crom zei op 24 juni 2020 om 15:03 uur

Deze site begint met een krantenfoto uit 1935. Er worden varkenskoppen geofferd bij het "Antonius Abt" altaar. Volgens mij is het het Maria altaar links van het priesterkoor. Het beeld van Antonius Abt stond rechts op een voetstuk tegen een pilaar.
Menig bruidje kent het Maria altaar omdat ze daar tijdens de huwelijks-voltrekking haar huwelijk opdroeg aan Maria.
Met Kerstmis stond er een grote kerststal. Dat was niet zo bijzonder, want die hadden we thuis ook. Maar waar ik als vierjarige maar niet genoeg van kon krijgen, was de geknielde engel bij de kerststal. Als je een cent in een gleufje gooide, dan ging die engel met z'n kop knikken. Pure tovenarij !

Louis Raaijmakers zei op 24 juni 2020 om 15:11 uur

Klopt Jan, aan de andere kant was de Maria kapel. Ik herinner me die engel ook en de kerststal. Ik ben heel benieuwd naar een foto van deze kapel en van het priesterkoor waar volgens mij (en Cor Luijsterburg) het tabernakel stond in de jaren '50 en waarschijnlijk '60.

Cor Luijsterburg zei op 24 juni 2020 om 15:46 uur

Pastoor Kuijpers sleet zijn laatste levensjaren in een huis tegenover de kerk. Voor hem woonde daar postbode Konings. Na hem kwam er een winkel van Pietje Rens.
Kuijpers was in die tijd aan het dementeren en had een slechte gezondheid . In de voorkamer was een altaar gebouwd waarin hij, gezeten op een stoel, bijna elke dag de mis las. Ik was zijn privé-misdienaar. Vaak ging het echt mis, dan was hij de draad kwijt en begon hij op nieuw. Twee consecraties per dienst waren geen uitzondering. De enige andere aanwezige was Marie Seebregts, zijn trouwe dienstbode. Zij zorgde ervoor dat er geen al te grote ongelukken gebeurde. Zij kon overigens lekker koken en bakken. Met sinterklaas kreeg ik van haar altijd zelfgebakken borstplaat.

Cor Luijsterburg zei op 24 juni 2020 om 15:53 uur

Ik herinner me de noodkerk ook nog goed. Hij lag aan een 'baantje' dat lag tussen de pastorie en het huis van Quick. Het baantje kwam uit bij De Moor. Door het baantje kwam je bij de oude bunkers waar wij graag speelden.
De noodkerk was in de jaren 50 in twee delen gesplitst. In het ene deel regeerde kapelaan Oomen. Daar waren o.a. toneelvoorstellingen met kinderen. In het achterste deel was kapelaan Van den Hout de baas. Hij verzamelde er oud papier in, ongetwijfeld voor een goed doel. Mijn vader hielp hem daar. Ik vond daar ooit een jeugdboek over de geuzen van Den Brielle, vanuit de protestantse kant geschreven. Ik moest het snel weer inleveren, maar heb het toch stiekem meegenomen en gelezen.
Oomen en Van den Hout konden niet goed met elkaar opschieten. Ze kwamen beiden af en toe bij ons een borreltje drinken, maar nooit tegelijk. Van den Hout vertrok in de jaren 60 naar Gilze. Oomen werd in die tijd godsdienstleraar.

Ineke van Tienen zei op 24 juni 2020 om 18:22 uur

Vanaf mij zesde jaar ging ik iedere zondagmorgen naar de noodkerk voor een bijeenkomst van het KMG ( Katholieke meisjesgilde) een soort scouting voor meisjes. We droegen ook een uniform met rokje, overhemd, stropdag, klotje.
De installatie ( eed afleggen) was in de kerk.
In de noodkerk was volop ruimte om te spelen.
Ook was er ieder zondagmorgen een boekenuitleen in de kerk. Alle boeken waren gekaft. Kapelaan van Hout was goed bevriend met mijn ouders. Hij is vrij jong gestorven, in onze kamer hing nog een foto van hem.

Jan de Crom zei op 24 juni 2020 om 18:41 uur

Louis,
Misschien zijn er trouwfoto's waarop het tabernakel te zien is. Officieel mocht je in de kerk niet fotograferen, maar bij een huwelijk werd er een oogje dichtgeknepen.
Ik heb een trouwfoto van mijn zus en zwager in de Antonius Abt. Helaas komen ze net het trappetje af naar het middenpad. Kan nou wel zeggen, dat het tabernakel achter hun ruggen is, maar daar heb je niks aan.

Jan de Crom zei op 25 juni 2020 om 22:29 uur

Ha die Cor met zijn foute boek over Den Briel.
Ik heb het nog even voor jou nagezocht op internet.
Als in een boek "nihil obstat" (vertaald "niets staat in de weg") stond dan ging het boek over de katholieke leer en geloof. Goedgekeurd door de bisschop.
"Imprematur"(vertaald "het worde gedrukt") werd door de bisschop als goedkeuring gegeven voor alle andere katholieke geschriften. Zelfs voor devotieprentjes.
Censuur ? Ja, zo mag je het van mij wel noemen. Maar de angst, dat je iets zou lezen waardoor je van je geloof kon vallen, is ook goed.

Jan de Crom zei op 26 juni 2020 om 10:32 uur

Mijn vader ging nooit naar een café. In mijn kinderjaren was daarom thuis het alcoholgebruik heel matig. Een keer per maand kreeg mijn vader een glaasje jenever en dan ging de fles weer in de kast. Op verjaardagen waren het twee glaasjes.
Na mijn lagere schooltijd begon het alcoholgebruik te stijgen. Mijn eerste drank met alcohol was een glas bruin bier met enorme schuimkraag en een schep suiker op het schuim. Daarna heb ik vele modedrankjes voorbij zien komen. Rose wijn, sherry, bessenjenever, advocaat met speciale kleine lepeltjes, enz. Maar de allereerste was een mierzoete, rode Portugese wijn. Wij noemden die wijn miswijn, want de wijn werd ook in de kerk gebruikt tijdens de consecratie. Was het verhaal. Ik heb het nooit kunnen controleren. Maar misschien zijn er misdienaars, die stiekem van de wijn in de kerk geproefd hebben.

Louis Raaijmakers zei op 26 juni 2020 om 11:14 uur

ja, dat heb ik zeker. Soms deed zich zo'n ondeugende mogelijkheid voor. Die wijn was inderdaad mierzoet maar of ie uit Portugal kwam?

Jan de Crom zei op 27 juni 2020 om 10:32 uur

De kleppermars
30 april jaren '50 - Koninginnedag - kwamen alle Bergse scholen naar de Markt voor de aubade. De toenmalige burgemeester Peeters verscheen dan in een wit tropenpak op het bordes van het stadhuis om de aubade in ontvangst te nemen. Dat was niet het enige opvallende. Tussen al die scholen zag je meteen de Vincentius school staan. Het was de enige school met baretten. De juiste volgorde ben ik kwijt, maar zeg maar de derde klas had oranje baretten, de vierde rode, de vijfde witte en de zesde klas blauwe baretten.
Eerst werden er vaderlandse liederen gezongen, zoals "Waar de blanke top der duinen". Tot slot werd de Kleppermars gezongen en gespeeld door alle kinderen.
Kleppers gingen wij kopen bij timmerman van Rooy in de Rembrandtstraat. Ze moesten liefst van eikenhout zijn voor het beste geluid. De randen waren afgevijld omdat je anders blaren op je vingers kreeg. En een kopse kant was afgerond. En dan maar zingen en klepperen:
"Hoor je wel mijn kleppers gaan"
'k Heb het toch geleerd
'k Kreeg het bijna niet gedaan
Alsmaar geprobeerd

Klepperde klepperde klep, klep, klep , enz.
Wie kan het nog ? Ik wel, maar niet meer met de kleppers van van Rooy. Heb later uit nostalgie nieuwe kleppers gekocht op Terschelling.

Louis Raaijmakers zei op 27 juni 2020 om 10:38 uur

Leuk, Jan. Ik heb het recent nog geprobeerd, maar het lukte me niet goed. De korte roffels kwamen er niet uit. Timmerman de Rooij wist precies hoe dik die latjes moesten zijn. Ik denk dat het daardoor komt dat het mij niet meer lukt. In mijn herinnering zongen we in elk geval ook 'toen de hertogjan kwam varen...'

Jan de Crom zei op 27 juni 2020 om 10:43 uur

O ja, te peerd parmant, al triomfant. Na 700 jaren in ons heerlijk Brabants land.
Misschien zat "Merck toch hoe sterck" over Bergen op Zoom er ook wel bij.

Jan de Crom zei op 27 juni 2020 om 10:43 uur

O ja, te peerd parmant, al triomfant. Na 700 jaren in ons heerlijk Brabants land.
Misschien zat "Merck toch hoe sterck" over Bergen op Zoom er ook wel bij.

Willem Kruf zei op 27 juni 2020 om 11:25 uur

Of het clublied van R.K.v.v. Nieuw Borgvliet: Oranje-zwart zijn onze kleuren .........
Of een lied uit het liedboekje in 1935 van de processie Borgvliet - Beirendrecht.

Jan de Crom zei op 27 juni 2020 om 13:33 uur

Hoi Willem,
Die processie naar Beirendrecht. Was dat een springprocessie (drie stappen vooruit, twee stappen achteruit) ? Of was het de processie van Mie den Os en haar geitje ?
En zong je thuis bij de radio al mee met Mieke Telkamp: "Het dorpje van St. Bernadette" over Lourdes ?
Laatst kwam ik er achter dat we op school een lied uit de 16e eeuw zongen:
"Heer Jezus heeft een hofke waar schoon bloemkes staan" Dacht altijd dat het Vlaams was.

Jan de Crom zei op 27 juni 2020 om 14:37 uur

Voor wie het niet weet: mijn moeder vertelde dat Mie den Os - hoe schandalig wil je het hebben - een geit meegenomen had tijdens een bedevaart. Tijdens de tocht was het beestje ergens van geschrokken en was toen met haar uier in het prikkeldraad blijven hangen. Deze geit is een symbool geworden van de vastenavond en staat daarom op het bleekveldje bij het Ravelijn.
Nog zo'n link Carnaval - Katholicisme heb ik ooit gelezen in een Vastenavondkrant. Traditioneel wordt de vastenavond dinsdagsnacht om 12 uur afgesloten met het afschieten van de kraai. De mensen op de Markt zingen dan "Moeder, onze kraai is dood." De wijs van dat lied komt van een Duits Maria lied.
Toen de Bergse stichting Vastenavond bij een Duitse zustervereniging op bezoek was, gingen ze natuurlijk op zondag naar de kerk. In de kerk werd dat Duitse Maria lied gezongen. De Bergse club onder leiding van Nillis den Eerste (van de B3 appelsapfabriek vlak bij het station) hebben toen "Moeder onze kraai is dood" meegezongen. Die Duitsers verstonden er toch niks van.

Jan de Crom zei op 27 juni 2020 om 15:58 uur

Sorry, je kunt de verhalen van je moeder niet altijd vertrouwen. Volgens de Stichting Vastenavond heette Mie den Os in werkelijkheid Mie Verbiest. Geboren in 1869. Wonend in de Balsebaan. Ze liet altijd haar geit uit. Toen ze een keer voor een militaire muziekkapel uit liep, is het beestje in het prikkeldraad gekomen. Een beetje mager voor mijn moeder als alleen dat prikkeldraad klopt.

Louis Raaijmakers zei op 28 juni 2020 om 09:55 uur

Is het huis waar pastoor Kuipers en Marie na hun pensioen woonden later bewoond door de koster Nol Consemulder? Ik kwam daar vaak. Zijn vrouw heette Cor Clarijs en zij hadden een dochter. Nol was behalve koster en organist horlogemaker en in de jaren ’60 is hij een autorijschool begonnen; ik heb bij Nol mijn rijbewijs gehaald in een kleine BMW. Nol was een neef (oomzegger) van Janus Consemulder, de timmerman van de Huybergsebaan.

Jan de Crom zei op 28 juni 2020 om 10:05 uur

Hoi Louis,
Nol heeft me een keer gevraagd een maquette te maken voor de theorielessen.
Het is er nooit van gekomen. In mijn herinnering was zijn huis vrijstaand met aan de ene kant het nonnenklooster als buur.

Jan de Crom zei op 28 juni 2020 om 10:20 uur

Blote voeten pater.
Eén keer per jaar kwam een blote voeten pater bij ons aan de deur. De blote voeten in open sandalen klopt. Maar hij was geen pater. Het was een Kapucijn uit Rilland Bath. Hij had een bruine pij aan waar een lang wit touw omheen geslagen was. Aan de pij zat een capuchon, waaraan de kloosterorde z'n naam dankt. Ze gingen blijkbaar nooit naar de kapper, want ze hadden lang haar en een lange baard.
Ze kwamen schooien, zoals wij dat noemden. Zelf zullen ze het wel collecteren genoemd hebben. Het waren hele vriendelijke mannen, die altijd wel tijd hadden voor een praatje aan de deur.
Ze kwamen lopend vanaf Rilland Bath. Dus is mijn vraag tot hoever ze op Borgvliet kwamen.
Internet vertelt me dat hun klooster in Rilland Bath in 1966 is opgeheven.

Louis Raaijmakers zei op 28 juni 2020 om 11:49 uur

Ja, de blotevoetenpaters kwamen zo nu en dan langs de deur. Ik was daar wel van onder de indruk; echte kerels.
Nog even over het huis van pastoor Kuipers en Nol Consemulder. Het huis naast het klooster, naast het muurtje met de poort dus, werd in de jaren ’50 bewoond door de familie Key. Wim deed aan atletiek en speelde ook bij de voetbalclub. Ik ben niet zeker, maar volgens mij kwam daar later de winkel van Pietje Rens in. Nol woonde in het grijze huis daarnaast.

Beppie zei op 28 juni 2020 om 12:27 uur

Wie van jullie weet nog iets over de meisjes- en jongenscongregaties?
De ene week waren de jongens om 11.45u zondags en de andere week de meisjes aan de beurt.
Het werd genoteerd wanneer je er niet was. Wat een toestand. iedereen kwam naar de kerk.

Cor Luijsterburg zei op 28 juni 2020 om 12:27 uur

De processie naar Beirendrecht kan ik me nog goed herinneren. We gingen er met gehuurde bba-bussen naar toe. Die pikten ons op op de Antwerpsestraat. Eerst naar de kerk waar nog geüniformeerde suisses rondliepen om de orde te bewaken en ons kinderen boos aan te kijken. Dan in processie naar een kapelletje. Vervolgens mochten we onze meegebrachte boterhammen opdrinken in een kroeg met grote binnenplaats waar veel mannen een donkere trappist dronken. En dan nu een uurtje naar de kermis voor de kerk. In de loop van de middag waren we weer terug in Borgvliet.

Cor Luijsterburg zei op 28 juni 2020 om 12:27 uur

De processie naar Beirendrecht kan ik me nog goed herinneren. We gingen er met gehuurde bba-bussen naar toe. Die pikten ons op op de Antwerpsestraat. Eerst naar de kerk waar nog geüniformeerde suisses rondliepen om de orde te bewaken en ons kinderen boos aan te kijken. Dan in processie naar een kapelletje. Vervolgens mochten we onze meegebrachte boterhammen opdrinken in een kroeg met grote binnenplaats waar veel mannen een donkere trappist dronken. En dan nu een uurtje naar de kermis voor de kerk. In de loop van de middag waren we weer terug in Borgvliet.

Jan de Crom zei op 28 juni 2020 om 13:28 uur

Beppie
Voor de meisjes was het de Maria Congregatie, geleid door kapelaan Oomen.
En voor de jongens was het de St Josef.....(nog wat), geleid door kapelaan van den Hout. Ik weet alleen nog, dat de jongens altijd begonnen met het Veni Creator Spiritus.
Je zegt, dat iedereen naar de kerk kwam. Ik zeg dat je naar de kerk moest. Was het geen verplichting, zoals de zondagsmis, de paasbiecht, de hoogtijdagen, dan was het de sociale controle in een dorp als Borgvliet. Niet alleen de kapelaan of de school noteerde of je geweest was. Ook de buren wisten het. Dus als je niet ging "kwam er alleen maar praat van".

Willem Kruf zei op 28 juni 2020 om 14:03 uur

Geestelijke liederen tijdens de processie naar Beirendrecht
1. Litanie van de Allerheiligste Maagd Maria 2. Maria leve 3. Opdracht aan Maria 4, Maria, onbevlekt ontvangen 5. Wij groeten u, o Koningin 6. De 15 Mysterien van den H. Rozenkrans 7. Ave Maria 8. Te Lourdes op de bergen
9. Gezang bij de Zegening met het Allerheiligste

Willem Kruf zei op 28 juni 2020 om 14:13 uur

Nol Consemulder daar heb ik ook rijles van gehad. Hij was in zijn laatste werkzame jaren bode op het stadhuis, later stadskantoor.
Ik leste volgens mij bij Nol in een Opel ...... .

Willem Kruf zei op 28 juni 2020 om 14:20 uur

En over de noodkerk en oudpapier.
Ook Sjaak van den Berg haalde oudpapier op, aldus zijn dochters Toos en Lies in hun verhaal tegen ons deze week.
Bij de watersnoodramp in 1953 werd de noodkerk gebruikt voor kleding opslag en sorteren vertelde Toos, die daarbij betrokken was.
Verder Toos en Lies waren medeleidsters van de welpen, nu scouting. Naast de welpen was er ook een verkennersgroep. Deze stond onder leiding van hopman Janus Groffen.

Jan de Crom zei op 28 juni 2020 om 15:30 uur

Met de Vincentius school zijn we een keer op schoolreis naar Beauraing geweest. Een dorp ten zuiden van Dinant in België waar Maria aan 5 kinderen verschenen is.
Wat ik er van onthouden heb, is de citadel van Dinant. Dat was andere koek dan de Kraaijenberg.

Willem Kruf zei op 28 juni 2020 om 16:23 uur

Hee Cor,
boterhammen opeten in de kroeg. Dat was niet alleen in Beirendrecht.
Ook de bedevaartgangers uit Bergen op Zoom naar Antonius van Padua op Lepelstraat doken na de mis de kroeg in met hun boterhammen.
Aldus een krant in 1934.
Overigens in Frankrijk krijgen ze bij de viering van Antonius Abt (17 januari) en Antonius van Padua (13 juni) nog steeds een gewijd ‘petit pain’.

Jan de Crom zei op 28 juni 2020 om 16:33 uur

Antonius van Padua, beste vrind,
maak dat ik m'n kroegje vind.

Willem Kruf zei op 28 juni 2020 om 19:40 uur

Nou Jan, zou Antonius daaraan hebben gevolg gegeven???
Ik vond een andere versie:
"Heilige Antonius, beste vrind, zorg dat ik mijn sleutels (sokken, mobiel, duikbril, kanarie, enzovoort) weer vind."
En jouw zin:
En voor de jongens was het de St Josef.....(nog wat), ......
Zou dit de R.K. Werkliedenvereniging Sint Joseph Nieuw Borgvliet kunnen zijn???

Jan de Crom zei op 28 juni 2020 om 20:36 uur

Willem,
Je hebt gelijk. Het café was altijd tegenover de kerk. Behalve op Borgvliet.
Nee, joh, geen katholieke werkliedenvereniging. En ook geen Kajotters (katholieke werkende jongeren). We zaten nog op de lagere school.

Jan de Crom zei op 29 juni 2020 om 10:42 uur

Jonassen
Heeft iedereen gedaan. Toch ? Je werd aan je armen en benen heen en weer geslingerd. De achtergrond van jonassen is Bijbels. De profeet Jonas werd tijdens een zware storm van een schip gegooid. Drie dagen later werd hij levend door een walvis uitgespuugd.
Bij het jonassen hoort een liedje. Mijn vrouw - van gereformeerde huize - zong in haar jeugd:
'toen Jonas in de walvis zat
'Van je een, twee, drie
'toen dronk hij van het zilte nat
'Van je een, twee drie.
Er zijn varianten op dat lied. Ik meen met iets te herinneren als
'Jonas in de wallevis
'die vandaag gevangen is.
Weet iemand wat er op Borgvliet gezongen werd bij het jonassen ?

Jan de Crom zei op 29 juni 2020 om 10:42 uur

Jonassen
Heeft iedereen gedaan. Toch ? Je werd aan je armen en benen heen en weer geslingerd. De achtergrond van jonassen is Bijbels. De profeet Jonas werd tijdens een zware storm van een schip gegooid. Drie dagen later werd hij levend door een walvis uitgespuugd.
Bij het jonassen hoort een liedje. Mijn vrouw - van gereformeerde huize - zong in haar jeugd:
'toen Jonas in de walvis zat
'Van je een, twee, drie
'toen dronk hij van het zilte nat
'Van je een, twee drie.
Er zijn varianten op dat lied. Ik meen met iets te herinneren als
'Jonas in de wallevis
'die vandaag gevangen is.
Weet iemand wat er op Borgvliet gezongen werd bij het jonassen ?

Ineke van Tienen zei op 29 juni 2020 om 12:14 uur

Toen Jonas in de Wallevis zat
Hij was verdronken en nog niet nat
Van je een......twee.........drie!

Jan de Crom zei op 29 juni 2020 om 13:24 uur

Prachtig Ineke. Weer wat voor de lijst Borgvliets Cultureel Erfgoed.
En ken je ook het versje dat de meisjes opzegden bij het kaatsenballen ?
Ik weet alleen de eerste:
'Karel 1, brak zijn been. Eén"
Met hoeveel ballen kon jij het ? Met twee of met drie ?

Jan de Crom zei op 29 juni 2020 om 13:24 uur

Prachtig Ineke. Weer wat voor de lijst Borgvliets Cultureel Erfgoed.
En ken je ook het versje dat de meisjes opzegden bij het kaatsenballen ?
Ik weet alleen de eerste:
'Karel 1, brak zijn been. Eén"
Met hoeveel ballen kon jij het ? Met twee of met drie ?

Jan van Loon zei op 29 juni 2020 om 13:45 uur

Jan Hultermans (de keeper van RKvv.Nieuw-Borgvliet) vertelde mij het volgende.
Kapelaan Oomen ging 1x per jaar, tijdens de grote vakantie, één dag met de jeugd (jongens en meisjes) van Borgvliet naar Boslust. Zij deden allerlei activiteiten. Ook voetballen natuurlijk. Kapelaan Oomen deed dan zelf ook mee.
Kapelaan Oomen is later pastoor in Dinteloord geworden. Als Borgvliet tegen DIVO moest spelen, was kapelaan Oomen supporter van Borgvliet. In Dinteloord vonden ze dat niet leuk. Maar hij zei ik zal altijd supporter van Borgvliet blijven.
Jan Hultermans was een zeer goede keeper van Borgvliet. Hij heeft zelfs een bisamrat in de sloot bij het spoor gevangen. Deze rat heeft hij op advies van Willem de Jong (de terreinknecht) naar het politiebureau gebracht. Daarvoor kreeg hij 5 gulden.

Louis Raaijmakers zei op 29 juni 2020 om 14:31 uur

Kapelaan Oomen was een voetballiefhebber. Met de misdienaars ging hij - volgens mij ook 1 x per jaar - naar Huybergen, naar het internaat waar we wedstrijdjes speelden. Ik ben een keer bij hem achterop de scooter naar Huybergen gereden toen hij dit ging regelen

Jan de Crom zei op 29 juni 2020 om 16:39 uur

Dan zal Jan Hultermans wel beter geweest zijn als de Lekke van Meto.

Louis Raaijmakers zei op 29 juni 2020 om 19:13 uur

Jan Hultermans was een heel goede keeper. Maar Jan, in Huybergen wordt onder de naam Vivoo gevoetbald. Nu, en toen ook al. Meto kwam van Hoogerheide. Hadden altijd wel een goede ploeg. In zijn nadagen speelde ex-NAC speler Louis Overbeke daar nog. Ik heb 1 x tegen hem gespeeld en hij was echt goed.

Jan de Crom zei op 29 juni 2020 om 19:54 uur

Jawel, ik weet wel over wie ik het heb. Die keeper uit Hoogerheide, van Meto dus, die soms halfdronken in z'n doel stond. Het mooiste doelpunt, dat ik op de Brombeer gezien heb, was de keer dat de "lekke" dacht: eerst de speler en dan de bal. Terwijl hij de aanvaller van Borgvliet onderuit haalde, huppelde de bal achter hem het doel in. Heb ook een keer gezien, dat hij tijdens de wedstrijd op de middenstip zijn veters opnieuw ging strikken. Je ziet het: die keeper van Hoogerheide werd de Lekke genoemd, omdat hij zelf vreemde doelpunten veroorzaakte. We hebben er op de middelbare school heel wat gasten uit Hoogerheide mee gepest.

Jan de Crom zei op 30 juni 2020 om 10:20 uur

De trekhond van Bartje van Geel
Bartje van Geel was de melkboer op Borgvliet. In de jaren '50 had hij een melkkar met een trekhond. Als je 's morgens uit de kerk kwam om naar school te gaan, zag je hem vaak tegenover de kerk staan. Hoewel een hondenliefhebber, durfde ik niet naar die hond. Het was een vals kreng.
Het heeft tot 1962 geduurd. Toen werd de trekhond verboden. In plaats daarvan kwam de ijzeren hond: een tweewielig trekkertje met motor.

Jan de Crom zei op 1 juli 2020 om 10:16 uur

Palmzondag.
De zondag voor Pasen waarop herdacht wordt, dat Jezus op een ezel Jeruzalem binnen rijdt. Toegejuicht door mensen met palmtakken.
Nou zijn er in Nederland verdomd weinig palmtakken. We moeten het doen met buxustakjes. Die gewijde takjes kon je in de kerk ophalen.
Mijn moeder liep met die takjes het hele huis door. Als ze alles had gehad, dan werd het takje op zolder tussen de planken en een balk van het dak gestoken. Daar zat het jaren later uitgedroogd nog. Waarom ? Het huis was dan beschermd tegen blikseminslag. Weer zo'n vorm van bijgeloof ? Ach, het huis aan de Antwerpsestraatweg staat er na bijna 90 jaar nog steeds.
Angst voor onweer zie ik nog steeds. Terwijl we toen al wisten, dat je de tijd tussen de bliksem en de donderslag kon tellen, zodat je wist hoeveel kilometer het onweer nog weg was. Toch werd het niet gewaardeerd, dat ik buiten ging kijken naar de bliksemschichten boven de Oosterschelde.

Louis Raaijmakers zei op 2 juli 2020 om 01:02 uur

Mijn moeder vertelde dat het in haar jeugd regelmatig voorkwam dat de boer op de bok van de paardenwagen doodbliksemde. Bij haar zat de schrik er goed in. Hoewel wij onder de kerk woonden - met bliksemafleiders - werden we bij onweer 's nachts uit bed getrommeld. Matras mee naar beneden en daar gingen we dan slapen. Ze noemde dat een kermisbed en op deze manier stond je snel buiten als de bliksem zou inslaan. Wij als kinderen vonden het wel wat. Ook bij ons heeft het gewerkt, Jan. Het huis staat er nog.

Jan de Crom zei op 2 juli 2020 om 11:10 uur

Zo erg was het bij ons niet dat we uit bed moesten. Ik ken wel verhalen van moeders, die met geldkistje of sieradenkistje op een stoel in de gang zaten te wachten tot het onweer over was. Want als het onweer de Oosterschelde over kwam, was het goed raak. Met waterhozen/windhozen werd het zand van het veld tegenover ons door de voordeur tegen de trap geblazen.

Willem Kruf zei op 2 juli 2020 om 13:22 uur

Ik sliep aan de achterkant van ons huis. Vanuit de kamer keek ik over de boskant naar de Oosterschelde. In de nachtelijke uren kon ik vanuit bed naar de onweersbuien boven de Ooster- en Westerschelde kijken. Dat waren mooie gezichten. Bij Westerstorm stond op het raam de volle wind uit de polder die door de Brabantse Wal omhoog werd gestuwd.
Trouwens is het zegde niet : “ Boven de Honte breekt de onweersbui
tweeën” ? De Honte is de Westerschelde. Een gedeelte van de bui trok dan over Hoogerheide.
Enne inderdaad gewijde Palmtakjes heb ik ook nog in de kerk meegenomen. Moeder hing ze dan boven een van de kastdeuren die naast de doorgang met schuifdeuren tussen voor- en achterkamer stonden.

Jan van Loon zei op 2 juli 2020 om 16:35 uur

Ook op de Duintjes kon het goed tekeergaan. Je zag de onweersbui over het water van het scheld aankomen. Het bleef dan bij ons lang onweren en bliksemen. Meerdere keren is de bliksem ingeslagen. Er is een schuur met hooi afgebrand. De bliksem sloeg een keer op de draad bij een weiland. 10 koeien die aan de draad stonden dood. Bij mijn oom Jac van Geel sloeg de bliksem binnen. Gelukkig niemand geraakt. Ik was dan altijd erg bang. Dat heb ik nog steeds. Ons moeder haalde ons dan uit bed. Dan zaten wij met z'n allen in de keuken. Alle blinkende voorwerpen moesten voor de ramen weg.
Op 1 februari 1953 bij de watersnood kwam het water over de spoorlijn tot net bij onze achterdeur. Wat een geluk. We moesten die dag te voet naar school met onze laarzen aan. Ook bij het schaliehoef liepen we door het water.

Jan de Crom zei op 2 juli 2020 om 18:52 uur

Hé Willem, die schuifdeuren van jou doen me denken aan de gelegenheidsversjes die je op school kon leren. Ik moet ergens een oranje boekje (natuurlijk speciaal voor de katholieke school) hebben waar een paar van die versjes in staan. Ik zal eens goed zoeken waar ik dat ding heb.
Ik weet zeker dat juf. Weyts van de Vincentius zo'n boekje had. Maar op de nonnenschool voor de meisjes konden ze er helemaal wat van. Het waren versjes voor de verjaardag van vader of moeder, voor een huwelijk, zelfs eentje voor een Heeroom. Als je het versje goed geleerd had, dan droeg je dat thuis op tussen de schuifdeuren. Van mijn zus herinner ik me het versje:
"Haasje met je lange oren.
"Wat ben jij toch stout vandaag.
"Pas maar op, straks komt de jager
"En die vat je in je kraag.
Natuurlijk luisterde de haas niet en liep het slecht met hem af.

Willem Kruf zei op 3 juli 2020 om 15:11 uur

Over Appollientje Melsen gesproken:
Voor haar succes bij het Europees songfestival kwam haar nichtje Corry Brokken regelmatig bij haar langs, aldus haar buurjongen.

Jan de Crom zei op 3 juli 2020 om 18:30 uur

Goh, als in mei en oktober er 's avonds lof was en er waren weer eens geen koorleden komen opdraven, dan wilde het nog wel eens gebeuren dat Jan Kalf solo zong. Misschien heeft Corrie Brokken dat gehoord en heeft ze gedacht: dat zingen is misschien ook wel wat voor mij.

Jan de Crom zei op 4 juli 2020 om 10:50 uur

"t Askruske.
De woensdag na carnaval was het begin van de vastentijd. Dan ging je naar de kerk voor het "askruske". De priester tekende met as een kruisje op je voorhoofd met de woorden (vertaald) "je bent van as gemaakt en je zal tot as wederkeren".
Voor kinderen was het alleen belangrijk hoe lang je dat kruisje op je hoofd kon bewaren. Er werd voorzichtig omheen gewassen. En als het kruisje toch vervaagde, kon je het stiekem bijwerken. Deed je dat met een afgebrande lucifer, dan viel je door de mand. Te zwart. Het beste bedrog kwam van de sigarenas, die een oom in de asbak had achtergelaten. Maar uiteindelijk wist iedereen dat, als een askruisje na drie weken nog op je kop zat, je de zaak aan het belazeren was.

Jan de Crom zei op 7 juli 2020 om 11:11 uur

De klokjes van Rome
Op paaszaterdag werd in de kerk de stilte van de vastentijd gebroken met alles wat kon luiden en klingelen. Dat vond ik altijd een indrukwekkend moment.
Wat een hoop mensen niet in de gaten hadden, waren de klokjes van Rome, die om 12 uur door de lucht kwamen.
Als je op dat moment een gekke bek trok, dan bleef je hele leven je hoofd zo staan. Als ik door winkelstraten loop, dan zie ik een hoop mensen, die er niet aan gedacht hebben dat de klokjes van Rome weer over gevlogen zijn.

Louis Raaijmakers zei op 7 juli 2020 om 14:33 uur

Toen je Appolientje Melsen noemde, Willem, kwam weer een oud besef boven over cohesie in een kleine gemeenschap, die ik in de stad wel mis. Ik moet dan denken aan enkele ‘bijzondere‘ mensen in het dorp Nieuw Borgvliet die er ‘gewoon’ bij hoorden en die ieder hun eigen plek in de gemeenschap hadden. Zo denk ik aan ons buurmeisje Joke Dekkers, die meedraaide in het gezin van Toos Dekkers en Eugène Kieboom. Fonske Leus, de fietsenmaker met zijn eigen reparatiewerkplaats. Jac Buysse die de scorebordjes verhing bij het voetbal op de Brombeer. Er waren er meer en er waren ook verschillende verstokte vrijgezellen die tot late leeftijd thuis woonden bij de ouders. Ik vond het toen de gewoonste zaak van de wereld, niks bijzonders.

Willem Kruf zei op 7 juli 2020 om 16:47 uur

Ja Louis, de gebroeders en Toke de Nijs, Piet van Geel aan de weg, melkboer Riekske de Crom van de Duintjes. En over cohesie: het kinderclubje van Gerrit Verdult achter in zijn Citroën deux cheveaux bestel naar de zandbergen bij Huijbergen op zaterdagmiddag. Toen mijn moeder in ziekenhuis lag half de jaren 1950, gewoon zes weken in de kost bij buurvrouw Jans Oerlemans. Eentje meer of minder in huis maakte niet uit.

Jan de Crom zei op 7 juli 2020 om 17:24 uur

Nou, nou. Dat vriendenclubje van mijn broer had een keer spoorbielzen tegen de voordeur van Appolientje Melsen gezet. En toen aangebeld.
Maar dat klopt weer wel: toen mijn moeder het hoorde, was mijn broer nog niet jarig.
Kent iemand nog Nelie Baks. Die woonde ook met een broer en een zus op een heuveltje vlak bij de Heimolen. We gingen er altijd langs omdat ze lekker koud putwater had. Je moest wel opschieten, want Nelie sprak met consumptie. En dan was je kroesje al half vol voor er putwater in zat.

Ineke van Tienen zei op 7 juli 2020 om 23:07 uur

Ik herinner me “ appelientje “ ook nog wel. Ze kwam op zondag naar de kerk. Een klein vriendelijk vrouwtje. Een beetje apart.
Bij Kieboom- Dekkers werden toneelstukken opgevoerd. Ik weet ook nog dat ik daar ik daar meespeelde bij uitvoeringen van het KMG ( Katholieke meisjesgilde)
Wij moesten als kind dan eerst door het cafe, daarna door een prive- ruimte waar iemand op sterven lag, en kwamen dan vervolgens in de zaak met het podium terecht. Ik was toen ongeveer 7 jaar,
Ik vond het heerlijk om toneel te spelen . Als klein DuimpJe in de hoofdrol.

Wiilem Kruf zei op 8 juli 2020 om 11:41 uur

Helaas is sinds 1 juli het koor ter ziele, zo las ik in de krant. De laatste uitvoeringen, op festivals in Alphen en Middelburg, zijn door de coronamaateregelen niet doorgegaan.

Jan de Crom zei op 8 juli 2020 om 13:05 uur

Ja, Ineke, het zal wel prima gegaan zijn in jouw tijd, want de kinderen waren nog niet zo 'mondig' . Van de jaren '70 weet ik nog van een kerstspel door kinderen van een kleuterschool. Tot ontzetting van de ouders kreeg toen een schaap ruzie met een herder.

Jan de Crom zei op 8 juli 2020 om 13:05 uur

Ja, Ineke, het zal wel prima gegaan zijn in jouw tijd, want de kinderen waren nog niet zo 'mondig' . Van de jaren '70 weet ik nog van een kerstspel door kinderen van een kleuterschool. Tot ontzetting van de ouders kreeg toen een schaap ruzie met een herder.

Jan van Loon zei op 8 juli 2020 om 13:08 uur

G.L.van Loon, Gerardus Ludovicus, Louis genoemd. Hij was mijn overgrootvader, geboren 5-4-1852 overleden 9-4-1932. Hij was gehuwd met Joanna Maria Melsen, geboren 25-5-1855 overleden 22-3-1927. (familie van "Appelientje" Melsen??). Zij hadden 15 kinderen. Een van hen was mijn opa Jan van Loon (Jan Kalf). Louis heeft op de boerderij het Schaliehoef gewoond. Deze boerderij -gelegen ten zuiden van Bergen op Zoom, toen nog Woensdrecht- kan worden aangeduid als de bakermat van de familie van Loon (sedert 1850). Louis heeft het Schaliehoef van zijn broer Kees overgenomen. Kees hield daarna een oog in het zeil en maakte allerlei opmerkingen over de werkwijze van zijn broer Louis op de boerderij. Kees was een en al mopperpot (onaangenaam) en kreeg de bijnaam Brombeer. Zo is mogelijk het voetbalterrein "De Brombeer" naar hem vernoemd. Het Schaliehoef dankt zijn naam aan het soort dak, dat uit schalie zou hebben bestaan. Een tussenvorm van leisteen en klei. Dat het Schaliehoef bekend is in Bergen op Zoom blijkt uit het feit dat de eerste prins Carnaval, prins Nilles I, zijn rijk het Krabbegat aanduidde: van het Pielekuswater (het Ravelijn) tot Schaliehoef (de boerderij van de familie van Loon).

Cor Luijsterburg zei op 8 juli 2020 om 13:56 uur

Ik kan me Appelientje erg goed herinneren. Ze werd door ons gepest en nageroepen als ze langs fietste. Ik weet nog dat ze op een donkere avond bij ons aan de achterdeur klopte. Ik schrok me rot toen ik de deur opende want ik dacht dat ze verhaal kwam halen voor ons pestgedrag. Maar ze kwam kersen verkopen.
Ze woonde aan de Antwerpsestraatweg. In haar huis woonde ook de onderwijzer van klas 2, zijn naam schiet me nu niet te binnen.
Toen ik op het klein-seminarie zat, bleek Appelientje een broer te hebben, Toon van Melsen. Hij was priester, gaf daar Frans en was ook conrector. Hi liet ons o.a. de Marseillaise, een speech van Napoleon (Cher soldats, je suis content de vous, vous avez....) en de eerste pagina's van Le Petit Prnce (J'ai vécu seul, sans personne....) van buiten leren. Ik kan ze nog opdreunen.
En over onderwijzers gesproken. Toen ik in de derde klas zat gaf dhr. Van Eekelen daar nog les, zijn laatste jaar voordat hij naar een andere school vertrok. Wij noemden hem de cowboy. In zin lokaal zat nog een kogelgat dat dateerde uit de oorlog. Hij had een zoon die ook misdienaar was.

schaamde ik me daarvoor

Willem Kruf zei op 8 juli 2020 om 14:18 uur

Die Appelientje heette voluit Apollonia Frederica Josephina Melsen en was in Woensdrecht geboren als dochter van de landbouwer P..J. Melsen. Als je googled op Delpher kranten op Melsen, Woensdrecht, Borgvliet krijg je heel veel hits, waaronder professor theologant Melsen. De Melsen's wonende in Woensdrecht en behorende tot parochie Borgvliet hadden menig maatschappelijke functies bij waterschappen, in de kerk en gemeentepolitiek.
Zo werd volgens het Dagblad van Noord-Brabant op 6 januari 1930 P..J. Melsen , landbouwer te Hildernisse, benoemd tot taxateur bij de paardenvordering ingevolge de inkwartieringswet.

Willem Kruf zei op 8 juli 2020 om 14:28 uur

Nieuw Borgvliet als voedingsbodem voor nieuwe ontwikkeling. Het Brabantsch Nieuwsblad meldde op 20 november 1944: De jeugdbeweging in ons bisdom. Wij vernemen van bevoegde zijde, dat thans in het Bisdom Breda de Verkennersorganisatie de eenigste Jeugdbeweging zal worden. Wel zal de jeugdzorg in den vorm van patronaat, e.d. blijven bestaan. Gisteren is op "Molenzicht" te Nieuw-Borgvliet een leiderscursus voor de Verkennerij begonnen.

Jan de Crom zei op 8 juli 2020 om 14:32 uur

In 1952 kregen we een nieuwe onderwijzer op de Vincentius: meester Theuns. Wie daarvoor was weet ik niet. In 1953 werd van Eekelen ook al de cowboy genoemd. Hij had een aparte manier van straffen: hij sloeg met twee vingers tegen je oor en dat zei hij "gadver, kerel". Het is me regelmatig gebeurd. Niet omdat ik stout was, maar Toontje Suikerbuik zat altijd met z'n inktpotje te knoeien en als het dan weer eens mis ging, moest ik er om lachen. Dat mocht ook niet.

Jan de Crom zei op 8 juli 2020 om 14:32 uur

In 1952 kregen we een nieuwe onderwijzer op de Vincentius: meester Theuns. Wie daarvoor was weet ik niet. In 1953 werd van Eekelen ook al de cowboy genoemd. Hij had een aparte manier van straffen: hij sloeg met twee vingers tegen je oor en dat zei hij "gadver, kerel". Het is me regelmatig gebeurd. Niet omdat ik stout was, maar Toontje Suikerbuik zat altijd met z'n inktpotje te knoeien en als het dan weer eens mis ging, moest ik er om lachen. Dat mocht ook niet.

Jan van Loon zei op 8 juli 2020 om 16:27 uur

De nieuwe onderwijzer zou dat meneer Bitter kunnen zijn. ? Meneer van Eekelen kon heel boeiend vertellen. Hij vertelde dikwijls over het boze bosmannetje. Dan riep hij wee wee het boze bosmannetje en dan sloeg hij met de platte hand op zijn lessenaar. Iedereen schrok, want wij zaten ademloos en gespannen te luisteren

Toon Maes zei op 8 juli 2020 om 17:19 uur

Cor Luijsterburg, die Franse leraar op het seminarie heette Alphonsus (Fons) Melsen, zijn ouders woonde op het laatst op de Antwerpsestraatweg naast de Lelie.
Deze Fons was huisvriend van mijn ouders en heeft ons getrouwd en onze kinderen gedoopt. Een bijzondere man, levensgenieter. Was ook imker.

Louis Raaijmakers zei op 8 juli 2020 om 19:30 uur

Er komt wel lekker veel over het dorp naar boven zo, moet nog wel goed nadenken. Bijvoorbeeld over Fons Melsen. En leuk, de mogelijke oorsprong van de naam van de Brombeer. Meneer Van Eekelen (derde klas) was inderdaad een geweldig verteller van het verhaal over het boze bosmannetje van Sicilie. Ik heb het later nog gezocht en gevonden. De schrik over de kreet van dit bosmannetje leeftde als een legende op de school. Pas op, want je schrikt je kapot als je niet bij de les blijft. Meneer Van Eekelen wachtte ook wel op het goede moment om 'wee, wee, wee, te roepen. Ik mocht hem graag. Ik heb hem een keer furieus gezien op een van de broertjes Peters, die hij achterna zat op het schoolplein toen hij iets had uitgevreten. Zijn zoon Jan was inderdaad ook misdienaar. Meneer Bitter had ik in de vijfde klas. Een heel traumatisch jaar; ik kon niets met die man. Die leraar van de tweede klas was, denk ik, meneer Baart. Hij is later in Wouw/Roosendaal schoolhoofd geworden. In die functie heb ik hem nog ontmoet toen ik als bibliothecaris scholen adviseerde.

Jan de Crom zei op 8 juli 2020 om 20:54 uur

Die gasten van Peters en Polderman waren berucht. Toen ik in de zesde klas zat (1956), zaten bij het raam de kinderen die voorbereid werden op het toelatingsexamen van de middelbare school. In de midden rij zaten de kinderen die naar de ambachtsschool gingen en in de rij bij de deur zaten gasten als Peters en Polderman te wachten tot ze niet meer leerplichtig waren.
Je kon maar beter bij ze uit de buurt blijven.

Willem Kruf zei op 8 juli 2020 om 22:08 uur

Hee Jan,
Polderman zegt me niets.
Peeters ken ik uit de duivensport.
De ouderen Toon en Janus. Dan de tweeling Piet en Cees, waar jij het vermoedelijk hebt.
Vanavond zat ik nog aan tafel met een kleinzoon van Steketee bus- en taxi-ondernemer. Hij zat Antwerpsestraatweg 444, waar later Liefbroer autobanden en nog later Rinus Elst speelautomaten zat.

Willem Kruf zei op 8 juli 2020 om 22:17 uur

Hee Toon en Cor,
P..J. Melsen trok in 1934 van Woensdrecht naar de Antwerpsestraatweg.
De kinderen Fons en Apollinia zullen toen mee verhuisd zijn.

Cor luijsterburg zei op 8 juli 2020 om 23:38 uur

Dag Willem. Dat is dus het huis waar Appelientje is blijven wonen. Meester Ararat woonde met vrouw en dochtertje bij haar in.

Reactie toevoegen

Je e-mailadres is privé en zal niet openbaar worden gemaakt.

Platte tekst

  • Geen HTML toegestaan.
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.
  • Web- en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.