Het rijke roomse leven in brabant 1900-1970

Naar het juvenaat (4/5) - Leve de vrijheid

Na de grote vakantie schoven wij door naar het groot juvenaat dat onder leiding stond van broeder Clementinus. De meesten van ons gingen automatisch naar de kweekschool die in het complex van Saint Louis was gevestigd. Een school die vol stond met nostalgische instrumenten en kaarten. Broeder Donatianus gaf er op onnavolgbare wijze tekenles.

Goedlachse broeder Donatianus

Broeder Bernardus bedwong met zijn ogen en stem de klassen. Door zijn encyclopedische plantenkennis en de wijze waarop hij natuurkundige proeven demonstreerde, voelden wij pubers ons kleuters. "Zo, hebben jullie de toverhazelaar al zien bloeien? Of zitten jullie dat ook al niet te weten?" Wij moesten tientallen planten drogen, determineren, inplakken en hadden dan een proefwerk, "plantenfeest".

Planten drogen voor het planten”feest”

We maakten prachtige handwerkstukken met allerlei technieken. De beoordeling was steeds: "Er zijn goeie en minder goeie." Meneer Jansen gaf als een showman in het poortgebouw muziekles. Velen zouden het blokfluiten echter nooit leren. Maar ik had de blokfluit zo snel onder de knie dat ik die lessen niet meer hoefde bij te wonen.

Helaas moesten we deze mooie locatie verlaten, er was aan de rand van het dorp een nieuwe kweekschool gebouwd: De Vossenberg. Een door directeur Hoornik strak geleide school met veel aandacht voor sport. Ik gaf me op voor de atletiekclub en voor judo. Als student liepen we stage op naburige scholen. Wat een andere omgeving, wat een ontmoeting met andere mensen.

Na twee jaar verlieten wij het groot juvenaat en werden wij ondergebracht in het naburige klooster, noviciaat, van de broeders in Bosschenhoofd.

In Bosschenhoofd kreeg broeder William, die jarenlang de kok van het juvenaat was geweest, de leiding over onze groep van 12… resterende juvenisten. Een van ons, Wim Kramer, had de koksschool doorlopen en ging William, die als een vader voor ons was, assisteren.

Broeder William.
Ook ere-maatschappelijk werker van Bosschenhoofd.

Wat een ruimte voor onze kleine groep in dit gebouw! Geen studiezaal meer maar een eigen kamer! Na de dienst in de kapel en het ontbijt trokken we naar De Vossenberg. Nu op de brommer. Ik werd lid van het West-Brabants jongerenkoor o.l.v. broeder Emilius Vervaart. Een koor met eigen orkest. En het was een gemengd koor. Mijn ogen gingen open er was meer in de wereld dan een klooster. In de basiliek van Oudenbosch traden we met koor en orkest op, het halleluja van Händel klonk prachtig en we gingen zelfs naar de VARA radio.

Door de sportclubs, het zangkoor en het stage lopen zwierven we vaak buiten het noviciaat en het dorp. Broeder William gaf ons ook alle vrijheid. De maatschappij veranderde, kerken liepen leeg. Wij hadden diverse broeders zien uittreden en waren er aan gewend geraakt vrienden uit ons midden opeens kwijt te raken. In het dorp richtten wij een ritmisch koor op en eens in de 14 dagen verzorgden wij in de parochiekerk van Bosschenhoofd een ritmische dienst. Liedjes genoeg en zingen konden we als de besten. De missen sloegen aan en dorpsgenoten als de buurmeisjes Van Velzen etc. sloten zich bij ons aan. Het koor groeide en groeide. We kregen baantjes aangeboden op Bosbad Hoeven en om met carnaval in een café te helpen met de bediening.

Koor van de Vossenberg. Meneer Jansen achter het orgel maakte van elke les een show. Ik ben 5e van rechts net zichtbaar.
West-Brabants jongerenkoor o.l.v. broeder Emilius in de VARAstudio. Ik ben de eerste jongen van links.

Nooit zou ik zoveel vrijheid meer ervaren. Je bent 18, 19 jaar. Voor je gevoel kun je de wereld aan. Hormonen knetteren in je lijf. Je hebt succes op de judomat en atletiekbaan en je slaagt net als alle anderen voor het diploma onderwijzer.

Lees ook de andere delen

Reactie toevoegen

Je e-mailadres is privé en zal niet openbaar worden gemaakt.

Platte tekst

  • Geen HTML toegestaan.
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.
  • Web- en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.